← België

ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100520.7

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 20 mei 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100520.7 Rolnummer: F.09.0047.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Belastingrecht Invoerdatum: 2010-06-09 Raadplegingen: 199 - laatst gezien 2026-07-02 17:31 Versie(s): Vertaling FR Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20100520.7 Fiche 1 De kennisgeving van de beslissing van de Minister van Financiën tot opening van een bijzondere rekening voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde bij aangetekende brief is niet voorgeschreven op straffe van nietigheid; de vorm van kennisgeving is evenmin een substantiële vormvereiste die zou moeten worden nageleefd om een belastingschuld te doen ontstaan

(1).
(1)Zie de conclusie van het O.M. Thesaurus CAS: BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE UTU-thesaurus: FISCAAL RECHT - BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE (B.T.W.) - Voldoening (B.T.W.) - Algemeen FISCAAL RECHT - BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE (B.T.W.) - Sancties (B.T.W.) - Administratieve geldboeten Vrije woorden: Voldoening van de belasting - Minister van Financiën - Beslissing tot opening van een bijzondere rekening - Kennisgeving - Vormvereiste Wettelijke bepalingen: Koninklijk Besluit - 29-12-1992 - Art. 8, § 1, eerste lid Fiche 2 De gedeeltelijke vrijwillige betaling van een openstaande belastingschuld maakt geen spontane rechtzetting uit van de toestand van de schuldenaar met het oog op de volledige kwijtschelding van de geldboete opgelegd op het vlak van de belasting over de toegevoegde waarde
(1).
(1)Zie de conclusie van het O.M. Thesaurus CAS: BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE UTU-thesaurus: FISCAAL RECHT - BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE (B.T.W.) - Voldoening (B.T.W.) - Algemeen FISCAAL RECHT - BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE (B.T.W.) - Sancties (B.T.W.) - Administratieve geldboeten Vrije woorden: Administratieve sancties - Geldboete - Volledige kwijtschelding - Voorwaarden - Spontane rechtzetting van de toestand van de schuldenaar Fiches 3 - 4 Conclusie van advocaat-generaal THIJS. Thesaurus CAS: BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE UTU-thesaurus: FISCAAL RECHT - BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE (B.T.W.) - Voldoening (B.T.W.) - Algemeen FISCAAL RECHT - BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE (B.T.W.) - Sancties (B.T.W.) - Administratieve geldboeten Vrije woorden: Voldoening van de belasting - Minister van Financiën - Beslissing tot opening van een bijzondere rekening - Kennisgeving - Vormvereiste Administratieve sancties - Geldboete - Volledige kwijtschelding - Voorwaarden - Spontane rechtzetting van de toestand van de schuldenaar Tekst van de beslissing Nr. F.09.0047.N BUREAU VOOR TECHNISCHE STUDIËN, naamloze vennootschap, met zetel te 2170 Antwerpen, Deurnsebaan 3, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Bruno Cardoen, advocaat aan de balie te Antwerpen, met kantoor te 2000 Antwerpen, Napelsstraat 32-34, tegen BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, met kantoor te 1000 Brussel, Wetstraat 12, voor wie optreedt de gewestelijk directeur der belasting over de toegevoegde waarde, registratie en domeinen te Antwerpen I, met kantoren te 2000 Antwerpen, Italiëlei 4, bus 4, verweerder, vertegenwoordigd door mr. Antoine De Bruyn, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Dalstraat 67, waar de verweerder woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest, op 30 september 2008 gewezen door het hof van beroep te Antwerpen Voorzitter Ivan Verougstraete heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Thijs heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiseres voert in haar verzoekschrift twee middelen aan. Het verzoekschrift is aan dit arrest gehecht. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
  1. Artikel 8, §1, eerste lid, van het koninklijk besluit nr. 24 van 29 december 1992 met betrekking tot de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde bepaalt: "Door of vanwege de minister van Financiën kan worden beslist dat handelingen, die vóór een door hem te bepalen datum worden verricht, aan de in artikel 5 bedoelde rekening-courant worden onttrokken en dat een bijzondere rekening zal worden bijgehouden voor het tijdvak dat aan die datum voorafgaat". Het derde lid van dezelfde paragraaf bepaalt dat van die beslissing aan de belastingplichtige kennis wordt gegeven bij aangetekende brief en dat de afgifte van het stuk ter post als kennisgeving geldt vanaf de daaropvolgende dag.
  2. De kennisgeving bij aangetekende brief is niet voorgeschreven op straffe van nietigheid.
  3. De vorm van kennisgeving is evenmin een substantiële vormvereiste die zou moeten worden nageleefd om een belastingschuld te doen ontstaan. De bewijslast van de effectieve kennisgeving en van de datum ervan berust, wanneer zij niet gebeurt per aangetekende brief, op de verzender, die niet kan steunen op het vermoeden verwoord in dit artikel 8, §1, derde lid.
  4. De appelrechters, die vaststellen dat uit het faxbericht van 22 december 2003 blijkt dat de eiseres op de hoogte was van de opening van de bijzondere rekening, zodat mag worden aangenomen dat zij de brief van 18 december 2003 effectief heeft ontvangen, hebben naar recht kunnen beslissen dat de opnulzetting van de rekening-courant niet als onregelmatig kon worden beschouwd wegens schending van voormeld artikel 8, §
  5. Het middel kan niet worden aangenomen. Tweede middel
  6. Artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 41 van 30 januari 1987 tot vaststelling van het bedrag van de proportionele fiscale geldboeten op het stuk van de belasting over de toegevoegde waarde bepaalt dat volledige kwijtschelding van de geldboeten wordt verleend wanneer een schuldenaar zijn toestand spontaan rechtzet vóór enige tussenkomst van een fiscale administratie.
  7. De gedeeltelijke vrijwillige betaling van een openstaande belastingschuld maakt geen spontane rechtzetting van de toestand van de schuldenaar uit. Het middel, dat van de tegenovergestelde opvatting uitgaat, faalt naar recht. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Bepaalt de kosten op de som van 158,67 euro jegens de eisende partij en op de som van 222,11 euro jegens de verwerende partij. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit voorzitter Ivan Verougstraete, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Edward Forrier, en de raadsheren Eric Dirix, Alain Smetryns en Geert Jocqué, en in openbare terechtzitting van 20 mei 2010 uitgesproken door voorzitter Ivan Verougstraete, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Thijs, met bijstand van griffier Johan Pafenols. PDF document ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100520.7 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20100520.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.