← België

ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100427.2

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 27 april 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100427.2 Rolnummer: P.09.1625.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2010-05-10 Raadplegingen: 462 - laatst gezien 2026-07-02 18:03 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 5 Het misdrijf bepaald in artikel 67ter Wegverkeerswet is voltrokken wanneer de identificatie van de overtreder niet is gebeurd; de plaats van het misdrijf is derhalve de plaats waar de door voornoemde wetsbepaling voorgeschreven mededeling moet worden ontvangen

(1).
(1)Cass., 22 april 2008, AR P.08.0250.N ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080422.6, A.C., 2008, nr.
  1. Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 67 - Artikel 67ter UTU-thesaurus: STRAFRECHT - WEGVERKEER - Wegverkeerwet - 16 maart 1968 - Vermoeden bestuurder - art. 67bis-ter Vrije woorden: Overtreding begaan met een motorvoertuig op naam van een rechtspersoon - Identificatie van de overtreder - Verplichting tot mededeling van de identiteit - Ogenblik waarop het misdrijf voltrokken is Thesaurus CAS: MISDRIJF - ALGEMEEN. BEGRIP. MATERIEEL EN MOREEL BESTANDDEEL. EENHEID VAN OPZET UTU-thesaurus: STRAFRECHT - WEGVERKEER - Wegverkeerwet - 16 maart 1968 - Vermoeden bestuurder - art. 67bis-ter Vrije woorden: Algemeen - Artikel 67ter Wegverkeerswet - Overtreding begaan met een motorvoertuig op naam van een rechtspersoon - Identificatie van de overtreder - Verplichting tot mededeling van de identiteit - Ogenblik waarop het misdrijf voltrokken is Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 67 - Artikel 67ter UTU-thesaurus: STRAFRECHT - WEGVERKEER - Wegverkeerwet - 16 maart 1968 - Vermoeden bestuurder - art. 67bis-ter Vrije woorden: Overtreding begaan met een motorvoertuig op naam van een rechtspersoon - Identificatie van de overtreder - Verplichting tot mededeling van de identiteit - Plaats van het misdrijf Thesaurus CAS: MISDRIJF - ALGEMEEN. BEGRIP. MATERIEEL EN MOREEL BESTANDDEEL. EENHEID VAN OPZET UTU-thesaurus: STRAFRECHT - WEGVERKEER - Wegverkeerwet - 16 maart 1968 - Vermoeden bestuurder - art. 67bis-ter Vrije woorden: Algemeen - Artikel 67ter Wegverkeerswet - Overtreding begaan met een motorvoertuig op naam van een rechtspersoon - Identificatie van de overtreder - Verplichting tot mededeling van de identiteit - Plaats van het misdrijf Thesaurus CAS: BEVOEGDHEID EN AANLEG - STRAFZAKEN - Bevoegdheid UTU-thesaurus: STRAFRECHT - WEGVERKEER - Wegverkeerwet - 16 maart 1968 - Vermoeden bestuurder - art. 67bis-ter Vrije woorden: Territoriale bevoegdheid - Artikel 67ter Wegverkeerswet - Overtreding begaan met een motorvoertuig op naam van een rechtspersoon - Identificatie van de overtreder - Verplichting tot mededeling van de identiteit - Plaats van het misdrijf Tekst van de beslissing Nr. P.09.1625.N FAGOEMPEL bvba, beklaagde, eiseres, met als raadsman mr. Willy Moors, advocaat bij de balie te Mechelen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank te Brussel van 7 oktober
  2. De eiseres voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Afdelingsvoorzitter Edward Forrier heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
  3. Het middel voert schending aan van artikel 7 EVRM, de artikelen 12, 14 en 149 Grondwet, de artikelen 23 en 139 Wetboek van Strafvordering, artikel 5 Strafwetboek en de artikelen 29ter en 67ter Wegverkeerswet. Eerste onderdeel
  4. Het onderdeel voert aan dat de appelrechters onterecht hebben geoordeeld dat zij territoriaal bevoegd zijn.
  5. Artikel 67ter Wegverkeerswet, ingevoegd bij de wet van 4 augustus 1996, bepaalt: "Wanneer een overtreding van deze wet en haar uitvoeringsbesluiten is begaan met een motorvoertuig, ingeschreven op naam van een rechtspersoon, zijn de natuurlijke personen die de rechtspersoon in rechte vertegenwoordigen ertoe gehouden de identiteit van de bestuurder op het ogenblik van de feiten mee te delen of, indien zij die niet kennen, de identiteit van de persoon die het voertuig onder zich heeft. De mededeling moet gebeuren binnen een termijn van 15 dagen te rekenen vanaf de datum waarop de vraag om inlichtingen gevoegd bij het afschrift van het proces-verbaal werd verstuurd. Indien de persoon die het voertuig onder zich heeft niet de bestuurder was op het ogenblik van de feiten moet hij eveneens, op de wijze hierboven vermeld, de identiteit van de bestuurder meedelen. De natuurlijke personen die de rechtspersoon in rechte vertegenwoordigen als titularis van de nummerplaat of als houder van het voertuig, zijn ertoe gehouden de nodige maatregelen te nemen om aan deze verplichting te voldoen."
  6. Het misdrijf bepaald in artikel 67ter Wegverkeerswet is voltrokken wanneer de identificatie van de overtreder niet is gebeurd. De plaats van het misdrijf is derhalve de plaats waar de door voornoemde wetsbepaling voorgeschreven mededeling moet worden ontvangen. Het onderdeel dat van een andere rechtsopvatting uitgaat, faalt naar recht. Tweede onderdeel
  7. Het onderdeel voert aan dat de appelrechters onterecht hebben geoordeeld dat de eiseres aansprakelijk is terwijl zij hebben nagelaten te motiveren dat deze als rechtspersoon een zwaardere fout beging dan de natuurlijke persoon.
  8. De overtreding van artikel 67ter Wegverkeerswet kan ten laste gelegd worden van de rechtspersoon, de natuurlijke persoon of beiden, overeenkomstig artikel 5 Strafwetboek.
  9. Hoewel natuurlijke personen alle aan een rechtspersoon toegerekende misdrijven verwerkelijken, betekent dit niet dat de strafrechter gehouden is te onderzoeken of het misdrijf ook aan een natuurlijke persoon toegerekend kan worden wanneer deze hiervan niet beklaagd wordt. Hij moet in dat geval enkel nagaan of de vervolgde rechtspersoon voor het misdrijf verantwoordelijk gesteld kan worden.
  10. De appelrechters oordelen onaantastbaar dat de telastlegging aan de eiseres materieel en moreel toerekenbaar is. In zoverre het onderdeel tegen dat oordeel opkomt is het niet ontvankelijk.
  11. Anders dan het onderdeel aanvoert, hebben de appelrechters met de redenen die het bestreden vonnis (ro 3) vermeldt, het verweer van de eiseres beantwoord. In zoverre mist het onderdeel feitelijke grondslag. Ambtshalve onderzoek van de overige beslissingen op de strafvordering
  12. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres in de kosten. Bepaalt de kosten op 63,39 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt, Koen Mestdagh en Filip Van Volsem, en op de openbare rechtszitting van 27 april 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100427.2 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080422.6 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.