id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 27 juli 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100727.3 Rolnummer: P.10.1259.N Kamer: VAK - Vakantiekamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2010-07-30 Raadplegingen: 446 - laatst gezien 2026-07-01 16:04 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 3 Volgens de artikelen 90ter, § 1, eerste lid, en 90quater, § 1, 1°, Wetboek van Strafvordering, moeten de beschikkingen waarbij machtiging wordt verleend tot een bewakingsmaatregel van het afluisteren, de ernstige aanwijzingen vermelden met betrekking tot de strafbare feiten waarvoor een bewakingsmaatregel is toegelaten evenals in voorkomend geval de precieze aanwijzingen op grond waarvan de persoon ervan wordt verdacht deze strafbare feiten te hebben gepleegd; de naleving van deze motiveringsplicht is niet aan bepaalde wettelijk voorgeschreven of uitdrukkelijke bewoordingen onderworpen en kan blijken uit de samenhang van de bewoordingen van de beschikkingen en dezelfde concrete elementen kunnen zowel de ernstige aanwijzingen inhouden met betrekking tot de strafbare feiten waarvoor een bewakingsmaatregel is toegelaten als de precieze aanwijzingen opleveren op grond waarvan een persoon ervan wordt verdacht deze strafbare feiten te hebben gepleegd
(1).
(1)Zie Cass., 16 sept. 2008, AR P.08.0620.N ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080916.2, A.C., 2008, nr. 477; ARNOU L., "Afluisteren tijdens het gerechtelijk onderzoek", Comm. Straf., p. 41, nr. 38; FREYNE T., "De bewaking van privécommunicatie en -telecommunicatie in strafonderzoeken: een stand van zaken", T. Strafr. 2008, p. 173-174, nr.
- Thesaurus CAS: BEWIJS - STRAFZAKEN - Bewijsvoering UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Telefoontap Vrije woorden: Afluistermaatregel - Met redenen omklede beschikking - Bijzondere motiveringsvereiste - Ernstige aanwijzingen met betrekking tot de strafbare feiten waarvoor een afluistermaatregel mogelijk is - Precieze aanwijzingen dat de persoon verdacht wordt deze feiten te hebben gepleegd - Redengeving Thesaurus CAS: ONDERZOEK IN STRAFZAKEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Telefoontap Vrije woorden: Bewijsvoering - Afluistermaatregel - Met redenen omklede beschikking - Bijzondere motiveringsvereiste - Ernstige aanwijzingen met betrekking tot de strafbare feiten waarvoor een afluistermaatregel mogelijk is - Precieze aanwijzingen dat de persoon verdacht wordt deze feiten te hebben gepleegd - Redengeving Thesaurus CAS: ONDERZOEKSRECHTER UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Telefoontap Vrije woorden: Bewijsvoering - Afluistermaatregel - Met redenen omklede beschikking - Bijzondere motiveringsvereiste - Ernstige aanwijzingen met betrekking tot de strafbare feiten waarvoor een afluistermaatregel mogelijk is - Precieze aanwijzingen dat de persoon verdacht wordt deze feiten te hebben gepleegd - Redengeving Tekst van de beslissing Nr. P.10.1259.N B.V. L., inverdenkinggestelde, aangehouden, eiser, met als raadsman mr. Pol Vandemeulebroucke, advocaat bij de balie te Antwerpen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen, kamer van inbeschuldigingstelling, van 15 juli
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
- Het middel voert schending aan van artikel 90quater, § 1, Wetboek van Strafvordering: de beschikkingen van 8 juni 2010 bevatten enkel aanwijzingen dat de feiten onder een van de in artikel 90ter, §§ 2 tot en met 4, Wetboek van Strafvordering, bedoelde misdrijven vallen, doch geen precieze aanwijzingen op grond waarvan de eiser wordt verdacht deze strafbare feiten te hebben gepleegd, zoals bedoeld in artikel 90ter, § 1, Wetboek van Strafvordering, zodat ze nietig zijn; het bestreden arrest transponeert op een ontoelaatbare wijze de ernstige aanwijzingen met betrekking tot de strafbare feiten in precieze aanwijzingen op grond waarvan de eiser wordt verdacht deze feiten te hebben gepleegd, schendt zo de bewijskracht van de beschikkingen en weigert ten onrechte de nietigheid ervan vast te stellen
- Volgens artikel 90quater, § 1, 1°, Wetboek van Strafvordering, moet elke beschikking waarbij machtiging wordt verleend tot een bewakingsmaatregel van het afluisteren, op straffe van nietigheid de aanwijzingen en de concrete feiten vermelden, eigen aan de zaak, die de maatregel wettigen overeenkomstig artikel 90ter Wetboek van Strafvordering.
- Volgens artikel 90ter, § 1, eerste lid, Wetboek van Strafvordering, kan de onderzoeksrechter slechts de bewakingsmaatregel van het afluisteren bevelen indien er ernstige aanwijzingen bestaan dat het feit waarvoor hij geadieerd is een strafbaar feit is bedoeld in een van de bepalingen opgesomd in §
- Volgens artikel 90ter, § 1, derde lid, Wetboek van Strafvordering, kan in voorkomend geval de maatregel worden bevolen ten aanzien van personen die op grond van precieze aanwijzingen ervan worden verdacht het strafbare feit te hebben gepleegd.
- De beschikkingen moeten derhalve de ernstige aanwijzingen vermelden met betrekking tot de strafbare feiten waarvoor een bewakingsmaatregel is toegelaten evenals in voorkomend geval de precieze aanwijzingen op grond waarvan de persoon ervan wordt verdacht deze strafbare feiten te hebben gepleegd. De naleving van deze motiveringsplicht is niet aan bepaalde wettelijk voorgeschreven of uitdrukkelijke bewoordingen onderworpen. Ze kan blijken uit de samenhang van de bewoordingen van de beschikkingen. Dezelfde concrete elementen kunnen zowel de ernstige aanwijzingen inhouden met betrekking tot de strafbare feiten waarvoor een bewakingsmaatregel is toegelaten als de precieze aanwijzingen opleveren op grond waarvan een persoon ervan wordt verdacht deze strafbare feiten te hebben gepleegd. In zoverre het middel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het naar recht.
- De beschikkingen van de onderzoeksrechter ter verantwoording van de afluistermaatregelen vermelden onder meer de volgende redenen voor de machtiging: "Overwegende dat er ernstige aanwijzingen zijn dat deze feiten gepleegd werden, gelet op de inhoud van de aanvankelijke processen-verbaal TU 47.L1.006233/10 en HA.17.L3.000933/10 en het navolgend PV. 002326/10 van de FGP te Turnhout en de aanvankelijke processen-verbaal TU.17.L7.004607/10 en TU.10.L7.004593/10 en het navolgend PV.4608/10 van de politie Neteland."
- Het bestreden arrest oordeelt onder meer: "De motiveringen van de kwestieuze tapbeschikkingen door de onderzoeksrechter dienen te worden gelezen in een onderlinge samenhang ten aanzien van de voorwaarden gesteld in artikel 90quater, § 1, Wetboek van Strafvordering; hieruit blijken de ernstige aanwijzingen zowel van de geviseerde misdrijven als ten aanzien van de personen die van deze misdrijven worden verdacht" en "de feitelijke gegevens van het dossier zoals overgenomen in de tapbeschikking, op het ogenblik van de beslissing tot tap, geen verdere specificaties naar de betrokken personen toelieten (...)." Aldus geeft het bestreden arrest, zonder de bewijskracht van de beschikkingen van de onderzoeksrechter te miskennen, te kennen dat deze beschikkingen zich niet beperken tot de ernstige aanwijzingen met betrekking tot de strafbare feiten waarvoor een bewakingsmaatregel is toegelaten, maar ook slaan op de precieze aanwijzingen op grond waarvan de eiser ervan wordt verdacht deze strafbare feiten te hebben gepleegd. De appelrechters verantwoorden zo hun beslissing naar recht. Het middel kan in zoverre niet worden aangenomen. Ambtshalve onderzoek van de beslissing
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Bepaalt de kosten op 60,26 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, vakantiekamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Jean de Codt, als voorzitter, en de raadsheren Christine Matray, Sylviane Velu, Geert Jocqué en Filip Van Volsem, en op de openbare rechtszitting van 27 juli 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Jean de Codt, als voorzitter, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van griffier Johan Pafenols. PDF document ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100727.3 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080916.2 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div