id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 12 oktober 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101012.6 Rolnummer: P.10.1516.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2010-10-15 Raadplegingen: 446 - laatst gezien 2026-07-01 20:44 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 Artikel 64, 1°, Wet Strafuitvoering voorziet enkel in de herroeping van een strafuitvoeringsmodaliteit wanneer bij een in kracht van gewijsde gegane veroordeling wordt vastgesteld dat de veroordeelde tijdens de proeftermijn een wanbedrijf of een misdaad heeft gepleegd; die wetsbepaling voorziet niet in een herroeping wanneer de betrokkene tijdens de proeftermijn nog veroordeeld wordt voor een wanbedrijf of misdaad gepleegd vóór de beslissing die hem in voorwaardelijke vrijheid stelde, maar dit doet eraan niet af dat een strafuitvoeringsmodaliteit niet meer kan worden nageleefd als de wettelijke tijdsvoorwaarden niet meer voorhanden zijn
(1).
(1)Zie Cass., 2 jan. 2008, AR P.07.1812.F ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080102.3, A.C., 2008, nr. 1 met concl. advocaat-generaal D. VANDERMEERSCH; Cass., 10 feb. 2009, AR P.09.0067.N ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090210.12, A.C., 2009, nr. 110. Thesaurus CAS: STRAFUITVOERING UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTERLIJKE ORGANISATIE - Inrichting en dienst rechtbanken - Rechtbank van eerste aanleg - Strafuitvoeringsrechtbank Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechtbank - Voorwaardelijke invrijheidstelling - Herroeping Fiche 2 Daar overeenkomstig artikel 62, § 1, Wet Strafuitvoering het openbaar ministerie belast is met de controle op de veroordeelde, heeft het de bevoegdheid de zaak bij de strafuitvoeringsrechtbank aanhangig te maken indien wettelijk de toegekende strafuitvoeringsmodaliteit niet meer kan worden nageleefd en moet de strafuitvoeringsrechtbank desgevallend deze onmogelijkheid vaststellen
(1).
(1)Cass., 10 feb. 2009, AR P.09.0067.N ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090210.12, A.C., 2009, nr.
- Thesaurus CAS: STRAFUITVOERING UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTERLIJKE ORGANISATIE - Inrichting en dienst rechtbanken - Rechtbank van eerste aanleg - Strafuitvoeringsrechtbank Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechtbank - Voorwaardelijke invrijheidstelling - Misdrijven gepleegd voor de beslissing van toekenning - Veroordeling tijdens de proeftermijn - Onmogelijkheid de wettelijke tijdsvoorwaarden voor de strafuitvoeringsmodaliteit na te leven Tekst van de beslissing Nr. P.10.1516.N PROCUREUR DES KONINGS BIJ DE RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG TE ANTWERPEN, eiser, tegen M E F, veroordeelde tot een vrijheidsstraf, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis van de strafuitvoeringsrechtbank te Antwerpen van 10 september
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Luc Van hoogenbemt heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
- Het middel voert schending aan van de artikelen 23, § 1, 25, § 2 en 54, tweede lid, Wet Strafuitvoering: ingevolge het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 23 juni 2010 is de toelaatbaarheidsdatum voor verweerders voorwaardelijke invrijheidstelling verschoven naar 2 juli 2013; niettegenstaande dit feit laat de strafuitvoeringsrechtbank na zijn voorwaardelijke invrijheidstelling te herroepen en wordt aldus geen uitvoering gegeven aan het voormelde arrest van 23 juni
- Artikel 64, 1°, Wet Strafuitvoering voorziet enkel in de herroeping van strafuitvoeringsmodaliteit wanneer bij een in kracht van gewijsde gegane veroordeling wordt vastgesteld dat de veroordeelde tijdens de proeftermijn een wanbedrijf of een misdaad heeft gepleegd. Die wetsbepaling voorziet niet in een herroeping wanneer de betrokkene tijdens de proeftermijn nog veroordeeld wordt voor een wanbedrijf of misdaad, gepleegd vóór de beslissing die hem in voorwaardelijke vrijheid stelde. Dit doet eraan niet af dat een strafuitvoeringsmodaliteit niet meer kan worden nageleefd als de wettelijke tijdsvoorwaarden niet meer voorhanden zijn.
- Daar overeenkomstig artikel 62, § 1, Wet Strafuitvoering het openbaar ministerie belast is met de controle op de veroordeelde, heeft het de bevoegdheid de zaak aanhangig te maken indien wettelijk de toegekende strafuitvoeringsmodaliteit niet meer kan worden nageleefd en moet de strafuitvoeringsrechtbank desgevallend deze onmogelijkheid vaststellen. Het middel is gegrond. Dictum Vernietigt het bestreden vonnis. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde vonnis. Laat de kosten ten laste van de Staat. Verwijst de zaak naar de strafuitvoeringsrechtbank te Antwerpen, anders samengesteld. Bepaalt de kosten op 47,82 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Etienne Goethals, als voorzitter, en de raadsheren Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt, Koen Mestdagh en Geert Jocqué, en op de openbare rechtszitting van 12 oktober 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Etienne Goethals, als voorzitter, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101012.6 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2023:CONC.20230228.2N.12 precedenten: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080102.3 ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090210.12 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div