id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 20 april 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2010
Art. 97
Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - STRAFZAKEN - Vormen - Vorm van het cassatieberoep en vermeldingen UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in strafzaken - Vormen - Vorm van het cassatieberoep en vermeldingen STRAFRECHT - TENUITVOERLEGGING VAN DE STRAFFEN - Externe rechtspositie veroordeelden - Algemeen Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechtbank - Cassatieberoep door de veroordeelde - Verklaring van cassatieberoep - Vereisten Wettelijke bepalingen:
Art. 97
Fiches 3 - 4 Het Hof kan de regelmatigheid van het cassatieberoep, ingesteld tegen een vonnis van de strafuitvoeringsrechtbank ter griffie van de gevangenis, enkel controleren indien de akte van het cassatieberoep uitdrukkelijk vermeldt dat de advocaat is verschenen en dat hij, eventueel samen met de veroordeelde, op het ogenblik van het aantekenen van het cassatieberoep, de akte van cassatieberoep heeft ondertekend; de akte die enkel vermeldt dat de veroordeelde verschijnt en zelf cassatieberoep aantekent, en verder alleen vermeldt dat een advocaat de akte heeft getekend zonder uitdrukkelijk vast te stellen welke de identiteit van de advocaat is, dat die advocaat op het ogenblik van het aantekenen van het cassatieberoep is verschenen en de akte heeft ondertekend, voldoet niet aan voormelde vereisten en leidt tot de niet-ontvankelijkheid van het cassatieberoep. Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - STRAFZAKEN - Vormen - Vorm van het cassatieberoep en vermeldingen UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in strafzaken - Vormen - Vorm van het cassatieberoep en vermeldingen STRAFRECHT - TENUITVOERLEGGING VAN DE STRAFFEN - Externe rechtspositie veroordeelden - Algemeen Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechtbank - Cassatieberoep door de veroordeelde - Controle van de regelmatigheid door het Hof - Vereiste vermeldingen in de akte van cassatieberoep - Toepassing Wettelijke bepalingen:
Art. 97
Thesaurus CAS: STRAFUITVOERING UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in strafzaken - Vormen - Vorm van het cassatieberoep en vermeldingen STRAFRECHT - TENUITVOERLEGGING VAN DE STRAFFEN - Externe rechtspositie veroordeelden - Algemeen Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechtbank - Cassatieberoep door de veroordeelde - Controle van de regelmatigheid door het Hof - Vereiste vermeldingen in de akte van cassatieberoep - Toepassing Wettelijke bepalingen:
Art. 97Tekst van de beslissing Nr.
P.10.0539.N M. B. veroordeelde tot een vrijheidsstraf, gedetineerd, eiser, met als raadsman mr. Jürgen Millen, advocaat bij de balie te Tongeren. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis van de strafuitvoeringsrechtbank te Antwerpen van 19 maart
- De eiser voert in een memorie twee middelen aan. Afdelingsvoorzitter Edward Forrier heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
- Artikel 97, § 1, tweede lid, Wet Strafuitvoering, zoals gewijzigd bij artikel 2, 2°, van de wet van 6 februari 2009 tot wijziging van artikel 97 van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelde tot een vrijheidsstraf en van de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten, bepaalt: "De veroordeelde stelt het cassatieberoep in binnen een termijn van vijftien dagen, te rekenen van de uitspraak van het vonnis. De verklaring van cassatieberoep moet door een advocaat worden ondertekend. De cassatiemiddelen worden voorgesteld in een memorie die op de griffie van het Hof van Cassatie moet toekomen ten laatste op de vijfde dag na de datum van het cassatieberoep."
- Uit de voorbereidende werken van de wijzigingswet van 6 februari 2009 blijkt dat de wetgever met het invoeren van het vereiste dat een advocaat het cassatieberoep moet ondertekenen, de bedoeling had dat een advocaat zou fungeren als een soort filter die het succes van een eventueel cassatieberoep kritisch afweegt en daardoor het aantal niet-gegronde cassatieberoepen beperkt. Dat is ook een van de redenen waarom de wetgever de termijn voor het cassatieberoep heeft bepaald op vijftien dagen vanaf de uitspraak in plaats van vierentwintig uur na de kennisgeving van het vonnis bij gerechtsbrief en waarom de advocaat ook buiten de aanwezigheid van de veroordeelde op de griffie van de strafuitvoeringsrechtbank, cassatieberoep kan aantekenen. Daaruit volgt dat wanneer de veroordeelde toch zelf in de gevangenis cassatieberoep wenst aan te tekenen tegen een vonnis van de strafuitvoeringsrechtbank, hij dit slechts regelmatig kan doen indien op datzelfde ogenblik ook zijn advocaat samen met hem in de gevangenis verschijnt en de akte ondertekent.
- Het Hof kan de regelmatigheid van het cassatieberoep ingesteld ter griffie van de gevangenis enkel controleren indien de akte van het cassatieberoep uitdrukkelijk vermeldt dat de advocaat is verschenen en dat hij, eventueel samen met de veroordeelde, op het ogenblik van het aantekenen van het cassatieberoep, de akte van cassatieberoep heeft ondertekend. De akte die enkel vermeldt dat de veroordeelde verschijnt en zelf cassatieberoep aantekent, en verder alleen vermeldt dat een advocaat de akte heeft getekend zonder uitdrukkelijk vast te stellen welke de identiteit van de advocaat is en dat die advocaat op het ogenblik van het aantekenen van het cassatieberoep is verschenen en de akte heeft ondertekend, voldoet niet aan voormelde vereisten en leidt tot de niet-ontvan¬ke¬lijk¬heid van het cassatieberoep.
- Uit de twee overgelegde door de griffier van de gevangenis te Hasselt voor eensluidend verklaarde afschriften van eenzelfde akte van cassatieberoep van 23 maart 2010, blijkt dat volgens het eerste eensluidend verklaarde afschrift van de akte alleen de veroordeelde is verschenen en cassatieberoep heeft aangetekend en dat op dat ogenblik geen advocaat mede is verschenen en de akte heeft ondertekend. Volgens een tweede gelijkluidend afschrift van diezelfde akte van 23 maart 2010 heeft een advocaat die akte wel ondertekend. Daargelaten het verschil tussen twee eensluidend verklaarde afschriften van eenzelfde akte, blijken uit de beide afschriften noch de volledige identiteit van de advocaat die is verschenen, noch dat hij op de griffie van de gevangenis is verschenen samen met de veroordeelde, noch op welk ogenblik hij dan toch de akte van cassatieberoep zou hebben ondertekend. De akte van cassatieberoep laat het Hof derhalve niet toe de regelmatigheid van het cassatieberoep te controleren. Het cassatieberoep is niet ontvankelijk. Middelen
- De middelen die geen betrekking hebben op de ontvankelijkheid van het cassatieberoep, behoeven geen antwoord. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Bepaalt de kosten op 5,31 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, de raadsheren Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt, Koen Mestdagh en Geert Jocqué, en op de openbare rechtszitting van 20 april 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc Timperman, met bijstand van afgevaardigd griffier Conny Van de Mergel. PDF document ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100420.4 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090505.15 ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100223.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div