id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 15 juni 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100615.1 Rolnummer: P.10.0878.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2010-06-16 Raadplegingen: 204 - laatst gezien 2026-07-02 17:03 Versie(s): Vertaling FR Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20100615.1 Fiches 1 - 2 Tegen beslissingen van de strafuitvoeringsrechtbank kan namens de veroordeelde enkel een advocaat rechtsgeldig cassatieberoep aantekenen en dit kan uitsluitend op de griffie van de strafuitvoeringsrechtbank; de gedetineerde veroordeelde noch zijn raadsman heeft de mogelijkheid cassatieberoep in te stellen in de gevangenis overeenkomstig de wet van 25 juli 1893
(1)Zie de concl. van het O.M. Thesaurus CAS: STRAFUITVOERING UTU-thesaurus: STRAFRECHT - TENUITVOERLEGGING VAN DE STRAFFEN - Externe rechtspositie veroordeelden - Algemeen Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechtbank - Cassatieberoep door veroordeelde - Verklaring van cassatieberoep ondertekend door advocaat - Griffie van de strafuitvoeringsrechtbank Wettelijke bepalingen: Wet - 17-05-2006 - Art. 97, § 1, tweede lid Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - STRAFZAKEN - Vormen - Allerlei UTU-thesaurus: STRAFRECHT - TENUITVOERLEGGING VAN DE STRAFFEN - Externe rechtspositie veroordeelden - Algemeen Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechtbank - Cassatieberoep door veroordeelde - Verklaring van cassatieberoep ondertekend door advocaat - Griffie van de strafuitvoeringsrechtbank Wettelijke bepalingen: Wet - 17-05-2006 - Art. 97, § 1, tweede lid Fiches 3 - 4 Conclusie van eerste advocaat-generaal DE SWAEF. Thesaurus CAS: STRAFUITVOERING UTU-thesaurus: STRAFRECHT - TENUITVOERLEGGING VAN DE STRAFFEN - Externe rechtspositie veroordeelden - Algemeen Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechtbank - Cassatieberoep door veroordeelde - Verklaring van cassatieberoep ondertekend door advocaat - Griffie van de strafuitvoeringsrechtbank Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - STRAFZAKEN - Vormen - Allerlei UTU-thesaurus: STRAFRECHT - TENUITVOERLEGGING VAN DE STRAFFEN - Externe rechtspositie veroordeelden - Algemeen Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechtbank - Cassatieberoep door veroordeelde - Verklaring van cassatieberoep ondertekend door advocaat - Griffie van de strafuitvoeringsrechtbank Tekst van de beslissing Nr. P.10.0878.N O. C. veroordeelde tot een vrijheidsstraf, gedetineerd, eiser, met als raadsman mr. Jürgen Millen, advocaat bij de balie te Tongeren. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis (nr. 653/10) van de strafuitvoeringsrechtbank te Gent van 10 mei
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Afdelingsvoorzitter Edward Forrier heeft verslag uitgebracht. Eerste advocaat-generaal Marc De Swaef heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
- Artikel 97, § 1, tweede lid, Wet Strafuitvoering, zoals gewijzigd bij artikel 2, 2°, van de wet van 6 februari 2009 tot wijziging van artikel 97 van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelde tot een vrijheidsstraf en van de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten, bepaalt: "De veroordeelde stelt het cassatieberoep in binnen een termijn van vijftien dagen, te rekenen van de uitspraak van het vonnis. De verklaring van cassatieberoep moet door een advocaat worden ondertekend. De cassatiemiddelen worden voorgesteld in een memorie die op de griffie van het Hof van Cassatie moet toekomen ten laatste op de vijfde dag na de datum van het cassatieberoep."
- Uit de voorbereidende werken van de wijzigingswet van 6 februari 2009 blijkt dat de wetgever met het invoeren van het vereiste dat een advocaat het cassatieberoep moet ondertekenen, de bedoeling had dat een advocaat zou fungeren als een soort filter die het succes van een eventueel cassatieberoep kritisch afweegt en daardoor het aantal niet-gegronde cassatieberoepen beperkt. Dat is ook een van de redenen waarom de wetgever de termijn voor het cassatieberoep heeft bepaald op vijftien dagen vanaf de uitspraak in plaats van vierentwintig uur na de kennisgeving van het vonnis bij gerechtsbrief. Artikel 1, eerste lid, van de wet van 25 juli 1893 betreffende de aantekening van beroep of van voorziening in cassatie van gevangenzittende of geïnterneerde personen bepaalt: "In de centrale gevangenissen, de huizen van verzekering, de huizen van arrest en de inrichtingen voorzien bij de wet van 9 april 1930, tot bescherming der maatschappij, de bedelaarsgestichten, de toevluchtshuizen en de rijksweldadigheidsgestichten, worden door de personen die er in opgesloten of geïnterneerd zijn, de verklaringen van hoger beroep of van voorziening in verbreking in strafzaken, aan de bestuurders van die inrichtingen of aan hun gemachtigde gedaan. Die verklaringen hebben dezelfde uitwerking als die ter griffie of door den griffier ontvangen." Dit artikel is uitsluitend van toepassing op de gedetineerde zelf, niet op zijn advocaat. Uit dit alles volgt dat enkel een advocaat rechtsgeldig cassatieberoep kan aantekenen en dat dit uitsluitend kan op de griffie van de strafuitvoeringsrechtbank. De gedetineerde veroordeelde noch zijn raadsman heeft de mogelijkheid cassatieberoep in te stellen in de gevangenis overeenkomstig de voornoemde wet van 25 juli
- Het cassatieberoep dat is aangetekend in de gevangenis, is niet ontvankelijk. Middelen
- De middelen die geen betrekking hebben op de ontvankelijkheid van het cassatieberoep, behoeven geen antwoord. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Bepaalt de kosten op 5,31 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Etienne Goethals, en de raadsheren Luc Van hoogenbemt, Koen Mestdagh en Filip Van Volsem, en op de openbare rechtszitting van 15 juni 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van eerste advocaat-generaal Marc De Swaef, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky. PDF document ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100615.1 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20100615.1 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220614.2N.10 ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260505.2N.13 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div