← België

ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101116.5

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 16 november 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2

Art. 18

, § 2 - 32 ELI link Pub nr 2003009950 Fiches 2 - 3 Het verzoekschrift met cassatiemiddelen dat niet is neergelegd ter griffie van het hof van beroep samen met het cassatieberoep, kan niet als memorie gelden in de zin van artikel 18, § 2 Wet Europees Aanhoudingsbevel, en is niet ontvankelijk ook al is het samen met het dossier binnen de termijn toegekomen op de griffie van het Hof

(1)
(2).
(1)De Nederlandstalige tekst van artikel 18, §2 Wet Europees Aanhoudingsbevel luidt: ' (...) De middelen van het cassatieberoep kunnen worden omschreven hetzij in de akte ervan, hetzij in een daartoe neergelegd geschrift, hetzij in een memorie die op de griffie van het Hof moet worden ontvangen ten laatste de vijfde dag te rekenen van instelling van het cassatieberoep'. Deze tekst wijkt af van het bepaalde in artikel 31, §3 Voorlopige Hechteniswet waarop artikel 18, §2 Wet Europees Aanhoudingsbevel nochtans is geïnspireerd. De Franstalige versie luidt: ' (...)Les moyens de cassation peuvent être décrits soit dans l'acte de pourvoi, soit dans un écrit déposé à cette occasion, soit dans un mémoire qui doit parvenir au greffe de la Cour de cassation au plus tard le cinquième jour après la date du pourvoi.' De Franstalige versie geeft dus beter de bedoeling van de wetgever weer.
(2)Zie Cass., 26 aug. 2008, AR P.08.1321.N ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080826.2, A.C., 2008, nr. 436. Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - STRAFZAKEN - Vormen - Vorm en termijn voor memories en stukken UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in strafzaken - Vormen - Vorm en termijn van betekening en/ of neerlegging STRAFRECHT - AANHOUDINGSBEVEL - EUROPEES Vrije woorden: Europees aanhoudingsbevel - Cassatiemiddelen - Verzoekschrift niet neergelegd samen met het cassatieberoep ter griffie van het hof van beroep Wettelijke bepalingen:

Art. 18

, § 2 - 32 ELI link Pub nr 2003009950 Thesaurus CAS: CASSATIEMIDDELEN - STRAFZAKEN - Te voegen stukken UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in strafzaken - Vormen - Vorm en termijn van betekening en/ of neerlegging STRAFRECHT - AANHOUDINGSBEVEL - EUROPEES Vrije woorden: Europees aanhoudingsbevel - Verzoekschrift niet neergelegd samen met het cassatieberoep ter griffie van het hof van beroep Wettelijke bepalingen:

Art. 18

, § 2 - 32 ELI link Pub nr 2003009950 Fiches 4 - 5 De onderzoeksgerechten die uitspraak doen over de tenuitvoerlegging van het Europees aanhoudingsbevel, hebben niet te oordelen over de wettigheid en regelmatigheid van dit bevel, maar enkel over de tenuitvoerlegging ervan overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 3 tot 8 van de voormelde wet

(1).
(1)Zie Cass., 25 jan. 2005, AR P.05.0065.N ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050125.4, A.C., 2005, nr. 51; Cass., 21 sept. 2005, AR P.05.1270.N ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050921.2, A.C., 2005, nr. 450; Cass., 21 aug. 2007, AR P.07.1268.N ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20070821.2, A.C., 2007, nr. 376; Cass., 17 juni 2008, AR P.08.0914.N ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080617.5, A.C., 2008, nr. 378; Cass., 14 juli 2009, AR P.09.1041.N ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090714.6, A.C., 2009, nr. 455. Thesaurus CAS: EUROPEES AANHOUDINGSBEVEL UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in strafzaken - Vormen - Vorm en termijn van betekening en/ of neerlegging STRAFRECHT - AANHOUDINGSBEVEL - EUROPEES Vrije woorden: Tenuitvoerlegging - Beoordelingsbevoegdheid van het onderzoeksgerecht Wettelijke bepalingen:

Artt. 2, § 4, en 3 tot 8 - 32 ELI link Pub nr 2003009950 Thesaurus CAS: ONDERZOEKSGERECHTEN UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in strafzaken - Vormen - Vorm en termijn van betekening en/ of neerlegging STRAFRECHT - AANHOUDINGSBEVEL - EUROPEES Vrije woorden: Europees aanhoudingsbevel - Tenuitvoerlegging - Beoordelingsbevoegdheid Wettelijke bepalingen:

Artt. 2, § 4, en 3 tot 8 - 32 ELI link Pub nr 2003009950 Fiche 6 De wettigheid en regelmatigheid van het Europees aanhoudingsbevel worden, ingeval van tenuitvoerlegging ervan, beoordeeld door de uitvaardigende rechterlijke autoriteit aan dewelke de gezochte persoon wordt overgeleverd

(1).
(1)Zie: Cass., 25 jan. 2005, AR P.05.0065.N ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050125.4, A.C., 2005, nr. 51; Cass., 21 sept. 2005, AR P.05.1270.F ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050921.2, A.C., 2005, nr. 450; Cass., 14 juli 2009, AR P.09.1041.N ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090714.6, A.C., 2009, nr. 455. Thesaurus CAS: EUROPEES AANHOUDINGSBEVEL UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in strafzaken - Vormen - Vorm en termijn van betekening en/ of neerlegging STRAFRECHT - AANHOUDINGSBEVEL - EUROPEES Vrije woorden: Tenuitvoerlegging - Wettigheid - Regelmatigheid - Beoordeling - Uitvaardigende rechterlijke autoriteit Fiche 7 Artikel 2, § 4, Wet Europees Aanhoudingsbevel dat de inlichtingen vermeldt die het Europees aanhoudingsbevel bevat, is niet op straffe van nietigheid voorgeschreven; het volstaat dat het Europees aanhoudingsbevel zodanig is opgesteld dat het de onderzoeksgerechten in staat stelt te beoordelen of de in de artikelen 3 tot 8 van die wet bepaalde voorwaarden voor de tenuitvoerlegging werden nageleefd
(1).
(1)Cass., 28 september 2010, AR P.10.1512.N ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100928.5 (onuitgegeven); Zie: Cass., 8 dec. 2004, AR P.04.1562.F ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20041208.16, A.C., 2004, nr. 603 en Cass., 17 juni 2008, AR P.08.0914.N ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080617.5, A.C., 2008, nr. 378. Thesaurus CAS: EUROPEES AANHOUDINGSBEVEL UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in strafzaken - Vormen - Vorm en termijn van betekening en/ of neerlegging STRAFRECHT - AANHOUDINGSBEVEL - EUROPEES Vrije woorden: Inhoud - Draagwijdte - Doel Wettelijke bepalingen:

Artt. 2, § 4, en 3 tot 8 - 32 ELI link Pub nr 2003009950 Tekst van de beslissing Nr. P.10.1730.N PROCUREUR-GENERAAL BIJ HET HOF VAN BEROEP TE GENT, eiser, tegen B. A. A. O. gedetineerd krachtens een Europees aanhoudingsbevel, verweerder, met als raadsman mr. Filip Van Hende, advocaat bij de balie te Gent. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent, kamer van inbeschuldigingstelling, van 4 november

  1. De eiser voert in een verzoekschrift grieven aan. Raadsheer Koen Mestdagh heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het verzoekschrift
  2. Krachtens artikel 18, § 2, Wet Europees Aanhoudingsbevel kunnen cassatiemiddelen worden voorgedragen, hetzij in de akte van voorziening, hetzij in een bij die gelegenheid neergelegd geschrift, hetzij in een memorie die op de griffie van het Hof van Cassatie moet worden ontvangen ten laatste de vijfde dag te rekenen van de datum van instelling van het cassatieberoep.
  3. Het cassatieberoep is ingesteld op 5 november
  4. Het verzoekschrift met cassatiemiddelen dat is neergelegd ter griffie van het hof van beroep te Gent op 8 november 2010 en derhalve niet samen met het cassatieberoep, kan niet als memorie gelden in de zin van het voormelde artikel 18, § 2, ook al is het samen met het dossier binnen de termijn toegekomen op de griffie van het Hof. Het verzoekschrift is niet ontvankelijk. Ambtshalve middel Geschonden wettelijke bepalingen - de artikelen 16, § 1, tweede lid, en 17, § 4, eerste lid, Wet Europees Aanhoudingsbevel.
  5. Artikel 16, § 1, tweede lid, Wet Europees Aanhoudingsbevel bepaalt dat de raadkamer die uitspraak moet doen over de tenuitvoerlegging van het Europees aanhoudingsbevel, daartoe nagaat of: 1° de voorwaarden van artikel 3 vervuld zijn; 2° een van de weigeringsgronden omschreven in de artikelen 4 tot 6 moet worden toegepast; 3° ingeval het Europees aanhoudingsbevel betrekking heeft op een feit vermeld in de lijst van artikel 5, § 2, de gedragingen zoals zij zijn omschreven in het Europees aanhoudingsbevel, wel degelijk met die lijst overeenstemmen; 4° de waarborgen bedoeld in de artikelen 7 en 8 moeten worden geëist. Krachtens artikel 17, § 4, eerste lid, Wet Europees Aanhoudingsbevel verricht de kamer van inbeschuldigingstelling die uitspraak doet over het beroep tegen de beslissing van de raadkamer, de verificaties omschreven in artikel 16, § 1, tweede lid. De onderzoeksgerechten die uitspraak doen over de tenuitvoerlegging van het Europees aanhoudingsbevel, hebben aldus niet te oordelen over de wettigheid en regelmatigheid van dit bevel, maar enkel over de tenuitvoerlegging ervan overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 3 tot 8 van de voormelde wet. De wettigheid en regelmatigheid van het Europees aanhoudingsbevel worden, ingeval van tenuitvoerlegging ervan, beoordeeld door de uitvaardigende rechterlijke autoriteit aan dewelke de gezochte persoon wordt overgeleverd.
  6. Artikel 2, § 4, Wet Europees Aanhoudingsbevel vermeldt de inlichtingen die het Europees aanhoudingsbevel bevat. Deze bepaling is niet op straffe van nietigheid voorgeschreven. Het volstaat dat het Europees aanhoudingsbevel zodanig is opgesteld dat het de onderzoeksgerechten in staat stelt te beoordelen of de in de artikelen 3 tot 5 van die wet bepaalde voorwaarden voor de tenuitvoerlegging werden nageleefd.
  7. Het arrest verklaart het lastens de verweerder uitgevaardigde Europees aanhoudingsbevel niet uitvoerbaar. Het beslist daartoe op grond dat "aan de voorwaarde tot het afleveren van een Europees aanhoudingsbevel zoals vereist in artikel 2, § 4, 5°, van de wet onvoldoende is voldaan omdat in dit Europees aanhoudingsmandaat niet werd omschreven in welke mate [de verweerder] aan het misdrijf heeft deelgenomen", zonder vast te stellen dat de in de artikelen 3 tot 5 Wet Europees Aanhoudingsbevel bepaalde voorwaarden niet zijn nageleefd. Die beslissing is niet naar recht verantwoord. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest. Laat de kosten ten laste van de Staat. Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Gent, kamer van inbeschuldigingstelling, anders samengesteld. Bepaalt de kosten op 43,20 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Luc Van hoogenbemt, Koen Mestdagh, Geert Jocqué en Filip Van Volsem, en op de openbare rechtszitting van 16 november 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc Timperman, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky. PDF document ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101116.5 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20041208.16 ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050125.4 ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050921.2 ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20070821.2 ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080617.5 ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080826.2 ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090714.6 ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100928.5 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2011:ARR.20110426.1 ECLI:BE:CASS:2012:ARR.20121120.1 ECLI:BE:CASS:2012:ARR.20121211.4 ECLI:BE:CASS:2014:ARR.20140415.3 ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220126.2F.11 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.