← België

ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100601.2

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 01 juni 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2010:

Art. 442bis

, tweede lid - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Thesaurus CAS: MISDRIJF - SOORTEN - Allerlei Vrije woorden: Klachtmisdrijf - Belaging - Instellen van de strafvervolging - Voorwaarde - Vormvereiste Wettelijke bepalingen:

Art. 442bis

, tweede lid - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Thesaurus CAS: STRAFVORDERING Vrije woorden: Belaging - Instellen van de strafvervolging - Voorwaarde - Vormvereiste Wettelijke bepalingen:

Art. 442bis

, tweede lid - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Thesaurus CAS: ONAANTASTBARE BEOORDELING DOOR DE FEITENRECHTER Vrije woorden: Belaging - Instellen van de strafvervolging - Voorwaarde - Vormvereiste Wettelijke bepalingen:

Art. 442bis, tweede lid - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Tekst van de beslissing Nr.

P.10.0155.N L. R. V. G. beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Christine Mussche, advocaat bij de balie te Gent, tegen

  1. F. S. burgerlijke partij,
  2. A. G. burgerlijke partij,
  3. L. S. burgerlijke partij,
  4. J. S. burgerlijke partij,
  5. L. S. burgerlijke partij,
  6. L. S. burgerlijke partij,
  7. G. S. burgerlijke partij,
  8. E. S. burgerlijke partij,
  9. K. S. burgerlijke partij, in hun hoedanigheid van erfgenamen van wijlen M. S., verweerders. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Brussel, correctionele kamer, van 15 december
  10. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Jean-Pierre Frère heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
  11. Het middel voert schending aan van artikel 442bis Strafwetboek en de artikelen 1319, 1320 en 1322 Burgerlijk Wetboek: het arrest veroordeelt de eiser onterecht wegens belaging; de slachtoffers hebben niet op ondubbelzinnige wijze gevraagd dat strafvervolging zou worden ingesteld; de rechters miskennen daarbij de bewijskracht van het in het middel vermelde proces-verbaal.
  12. Artikel 442bis, tweede lid, Strafwetboek bepaalt dat het misdrijf belaging alleen kan worden vervolgd op een klacht van de persoon die beweert te worden belaagd.
  13. Die klacht is aan geen bijzondere vormvereiste onderworpen en de rechter stelt het bestaan daarvan onaantastbaar in feite vast. In zoverre het middel opkomt tegen die beoordeling door de rechter, is het niet ontvankelijk.
  14. Voorts blijkt uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, niet dat de eiser voor de appelrechters verweer heeft gevoerd met betrekking tot het ontbreken van een klacht van de slachtoffers om strafvervolging in te stellen.
  15. Bij ontstentenis van een dergelijk verweer dient de rechter die de in de bewoordingen van de wet omschreven feiten van belaging bewezen verklaart, niet daarenboven uitdrukkelijk het bestaan van een vraag tot strafvervolging vast te stellen. In zoverre het middel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het naar recht.
  16. Met redenen die het arrest vermeldt geven de appelrechters van de klacht van M. S. een uitlegging die met de bewoordingen daarvan niet onverenigbaar is. In zoverre mist het middel feitelijke grondslag. Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvordering
  17. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Begroot de kosten op 79,07 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Jean-Pierre Frère, Luc Van hoogenbemt, Koen Mestdagh en Filip Van Volsem, en op de openbare rechtszitting van 1 juni 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc Timperman, met bijstand van afgevaardigd griffier Frank Adriaensen. PDF document ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100601.2 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20031014.12 ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080311.4 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2012:ARR.20120417.8 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.