← België

ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101126.2

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 26 november 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101126.2 Rolnummer: C.09.0273.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht - Handelsrecht Invoerdatum: 2010-12-02 Raadplegingen: 517 - laatst gezien 2026-07-01 14:10 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Artikel 5 van het koninklijk besluit van 9 juli 2000 betreffende de vermelding van de essentiële gegevens van de algemene verkoopsvoorwaarden op de bestelbon voor nieuwe autovoertuigen legt ter bescherming van de koper een relatieve nietigheid op wegens de niet-naleving van de bepalingen van dat koninklijk besluit, waarbij de koper die deze nietigheid wenst in te roepen, dient aan te tonen dat door de toevoeging of wijziging aan de bepalingen van het koninklijk besluit, de rechten die hij haalt uit wettelijke bepalingen, rechtstreeks of onrechtstreeks worden opgeheven of beperkt

(1).
(1)Zie Cass. , 26 mei 2006, AR C.05.0378.F ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20060526.5, A.C., 2006, nr. 293, (contract tot reisorganisatie). Thesaurus CAS: KOOP UTU-thesaurus: HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - HANDELSPRAKTIJKEN - Algemeen (handelspraktijken) Vrije woorden: Nieuwe autovoertuigen - Bestelbon - Algemene verkoopsvoorwaarden - Vermelding van de essentiële gegevens - Niet-naleving van de bepalingen - Nietigheid - Bewijslast Wettelijke bepalingen: Koninklijk Besluit - 09-07-2000 - Art. 5 Thesaurus CAS: BEWIJS - BURGERLIJKE ZAKEN - Bewijslast. Beoordelingsvrijheid UTU-thesaurus: HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - HANDELSPRAKTIJKEN - Algemeen (handelspraktijken) Vrije woorden: Nieuwe autovoertuigen - Bestelbon - Algemene verkoopsvoorwaarden - Vermelding van de essentiële gegevens - Niet-naleving van de bepalingen - Nietigheid - Bewijslast Wettelijke bepalingen: Koninklijk Besluit - 09-07-2000 - Art. 5 Tekst van de beslissing Nr. C.09.0273.N D.J., eiser, aan wie rechtsbijstand werd verleend bij beslissing van 12 maart 2009, onder nummer G.08.0248.N vertegenwoordigd door mr. Paul Lefèbvre, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1050 Brussel, Louizalaan 480, bus 9, waar de eiser woonplaats kiest, tegen LOKERS AUTOBEDRIJF, naamloze vennootschap, met zetel te 9160 Lokeren, Gentsesteenweg 157, verweerster, vertegenwoordigd door mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 9051 Gent, Driekoningenstraat 3, waar de verweerster woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest, op 19 november 2008 gewezen door het hof van beroep te Gent. Raadsheer Beatrijs Deconinck heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiser voert in zijn verzoekschrift een middel aan. Het verzoekschrift is aan dit arrest gehecht. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste onderdeel
  1. De appelrechter negeert niet de aanvoeringen in de conclusie van de eiser, maar oordeelt dat: - de afwezigheid van bepaalde vermeldingen niet wordt bestraft met de nietigheid van de bestelbon of de overeenkomst; - het enkel de toevoegingen of wijzigingen zijn die, rechtstreeks of onrechtstreeks, de rechten van de koper beperken of opheffen, die nietig zijn; - de eiser nergens beweert dat enige bepaling uit de bestelbon zijn rechten zou beperken of opheffen en allerminst dergelijke bepaling aantoont.
  2. In zoverre het onderdeel de miskenning van de bewijskracht van eisers' conclusies aanvoert, berust het op een verkeerde lezing van het arrest en mist het feitelijke grondslag.
  3. Het onderdeel verwijt het arrest in werkelijkheid de miskenning van het algemeen rechtsbeginsel dat de rechter, zonder het voorwerp of oorzaak van de vordering te wijzigen, op de regelmatig aan hem voorgelegde feiten, de rechtsregels toepast op grond waarvan hij de vordering zal toe- of afwijzen.
  4. In zoverre het onderdeel enkel de schending van de artikelen 32.4 en 33 van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument, hierna: Handelspraktijkenwet 1991, inroept, is het niet ontvankelijk.
  5. Het middel dat niet aan de feitenrechter is voorgelegd en waarover deze evenmin op eigen initiatief uitspraak heeft gedaan, ook al is het gegrond op een wettelijke bepaling of verdragsbepaling, die de openbare orde raakt of van dwingend recht is, kan niet voor het Hof worden opgeworpen, wanneer de feitelijke gegevens die voor de beoordeling noodzakelijk zijn, door de feitenrechter niet worden vastgesteld of niet blijken uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan.
  6. Krachtens artikel 3.1 Richtlijn 93/13/ EEG van de Raad van 5 april 1993 betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten wordt een beding in een overeenkomst waarover niet afzonderlijk is onderhandeld, als oneerlijk beschouwd indien het, in strijd met de goede trouw, het evenwicht tussen de uit de overeenkomst voortvloeiende rechten en verplichtingen van de partijen ten nadele van de consument aanzienlijk verstoort.
  7. Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt evenwel niet dat de eiser voor het hof van beroep enig feit heeft aangevoerd dat er op zou wijzen dat niet afzonderlijk is onderhandeld over bedingen in de overeenkomst, noch is er enig feit aangevoerd dat zou toelaten te besluiten dat dergelijk beding, in strijd met de goede trouw, het evenwicht tussen de uit de overeenkomst voortvloeiende rechten en verplichtingen van de partijen ten nadele van de consument aanzienlijk verstoort. Uit het arrest blijkt evenmin dat deze feitelijke gegevens werden vastgesteld. Het onderdeel is in zoverre nieuw en derhalve niet ontvankelijk. Tweede onderdeel Eerste subonderdeel
  8. Krachtens artikel 5 van het koninklijk besluit van 9 juli 2000 betreffende de vermelding van de essentiële gegevens van de algemene verkoopsvoorwaarden op de bestelbon voor nieuwe autovoertuigen is elke toevoeging of wijziging aan deze bepalingen die, rechtstreeks of onrechtstreeks, de rechten beperken of opheffen die de koper haalt uit deze of uit de wettelijke bepalingen, in het bijzonder deze van de Handelspraktijkenwet 1991, verboden en nietig.
  9. Aldus legt dit artikel ter bescherming van de koper een relatieve nietigheid op wegens de niet-naleving van de bepalingen van het koninklijk besluit van 9 juli 2000, waarbij de koper die deze nietigheid wenst in te roepen, dient aan te tonen dat door de toevoeging of wijziging aan de bepalingen van het koninklijk besluit, de rechten die hij haalt uit wettelijke bepalingen, rechtstreeks of onrechtstreeks worden opgeheven of beperkt.
  10. Het subonderdeel, dat in wezen volledig ervan uitgaat dat elke toevoeging of wijziging aan de bepalingen van het koninklijk besluit van rechtswege de nietigheid van het beding met zich meebrengt, zonder dat dient nagegaan of de rechten van de koper rechtstreeks of onrechtstreeks worden opgeheven of beperkt, faalt naar recht. Tweede subonderdeel
  11. Het onderdeel gaat volledig ervan uit dat de bestelbon een onrechtmatig beding in de zin van het koninklijk besluit van 9 juli 2000 bevat.
  12. Uit het antwoord op het eerste subonderdeel volgt dat dit niet automatisch het geval is, terwijl het bestreden arrest geen dergelijk beding vaststelt. Het subonderdeel kan niet worden aangenomen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Bepaalt de kosten op de som van 476,48 in debet jegens de eisende partij en op de som van 146,64 euro jegens de verwerende partij. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Robert Boes, als voorzitter, en de raadsheren Eric Dirix, Eric Stassijns, Beatrijs Deconinck en Alain Smetryns, en in openbare rechtszitting van 26 november 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Robert Boes, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem, met bijstand van griffier Johan Pafenols. PDF document ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101126.2 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20060526.5 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.