2°,
van de Ziekenfondswet volgt dat niet elke vergelijking in reclame voor een ziekenfonds, landsbond of dienst verboden is, maar slechts vergelijkende reclame waarbij al dan niet uitdrukkelijk de naam of een dienst van een ander ziekenfonds of landsbond wordt vermeld, hetzij rechtstreeks, hetzij door verwijzing naar een vergelijkende studie
INVALIDITEITSVERZEKERING - ALGEMEEN UTU-thesaurus: SOCIAAL RECHT - SOCIALE ZEKERHEID - Ziekenfondsen - Controledienst Vrije woorden: Ziekenfonds - Controledienst - Vergelijkende reclame - Verbod Wettelijke bepalingen: Wet - 06-08-1990 - Art. 43quater, §§ 1, 1°
2°, § 2 Fiche 2 Het is een wezenlijk kenmerk van reclame dat de onderneming of instelling, het product of de dienst waarvoor de reclame wordt gevoerd, daarbij identificeerbaar is, zodat de vergelijkende reclame zoals bedoeld in artikel 43quater § 1, 2° van de Ziekenfondswet die krachtens § 2 van dat artikel verboden is, reclame is die behalve het ziekenfonds, de landsbond of de dienst bedoeld in § 1,1° waarvan de reclame uitgaat, één of meer andere ziekenfondsen, landsbonden of diensten via vergelijking identificeert
INVALIDITEITSVERZEKERING - ALGEMEEN UTU-thesaurus: SOCIAAL RECHT - SOCIALE ZEKERHEID - Ziekenfondsen - Controledienst Vrije woorden: Ziekenfonds - Controledienst - Vergelijkende reclame - Definitie Wettelijke bepalingen: Wet - 06-08-1990 - Art. 43quater, §§ 1, 1°
2°, § 2 Fiches 3 - 4 Conclusie van advocaat-generaal MORTIER. Thesaurus CAS: ZIEKTE-
INVALIDITEITSVERZEKERING - ALGEMEEN UTU-thesaurus: SOCIAAL RECHT - SOCIALE ZEKERHEID - Ziekenfondsen - Controledienst Vrije woorden: Ziekenfonds - Controledienst - Vergelijkende reclame - Verbod Ziekenfonds - Controledienst - Vergelijkende reclame - Definitie Tekst van de beslissing Nr. S.09.0072.N CONTROLEDIENST VOOR DE ZIEKENFONDSEN
DE LANDS-BONDEN VAN ZIEKENFONDSEN, openbare instelling, met zetel te 1210 Sint-Joost-ten-Node, Sterrenkundelaan 1, eiser, vertegenwoordigd door mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 9051 Gent, Driekoningenstraat 3, waar de eiser woonplaats kiest, tegen LANDSBOND VAN DE ONAFHANKELIJKE ZIEKENFONDSEN, erkende ziekteverzekeringsinstelling, met zetel te 1150 Sint-Pieters-Woluwe, Sint Huibrechtsstraat 19, verweerder, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, waar de verweerder woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest, op 7 mei 2009 gewezen door het arbeidshof te Brussel. Raadsheer Koen Mestdagh heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Ria Mortier heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiser voert in zijn verzoekschrift een middel aan. Geschonden wettelijke bepalingen - de artikelen 1
43quater, §1, 1°
2°,
, van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen
de landsbonden van ziekenfondsen. Aangevochten beslissing In de bestreden beslissing verklaart het arbeidshof het hoger beroep van de eiser ongegrond
bevestigt het dienvolgens de beslissing van de arbeidsrechtbank de door de eiser opge¬legde administratieve sanctie ten bedrage van 800,00 euro wegens het voeren van vergelijkende reclame te vernietigen. Het arbeidshof neemt die beslissing op grond van alle vaststellingen
motieven waarop het steunt
die hier beschouwd worden integraal te zijn hernomen
in het bijzonder de volgende: "A. HET HOOFDBEROEP 1. (De eiser) is van oordeel dat de uitgesproken sanctie wegens vergelijkende reclame wel degelijk gegrond was. De verboden vergelijking zou met name terug te vinden zijn in de gebruikte termen: ‘... het duidelijkste onderscheid zit in de extra producten
diensten die wij je aanbieden ...', ‘... onze hospitaalverzekering biedt je één van de ruimste dekkingen in de branche ...'
‘Geen wonder dat we nationaal ... al snel uitgroeiden tot de derde grootste ziekenfondsgroep van het land ...'. (De eiser) verwijst daarbij naar de bijzondere doelstellingen van de wet op de ziekenfondsen, die zich onderscheidt van de regelgeving inzake handelspraktijken, omdat de ziekenfondsen voor een deel van hun activiteiten een openbare dienst uitmaken. De wettelijke bepalingen zouden aldus zeer strikt moeten toegepast worden, waarbij iedere publiciteit, die een vergelijking tussen één of meerdere ziekenfondsen toelaat, verboden is. (De eiser) verwijst ook naar de voorbereidende werken van de wet waarin vermeld wordt dat iedere vergelijkende reclame verboden is ‘waarbij al dan niet uitdrukkelijk de naam of een dienst van een ziekenfonds of een landsbond wordt vermeld'. 2. Artikel 43quater van de wet van 6 augustus 1990 op de ziekenfondsen, zoals gewijzigd door de wet van 12 augustus 2000, bepaalt het volgende: ‘§1. Voor de toepassing van deze wet verstaat men onder: 1° reclame: elke vorm van mededeling met als directe of indirecte doelstelling de promotie ofwel van de aansluiting bij een ziekenfonds of van het ziekenfonds zelf ofwel van een dienst in de zin van artikel 3, eerste lid, b)
c),
7, §4, ingericht door een ziekenfonds, een landsbond of een rechtspersoon met dewelke het ziekenfonds of de landsbond een samenwerkingsakkoord heeft afgesloten; 2° vergelijkende reclame: elke reclame die op directe of indirecte, expliciete of impliciete wijze via vergelijking één of meerdere ziekenfonds(
) of landsbond(
) identificeert of een dienst bedoeld sub 1°, 3° bedrieglijke reclame: elke reclame die op
igerlei wijze, met inbegrip van haar presentatie, tot vergissing leidt of kan leiden
die ingevolge dit bedrieglijk karakter het gedrag van de leden kan beïnvloeden of die om deze redenen nadeel berokkent of kan berokkenen aan één of meerdere ander(e) ziekenfonds(
) of landsbond(
). §
de voorbereidende werken van de wet, blijkt dat de wetgever de publiciteit, die kan gevoerd worden door ziekenfondsen
landsbonden, aan zeer beperkende regels heeft willen onderwerpen (zonder dat nochtans iedere publiciteit verboden wordt). De restrictieve doelstellingen van de wetgever kunnen er echter niet toe leiden een wetgeving te interpreteren op een manier die niet meer met de tekst van de wet in overeenstemming te brengen is. Opdat een reclame als vergelijkende reclame kan aangezien worden is, overeenkomstig art. 43quater §1, 2°, van de wet vereist dat, via vergelijking, één of meer landsbonden of ziekenfondsen ‘geïdentificeerd worden of kunnen worden' Door de vermelding ‘... het duidelijkste onderscheid zit in de extra producten
diensten die wij je aanbieden ...', ‘... onze hospitaalverzekering biedt je één van de ruimste dekkingen in de branche ...'
‘Geen wonder dat we nationaal .... al snel uitgroeiden tot de derde grootste ziekenfondsgroep van het land ...', wordt echter geen
kel ander ziekenfonds, buiten het eigen ziekenfonds geïdentificeerd. Zulks geldt met name ook niet uit de vermelding dat (de verweerder) uitgroeide tot de derde grootste ziekenfondsgroep: wie de andere landsbonden zijn
in welke rang ze zich precies plaatsen blijkt geenszins uit de folder. De uitbreidende interpretatie die (de eiser) wenst te geven aan het verbod op vergelijkende reclame, kan des te minder aanvaard worden nu het reclameverbod gesanctioneerd wordt met belangrijke administratieve geldboetes
volgens de basisbeginselen van het strafrecht, die ook van toepassing zijn op de administratieve boetes, iedere bestraffing veronderstelt dat er een misdrijf is, waarvan de bestanddelen nauwkeurig omschreven zijn (...). Het vonnis van de eerste rechter dient dan ook bevestigd te worden." (5de
6de blad van het bestreden arrest). Grieven 1. De wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen
de landsbonden van ziekenfondsen, hieronder afgekort als Ziekenfondswet, stelt, luidens zijn artikel 1, de voorwaarden vast waaraan de ziekenfondsen
de landsbonden van ziekenfondsen moeten beantwoorden om rechtspersoonlijkheid te bekomen, bepaalt hun opdrachten
de basisregels voor hun werking
organiseert het toezicht waaraan zij zijn onderworpen. Luidens artikel 43quater, §2, van de Ziekenfondswet, is elke vergelijkende reclame in hoofde van een ziekenfonds of een landsbond verboden. In de eerste paragraaf van dat artikel wordt omschreven wat voor de toepassing van die wet onder reclame
onder vergelijkende reclame moet worden verstaan. Krachtens artikel 43quater, §1, 1°, van de Ziekenfondswet is reclame elke vorm van mededeling met als directe of indirecte doelstelling de promotie ofwel van de aansluiting bij een ziekenfonds of van het ziekenfonds zelf ofwel van een dienst in de zin van artikel 3, eerste lid, b)
c),
7, § 4, ingericht door een ziekenfonds, een landsbond of een rechtspersoon met dewelke het ziekenfonds of de landsbond een samenwerkingsakkoord heeft afgesloten. Krachtens het secundo van het voornoemde artikel 43quater, §1, wordt onder vergelijkende reclame verstaan: elke reclame die op directe of indirecte, expliciete of impliciete wijze via vergelijking één of meerdere ziekenfonds(
) of landsbond(
) identificeert of een dienst bedoeld sub 1°. Uit artikel 43quater, §1
, van de Ziekenfondswet, volgt dat de wetgever elke vergelijkende reclame heeft willen verbieden. Wanneer een reclame op directe of indirecte, expliciete of impliciete wijze via vergelijking (
kel) het eigen ziekenfonds identificeert, is evenzeer sprake van (verboden) vergelijkende reclame: het volstaat dat, via vergelijking, één ziekenfonds of landsbond wordt geïdentificeerd. 2.1.1. Zoals het arbeidshof in het bestreden arrest vermeldt (5de blad, bovenaan, van het bestreden arrest), voerde de eiser in regelmatig ter griffie van het arbeidshof neergelegde conclusies aan dat het gebruik van de woorden "het duidelijkste onderscheid zit in de extra producten
diensten die wij je aanbieden", "onze hospitaalverzekering biedt je één van de ruimste dekkingen in de branche"
"derde grootste ziekenfondsgroep van het land" in een reclamefolder die werd verspreid door de ziekenfondsen die bij de verweerder zijn aangesloten, een vergelijkende reclame inhoudt als bedoeld in artikel 43quater, §2, van de Ziekenfondswet (bv. blz. 16 tot 18, van de "Synthesebesluiten na de derde synthesebesluiten in hoger beroep van de LOZ" van de eiser). Daarbij voerde de eiser tevens aan dat een algemene vergelijking in een reclame daadwerkelijk een vergelijkende reclame uitmaakt gelet op het (beperkt) aantal spelers op deze markt
dat de vergelijking overduidelijk is in zulk een kleine wereld als de mutualistische wereld (blz. 17, tweede
derde alinea, van de "Synthesebesluiten na de derde synthesebesluiten in hoger beroep van de LOZ" van de eiser), alsook dat de vergelijking duidelijk
onmiskenbaar wordt gemaakt ten aanzien van de andere vier landsbonden van ziekenfondsen, dat de ‘derde grootste'
kel kan bestaan in vergelijking met de andere spelers op de markt
er daadwerkelijk een vergelijking is die, net zoals alle andere vergelijkingen, verboden is (blz. 17, laatste alinea,
blz. 18, van de "Synthesebesluiten na de derde synthesebesluiten in hoger beroep van de LOZ" van de eiser). De eiser voerde uitdrukkelijk aan dat elke vergelijking verboden is (blz. 18, randvr. 24, van de "Synthesebesluiten na de derde synthesebesluiten in hoger beroep van de LOZ" van de eiser). 2.1.2. Uit de vaststellingen van het arbeidshof blijkt dat niet werd betwist dat de verweerder een reclamefolder verspreidde waarin hij, na te hebben aangegeven dat hij voor iedereen openstaat
dat al meer dan 230.000 mensen voor zijn ziekenfonds kozen, de bewoordingen gebruikt: "Het duidelijkste onderscheid zit in de extra producten
diensten die wij je aanbieden", "onze hospitaalverzekering bied (sic) je een van de ruimste dekkingen in de branche"
"Geen wonder dat we nationaal (...) al snel uitgroeiden tot de derde grootste ziekenfondsgroep van het land" (2de blad, onderaan,
3de blad, bovenaan, van het bestreden arrest). Het arbeidshof wijst het hoger beroep van de eiser af als ongegrond op de overweging dat, opdat een reclame als een vergelijkende reclame zou aangezien kunnen worden, overeenkomstig artikel 43quater, §1, 2°, van de Ziekenfondswet vereist is dat, via vergelijking, één of meerdere landsbonden of ziekenfondsen geïdentificeerd worden of kunnen worden
dat door de vermelding "het duidelijkste onderscheid zit in de extra producten
diensten die wij je aanbieden", "onze hospitaalverzekering biedt je één van de ruimste dekkingen in de branche ..."
"Geen wonder dat we nationaal ... al snel uitgroeiden tot de derde grootste ziekenfondsgroep van het land ..." geen
kel ander ziekenfonds, buiten het eigen ziekenfonds, wordt geïdentificeerd. Zulks geldt, aldus nog het arbeidshof, ook niet voor de vermelding dat de verweerder uitgroeide tot de derde grootste ziekenfondsgroep aangezien wie de andere landsbonden zijn
in welke rang ze zich precies plaatsen, geenszins blijkt uit de folder. Het arbeidshof voegt eraan toe dat de "uitbreidende interpretatie" die de eiser volgens het arbeidshof wenst te geven aan het verbod op vergelijkende reclame, des te minder kan worden aanvaard omdat iedere bestraffing, ook die met belangrijke administratieve geldboetes, veronderstelt dat er een misdrijf is waarvan de bestanddelen nauwkeurig omschreven zijn (6de blad, nr. 3, tweede alinea, van het bestreden arrest). 2.2.1. Op grond van artikel 43quater, §1
, van de Ziekenfondswet is elke vergelijkende reclame tussen ziekenfondsen of landsbonden van ziekenfondsen of door hen ingerichte diensten verboden. Die wetsbepalingen vereisen geenszins dat wanneer een vergelijking betrekking heeft op een rangvolgorde, uit de reclame ook blijkt wie de andere landsbonden van ziekenfondsen zijn
in welke rangvolgorde die zich bevinden. Zij omschrijven nauwkeurig de bestanddelen van de inbreuk. Aangezien, anders dan het arbeidshof oordeelt, het gebruik van de woorden: - "het duidelijkste onderscheid zit in de extra producten
diensten die wij je aanbieden", - "onze hospitaalverzekering biedt je één van de ruimste dekkingen in de branche ...",
- "Geen wonder dat we nationaal ... al snel uitgroeiden tot de derde grootste ziekenfonds-groep van het land ...",
elk van die zinsneden afzonderlijk, zoniet minstens samen genomen, weze het op impliciete
indirecte wijze, via vergelijking, één of meer ziekenfondsen of landsbonden, meer bepaald alle andere dan de verweerder zelf, identificeert
derhalve onder het verbod van vergelijkende reclame valt, miskent het arbeidshof de artikelen 1
43quater, §1, 1°
2°,
, van de Ziekenfondswet door het hoger beroep van de eiser ongegrond te verklaren
aldus de beslissing van de eerste rechter te bevestigen tot vernietiging van de sanctie die de eiser aan de verweerder oplegde m.b.t. de vergelijkende reclame. 2.2.2. Voor de toepassing van het verbod vervat in artikel 43quater, §2, van de Ziekenfondswet volstaat dat de reclame via vergelijking één ziekenfonds of landsbond identificeert. Geen
kele wettelijke bepaling verzet zich ertegen dat dit het eigen, reclamevoerende ziekenfonds of de eigen, reclamevoerende landsbond van ziekenfondsen zou zijn. Het arbeidshof wijst het hoger beroep van de eiser af als ongegrond op de overweging dat vergelijkende reclame in de zin van artikel 43quater van de Ziekenfondswet vereist dat via vergelijking één of meer ziekenfondsen of landsbonden worden geïdentificeerd of geïdentificeerd kunnen worden (6de blad, randnr. 3, tweede alinea, van het bestreden arrest). Vervolgens oordeelt het arbeidshof dat door de vermelding "het duidelijkste onderscheid zit in de extra producten
diensten die wij je aanbieden", "onze hospitaalverzekering biedt je één van de ruimste dekkingen in de branche ..."
"Geen wonder dat we nationaal ... al snel uitgroeiden tot de derde grootste ziekenfondsgroep van het land ..." geen
kel ander ziekenfonds dan het eigen ziekenfonds wordt geïdentificeerd (6de blad, randnr. 3, tweede alinea, van het bestreden arrest). Aangezien het arbeidshof aldus vaststelt dat een ziekenfonds wordt geïdentificeerd, terwijl uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt dat tussen de partijen geen betwisting erover bestond dat sprake was van reclame
ook uit geen
kele vaststelling van het arbeidshof blijkt of volgt dat geen sprake zou zijn van een vergelijking, is zijn beslissing dat het hoger beroep van de eiser ongegrond is, niet naar recht verantwoord. Aangezien, zoals hierboven werd aangetoond onder 2.2.1., de bestanddelen van de inbreuk op het verbod op vergelijkende reclame nauwkeurig worden omschreven door de van toepassing zijnde wettelijke bepalingen, wettigen de overwegingen van het arbeidshof omtrent de vereiste daarvan zijn beslissing evenmin (miskenning van de artikelen 1
43quater, §1, 1°
2°,
Conclusie Het arbeidshof oordeelt niet wettig dat het hoger beroep van de eiser ongegrond is
bevestigt aldus niet wettig de beslissing van de eerste rechter tot vernietiging van de sanctie die de eiser aan de verweerder oplegde m.b.t. de vergelijkende reclame (schending van de artikelen 1
43quater, §1, 1°
2°,
, van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen
landsbonden van ziekenfondsen). III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling 1. Overeenkomstig artikel 43quater, §2, van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen
de landsbonden van ziekenfondsen, hierna Ziekenfondswet genoemd, is elke vergelijkende of bedrieglijke reclame in hoofde van een ziekenfonds of een landsbond verboden. Krachtens artikel 43quater, §1, 1°
2°, van de voormelde wet, wordt voor de toepassing van deze wet onder reclame verstaan: elke vorm van mededeling met als directe of indirecte doelstelling de promotie ofwel van de aansluiting bij een ziekenfonds of van het ziekenfonds zelf, ofwel van een dienst in de zin van artikel 3, eerste lid, b)
c),
7, §4, ingericht door een ziekenfonds, een landsbond of een rechtspersoon met dewelke het ziekenfonds of de landsbond een samenwerkingsakkoord heeft afgesloten. Onder vergelijkende reclame wordt verstaan: elke reclame die op directe of indirecte, expliciete of impliciete wijze via vergelijking één of meerdere ziekenfondsen of landsbonden of een hiervoor bedoelde dienst identificeert.
diensten die wij je aanbieden", "onze hospitaalverzekering biedt je één van de ruimste dekkingen in de branche ..."
"geen wonder dat we nationaal ... al snel uitgroeiden tot de derde grootste ziekenfondsgroep van het land ...", anders dan het arbeidshof oordeelt, één of meer andere ziekenfondsen of landsbonden identificeert
derhalve onder het verbod van vergelijkende reclame valt, komt het op tegen de onaantastbare beoordeling van de feiten door de rechter. In zoverre is het middel niet ontvankelijk. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Bepaalt de kosten op de som van 263,61 euro jegens de eisende partij
op de som van 182,98 euro jegens de verwerende partij. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, derde kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Robert Boes, als voorzitter,
de raadsheren Eric Dirix, Eric Stassijns, Alain Smetryns
Koen Mestdagh,
in openbare terechtzitting van 3 mei 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Robert Boes, in aanwezigheid van advocaat-generaal Ria Mortier, met bijstand van griffier Philippe Van Geem. PDF document ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100503.3 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20100503.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.