← België

ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100610.9

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 10 juni 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100610.9 Rolnummer: C.09.0081.N Kamer: 1N + Eerste Kamer + Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2010-07-07 Raadplegingen: 509 - laatst gezien 2026-07-02 17:11 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Om na te gaan of de rechter de gerechtsdeskundige belast met vaststellingen te doen of technisch advies te geven, dan wel zijn rechtsmacht met betrekking tot de beoordeling van het geschil heeft overgedragen, dient de formulering van de opdracht in haar geheel nagegaan en moeten alle gegevens in acht worden genomen zoals de motieven en context waarin de deskundige met de opdracht wordt belast

(1).
(1)Zie Cass., 7 mei 1987, AR nr. 5392, A.C., 1986-1987, nr.
  1. Thesaurus CAS: RECHTBANKEN - BURGERLIJKE ZAKEN - Algemeen UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - GERECHTELIJK RECHT- ALGEMENE BEGINSELEN - Beginselen (gerechtelijk recht - algemene beginselen) GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Bewijs (gerechtelijk recht) - Deskundigenonderzoek - Opdracht Vrije woorden: Deskundigenonderzoek - Opdracht - Gevolgen t.a.v. de rechtsmacht Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Artt. 11, eerste lid, en 962, eerste lid Thesaurus CAS: DESKUNDIGENONDERZOEK UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - GERECHTELIJK RECHT- ALGEMENE BEGINSELEN - Beginselen (gerechtelijk recht - algemene beginselen) GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Bewijs (gerechtelijk recht) - Deskundigenonderzoek - Opdracht Vrije woorden: Burgerlijke zaken - Opdracht - Gevolgen t.a.v. de rechtsmacht Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Artt. 11, eerste lid, en 962, eerste lid Tekst van de beslissing Nr. C.09.0081.N T-INDUSTRIE, naamloze vennootschap, met zetel te 3390 Tielt-Winge, Berkendreef 18, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Central Plaza, Loksumstraat 25, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen D. B.V., vennootschap naar Nederlands recht, met zetel te 5627 SV Eindhoven (Nederland), Le Havre 71, verweerster, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Brederodestraat 13, waar de verweerster woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest, op 19 februari 2008 gewezen door het hof van beroep te Brussel. Raadsheer Beatrijs Deconinck heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiseres voert in haar verzoekschrift twee middelen aan. Het verzoekschrift is aan dit arrest gehecht. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
  2. De appelrechters oordelen: - artikel 7.1 van de overeenkomst legt aan T-Industrie de verplichting op om D. te vrijwaren tegen en te vergoeden voor alle schade; - het begrip schade wordt in de overeenkomst (artikel 1) ruim gedefinieerd en omvat ook de schade die T. heeft geleden ingevolge een onjuistheid van of een inbreuk op de verklaringen en waarborgen door T-Industrie; - de samenlezing van beide bepalingen leidt ertoe dat D. een conventioneel, persoonlijk vorderingsrecht heeft tegen T-Industrie voor de schade die T. heeft geleden; - conventioneel wordt een vorderingsrecht toegekend aan D. voor alle soorten van schade die vallen onder de contractuele definitie van schade.
  3. Door aldus te oordelen geeft het arrest van de in het verweer bedoelde artikelen 1 en 7.1 van de overeenkomst een uitlegging die met de bewoordingen ervan niet onverenigbaar is en miskent de bestreden beslissing de bewijskracht van voormelde overeenkomst niet. Het middel mist feitelijke grondslag. Tweede middel
  4. Krachtens artikel 11, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek kunnen rechters hun rechtsmacht niet overdragen. Krachtens artikel 962, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek, kan de rechter, ter oplossing van een voor hem gebracht geschil of ingeval een geschil werkelijk en dadelijk dreigt te ontstaan, deskundigen gelasten vaststellingen te doen of een technisch advies te geven.
  5. Om na te gaan of de rechter de gerechtsdeskundige belast met vaststellingen te doen of technisch advies te geven, dan wel zijn rechtsmacht met betrekking tot de beoordeling van het geschil heeft overgedragen, dient de formulering van de opdracht in haar geheel nagegaan en moeten alle gegevens in acht worden genomen zoals de motieven en context waarin de deskundige met de opdracht wordt belast.
  6. Met betrekking tot de "specifieke beweerde inbreuken" inzake de houtafvalverbranding en de afvalwaterverwijdering, die door de verweerster werden aangevoerd ten aanzien van de verkoopster, de eiseres, volgt uit het geheel van hun overwegingen dat de appelrechters enkel te kennen geven dat een gerechtsdeskundige om advies wordt gevraagd omtrent andere aanwijzingen van milieuproblemen dan deze reeds afgeleid uit de door hen aangehaalde processen-verbaal en jaarverslagen van de milieucoördinator, omtrent het voorkomen ervan op datum van de overdracht en omtrent de toetsing aan de alsdan bestaande algemene milieuwetgeving en de concreet toepasselijke milieuvergunningen.
  7. Met betrekking tot de "specifieke beweerde inbreuken" inzake de sprinklerinstallaties en laagspanningsinstallatie, die door de verweerster werden aangevoerd ten aanzien van de verkoopster, de eiseres, sluiten de appelrechters niet uit dat de opmerkingen of vaststellingen door de keuringsorganismen gemaakt in de verslagen van 16 december 1999 en 23 augustus 2000 nog voorhanden waren op het moment van de overname en evenmin dat er een verband bestaat tussen deze vaststellingen en de veiligheid van de werknemers. Zij oordelen dat het noodzakelijk is het advies in te winnen van een deskundige om met kennis van zaken te oordelen.
  8. In deze context en mede gelet op de voorafgaande kwalificatie als advies, hebben de appelrechters met de in het middel weergegeven bewoordingen hun rechtsmacht omtrent de beoordeling van het geschil niet overgedragen. Het middel kan niet worden aangenomen. Dictum Het Hof, eenparig beslissend, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres in de kosten. Bepaalt de kosten op de som van 578,02 euro jegens de eisende parij en op de som van 108,05 euro jegens de verwerende partij. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Robert Boes, als voorzitter, en de raadsheren Eric Dirix en Beatrijs Deconinck, en in openbare terechtzitting van 10 juni 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Robert Boes, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem, met bijstand van griffier Philippe Van Geem. PDF document ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100610.9 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2022:CONC.20220203.1N.1 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101001.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.