← België

ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101015.2

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 15 oktober 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101015.2 Rolnummer: C.10.0580.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2010-10-18 Raadplegingen: 804 - laatst gezien 2026-07-02 05:52 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 Het innemen door een rechter van een bepaald standpunt over een juridisch twistpunt door middel van wetenschappelijke publicaties of in het kader van de activiteiten binnen een redactie van een juridisch tijdschrift, heeft niet noodzakelijk tot gevolg dat de rechter daardoor ongeschikt wordt om kennis te nemen van een geschil waar dat rechtspunt aan de orde is; dit is evenmin het geval wanneer hij hierbij afkeuring of bijval doet blijken voor een bepaald standpunt, op voorwaarde dat dit gebeurt met de gematigdheid en genuanceerdheid die het optreden van een magistraat steeds dient te kenmerken. Thesaurus CAS: WRAKING UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Tussengeschillen - Wraking (gerechtelijk recht) Vrije woorden: Burgerlijke zaken - Wettige verdenking - Juridisch twistpunt - Juridisch tijdschrift - Standpunt van een rechter - Gevolg - Kennisname van een desbetreffend geschil door die rechter Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 828, 1° Fiche 2 Het publiceren van een wetenschappelijke bijdrage over een rechtspunt kan niet beschouwd worden als het schrijven, door de rechter, over een geschil. Thesaurus CAS: WRAKING UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Tussengeschillen - Wraking (gerechtelijk recht) Vrije woorden: Burgerlijke zaken - Schrijven door de rechter over een geschil - Wetenschappelijke bijdrage over een rechtspunt Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 828, 9° Tekst van de beslissing Nr. C.10.0580.N

  1. V.,
  2. V., eisers in wraking, met als raadsman mr. Hans Rieder, advocaat bij de balie te Gent, met kantoor te 9000 Gent, Recollettenlei 39-
  3. I. HET VERZOEK TOT WRAKING De verzoekers hebben op 14 september 2010 op de griffie van het hof van beroep te Gent een verzoek tot wraking neergelegd, ondertekend door mr. Hans Rieder, advocaat. Van dit verzoekschrift, dat op 20 september 2010 is ontvangen door de procureur-generaal bij het Hof en dezelfde dag doorgezonden naar de hoofdgriffier van het Hof, is een eensluidend verklaard afschrift aan dit arrest gehecht. II. VERKLARING VAN DE GEWRAAKTE RAADSHEER Raadsheer Bart Meganck heeft op 17 september 2010 verklaard dat er geen reden bestaat om zich te onthouden in de zaak gekend onder de referte 1999/PGG/001804, hangende voor het hof van beroep te Gent, 10e correctionele kamer. III. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Raadsheer Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem heeft geconcludeerd. Op de rechtszitting van 8 oktober 2010 heeft mr. Hans Rieder een conclusie neergelegd. IV. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
  4. Artikel 828, 1°, Gerechtelijk Wetboek, bepaalt dat iedere rechter kan worden gewraakt wegens wettige verdenking. Dit is het geval wanneer de door de verzoeker aangevoerde feiten bij partijen en derden gewettigde verdenking kunnen wekken aangaande de geschiktheid van die magistraat om op onafhankelijke en onpartijdige wijze uitspraak te doen.
  5. Artikel 828, 9°, van hetzelfde wetboek bepaalt dat iedere rechter kan worden gewraakt indien hij raad gegeven, gepleit of geschreven heeft over het geschil of indien hij daarvan vroeger kennis heeft genomen als rechter of als scheidsrechter, behalve indien hij in dezelfde aanleg heeft meegewerkt aan een vonnis of een uitspraak alvorens recht te doen.
  6. De verzoekers voeren aan dat raadsheer Meganck niet onafhankelijk en onpartijdig is in de onderhavige zaak waar zij een beroep doen op de "Salduz-rechtspraak" van het Europees Hof van de Rechten van de Mens om reden dat: - raadsheer Meganck deel uitmaakt van de redactie van een juridisch tijdschrift en in die hoedanigheid het initiatief heeft genomen om een cassatiearrest te laten publiceren met een commentaar van zijn hand; - dit cassatiearrest betrekking heeft op het arrest "Salduz" van het Europees Hof van de Rechten van de Mens; - hij zich in deze commentaar gunstig uitlaat over het cassatiearrest dat hij als "pragmatisch" kwalificeert en "wars van iedere juridische wereldvreemdheid" en dit standpunt ook heeft vertolkt in emailverkeer met de andere redactieleden.
  7. Het innemen door een rechter van een bepaald standpunt over een juridisch twistpunt door middel van wetenschappelijke publicaties of in het kader van de activiteiten binnen een redactie van een juridisch tijdschrift, heeft niet noodzakelijk tot gevolg dat de rechter daardoor ongeschikt wordt om kennis te nemen van een geschil waar dat rechtspunt aan de orde is. Dit is evenmin het geval wanneer hierbij afkeuring of bijval doet blijken voor een bepaald standpunt, op voorwaarde dat dit gebeurt met de gematigdheid en genuanceerdheid die het optreden van een magistraat steeds dient te kenmerken.
  8. Uit de overgelegde elementen blijkt niet dat raadsheer Meganck bij de voorbereiding van een wetenschappelijk publicatie en in de gedachtenwisseling hierover binnen de redactie de grens heeft overschreden waardoor zijn geschiktheid om op onafhankelijke en onpartijdige wijze uitspraak te doen in het gedrang komt.
  9. In zoverre het verzoekschrift gebaseerd is op artikel 828, 1°, Gerechtelijk Wetboek, moet het worden verworpen.
  10. Het publiceren van een wetenschappelijke bijdrage over een rechtspunt kan niet beschouwd worden als het schrijven over een geschil in de zin van artikel 828, 9°, Gerechtelijk Wetboek
  11. In zoverre het verzoekschrift gebaseerd is op artikel 828, 9°, moet het eveneens worden verworpen. Dictum Het Hof, Verwerpt het verzoek tot wraking. Wijst gerechtsdeurwaarder Koen Cuyvers, met kantoor te 1030 Schaarbeek, Roodebeeklaan 275, aan om op verzoek van de griffier het arrest binnen achtenveertig uren aan de partijen te betekenen. Veroordeelt de verzoeker tot de kosten. Bepaalt de kosten tot op heden op de som van nul euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Robert Boes, als voorzitter, en de raadsheren Eric Dirix, Beatrijs Deconinck, Alain Smetryns en Geert Jocqué, en in openbare terechtzitting van 15 oktober 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Robert Boes, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Thijs, met bijstand van griffier Johan Pafenols. PDF document ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101015.2 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2011:CONC.20111129.2 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20181121.5 ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260327.1F.9 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.