id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 01 oktober 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101001.1 Rolnummer: C.09.0384.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2010-10-18 Raadplegingen: 616 - laatst gezien 2026-07-02 10:46 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Het door de rechter bevolen deskundigenonderzoek kan enkel feitelijke vaststellingen of technisch advies tot voorwerp hebben en de rechter draagt zijn rechtsmacht over wanneer aan de gerechtsdeskundige opdracht is gegeven een advies te geven over de gegrondheid van de vordering
(1).
(1)Cass., 10 nov. 2006, AR C.06.0274.N ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061110.2, A.C., 2006, nr. 554. Thesaurus CAS: DESKUNDIGENONDERZOEK UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Bewijs (gerechtelijk recht) - Deskundigenonderzoek - Wraking Vrije woorden: Burgerlijke zaken - Opdracht - Rechtsmacht Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Artt. 11, eerste lid, en 962, eerste lid Thesaurus CAS: RECHTBANKEN - BURGERLIJKE ZAKEN - Algemeen UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Bewijs (gerechtelijk recht) - Deskundigenonderzoek - Wraking Vrije woorden: Deskundigenonderzoek - Opdracht - Rechtsmacht Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Artt. 11, eerste lid, en 962, eerste lid Fiches 3 - 4 Om na te gaan of de rechter de gerechtsdeskundige belast met vaststellingen te doen of technisch advies te geven, dan wel zijn rechtsmacht met betrekking tot de beoordeling van het geschil heeft overgedragen, dient de formulering van de opdracht in haar geheel nagegaan en moeten alle gegevens in acht worden genomen zoals de motieven en de context waarin de deskundige met de opdracht wordt belast
(1); het enkel gebruik van de terminologie van de wet bij het formuleren van de opdracht volstaat in de regel niet om tot overdracht van de rechtsmacht te besluiten
(1).
(1)Cass., 10 juni 2010, AR C.09.0081.N ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100610.9, A.C., 2010, nr. ... Thesaurus CAS: DESKUNDIGENONDERZOEK UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Bewijs (gerechtelijk recht) - Deskundigenonderzoek - Wraking Vrije woorden: Burgerlijke zaken - Opdracht - Rechtsmacht - Onderzoek Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Artt. 11, eerste lid, en 962, eerste lid Thesaurus CAS: RECHTBANKEN - BURGERLIJKE ZAKEN - Algemeen UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Bewijs (gerechtelijk recht) - Deskundigenonderzoek - Wraking Vrije woorden: Deskundigenonderzoek - Opdracht - Rechtsmacht - Onderzoek Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Artt. 11, eerste lid, en 962, eerste lid Tekst van de beslissing Nr. C.09.0384.N BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Justitie, met kantoor te 1000 Brussel, Waterloolaan 115, eiser, vertegenwoordigd door mr. Paul Wouters, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1050 Brussel, Vilain XIIII-straat 17, waar de eiser woonplaats kiest, tegen H. F., verweerder, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, waar de verweerder woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen de arresten, op 14 september 2004 en 25 november 2008 gewezen door het hof van beroep te Antwerpen, op verwijzing na het arrest van 24 januari 2003 van dit Hof. Raadsheer Beatrijs Deconinck heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiser voert in zijn verzoekschrift twee middelen aan. Het verzoekschrift is aan dit arrest gehecht. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel gericht tegen het arrest van 14 september 2004
- Krachtens artikel 11, eerst lid, van het Gerechtelijk Wetboek kunnen rechters hun rechtsmacht niet overdragen. Krachtens artikel 962, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek kan de rechter, ter oplossing van een voor hem gebracht geschil of ingeval een geschil werkelijk en dadelijk dreigt te ontstaan, deskundigen gelasten vaststellingen te doen of een technisch advies te geven.
- Hieruit volgt dat het door de rechter bevolen deskundigenonderzoek enkel feitelijke vaststellingen of technisch advies tot voorwerp kan hebben en de rechter zijn rechtsmacht overdraagt wanneer aan de gerechtsdeskundige opdracht is gegeven een advies te geven over de gegrondheid van de vordering. Om na te gaan of de rechter de gerechtsdeskundige belast met vaststellingen te doen of technisch advies te geven, dan wel zijn rechtsmacht met betrekking tot de beoordeling van het geschil ten gronde heeft overgedragen, dient de formulering van de opdracht in haar geheel nagegaan en moeten alle gegevens in acht worden genomen zoals de motieven, de techniciteit en de context waarin de gerechtsdeskundige met de opdracht wordt belast. Het enkel gebruik van de terminologie van de wet bij het formuleren van de opdracht volstaat in de regel niet om tot overdracht van de rechtsmacht te besluiten.
- De appelrechters verzoeken de gerechtsdeskundige vooreerst om advies omtrent de aanbreng van nieuw cliënteel door de verweerder aan de betrokken vennootschappen, de uitbreiding van de transacties met de bestaande cliënten, de voordelen voor de betrokken vennootschappen dank zij deze transacties met deze cliënten en de uit de transacties met deze cliënten voortvloeiende provisies die voor de handelsagent verloren gaan. Door aldus aan de gerechtsdeskundige om advies te verzoeken aan de hand van de boekhoudkundige stukken van voormelde vennootschappen omtrent deze feitelijke elementen, hebben de appelrechters hun rechtsmacht niet overgedragen. In zoverre kan het middel niet worden aangenomen.
- De appelrechters verzoeken de gerechtsdeskundige vervolgens, aan de hand van dezelfde boekhoudkundige stukken, het nadeel te bepalen dat uit de beëindiging van de overeenkomst voortvloeit als gevolg van het feit dat de verweerder gebeurlijk bepaalde provisies niet krijgt die hij bij normale uitvoering van de overeenkomst zou hebben ontvangen en waardoor de principaal een aanzienlijk voordeel geniet van de activiteiten van de verweerder, dan wel dat voortvloeit uit de niet dekking van de kosten en uitgaven die de verweerder op advies van de principaal ten behoeve van de uitvoering van de overeenkomst op zich had genomen.
- Door aldus bij de formulering van de opdracht bepaalde in de wet voorziene terminologie aan te wenden die mede door de techniciteit van de opdracht verantwoord is, verzoeken de appelrechters in wezen enkel om feitelijke vaststellingen te doen die hen in staat moeten stellen de gegrondheid van de aanspraken te beoordelen, zonder hun rechtsmacht over te dragen. Het middel kan in zoverre niet worden aangenomen. Middel gericht tegen het arrest van 25 november 2008 Eerste onderdeel
- In zoverre het onderdeel een motiveringsgebrek aanvoert betreffende de vergoedingsvoorwaarden van de Richtlijn, is het niet gericht tegen het in dit middel bestreden arrest, kan het niet tot cassatie leiden en is het dienvolgens niet ontvankelijk.
- Aan de hand van de vaststellingen en de cijfermatige begroting van de diverse posten zoals deze blijken uit het expertiseverslag, die de appelrechters gedetailleerd hernemen op bladzijde 4 van het bestreden eindarrest, oordelen zij dat de vordering gegrond voorkomt ten belope van 27.926,73 euro. De appelrechters verwerpen en beantwoorden aldus het bedoelde verweer met betrekking tot de beperktere vergoeding die de Lidstaten konden voorzien. Het onderdeel mist in zoverre feitelijke grondslag. Tweede onderdeel
- Het onderdeel dat uitgaat van de onzekerheid omtrent de keuze van systeem van schadeherstel of uitwinningsvergoeding, houdt verband met de schade-begroting en niet met het causaal verband tussen het in het tussenarrest aangenomen verzuim en het bestaan van de schade, noch met de schadezekerheid. Het onderdeel kan niet worden aangenomen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Bepaalt de kosten op de som van 638,02 euro jegens de eisende partij en op de som van 146,64 euro jegens de verwerende partij. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Robert Boes, als voorzitter, en de raadsheren Eric Dirix, Beatrijs Deconinck, Alain Smetryns en Geert Jocqué, en in openbare terechtzitting van 1 oktober 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Robert Boes, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem, met bijstand van griffier Johan Pafenols. PDF document ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101001.1 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2022:CONC.20220203.1N.1 precedenten: ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061110.2 ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100610.9 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2012:ARR.20121115.2 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div