← België

ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101214.8

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 14 december 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101214.8 Rolnummer: P.10.1079.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2010-12-20 Raadplegingen: 791 - laatst gezien 2026-07-02 03:55 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 Er is geen valsheid in geschrifte wanneer het geschrift slechts bewijswaarde heeft na aanvaarding ervan door de geadresseerde; dit is niet het geval wanneer controle van de in het geschrift voorkomende vermeldingen door de bestemmeling onmogelijk is of deze controle door toedoen van de uitreiker onmogelijk werd gemaakt

(1).
(1)Cass., 25 okt. 1988, AR 2183, A.C., 1988
(89), n° 112; Cass., 19 sept. 1995, AR P.94.0377.N ECLI:BE:CASS:1995:ARR.19950919.1, A.C., 1995, n°
  1. Thesaurus CAS: VALSHEID EN GEBRUIK VAN VALSE STUKKEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - MISDRIJVEN EN HUN STRAFFEN - Misdrijven tegen openbare trouw - Valsheid - In geschriften Vrije woorden: Valsheid in geschrifte Wettelijke bepalingen: Strafwetboek 1867 - 08-06-1867 - Artt. 193 en 196 - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Fiches 2 - 3 Valsheid in geschrifte is een aflopend misdrijf; de latere aanvaarding of weigering van een factuur heeft niet tot gevolg dat zulk geschrift, dat op het moment van de eventuele waarheidsvermomming, te weten vóór de controle ervan, geen maatschappelijke bewijswaarde had, alsnog een strafrechtelijk beschermd geschrift wordt. Thesaurus CAS: VALSHEID EN GEBRUIK VAN VALSE STUKKEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - MISDRIJVEN EN HUN STRAFFEN - Misdrijven tegen openbare trouw - Valsheid - In geschriften Vrije woorden: Valsheid in geschrifte - Aard Wettelijke bepalingen: Strafwetboek 1867 - 08-06-1867 - Artt. 193 en 196 - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Thesaurus CAS: MISDRIJF - SOORTEN - Aflopend. Voortgezet. Voortdurend misdrijf UTU-thesaurus: STRAFRECHT - MISDRIJVEN EN HUN STRAFFEN - Misdrijven tegen openbare trouw - Valsheid - In geschriften Vrije woorden: Aflopend misdrijf - Valsheid in geschrifte Wettelijke bepalingen: Strafwetboek 1867 - 08-06-1867 - Artt. 193 en 196 - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Tekst van de beslissing Nr. P.10.1079.N R. V. burgerlijke partij, eiser, met als raadsman mr. Luc Savelkoul, advocaat bij de balie te Hasselt, tegen J. G. beklaagde, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen, correctionele kamer, van 12 mei
  2. De eiser voert in een verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Luc Van hoogenbemt heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
  3. Het middel voert schending aan van artikel 196 Strafwetboek: valsheid in geschrifte is een aflopend misdrijf; of een geschrift beschermd is, moet vaststaan op het ogenblik van de vervalsing ervan en is niet afhankelijk van de beslissing van de bestemmeling om de factuur te aanvaarden dan wel te weigeren; te dezen moet de factuur in elk geval als een beschermd geschrift worden beschouwd omdat zij zowel aan de eiser als aan derde schade heeft aangericht.
  4. Er is geen valsheid in geschrifte wanneer het geschrift slechts bewijswaarde heeft na aanvaarding ervan door de geadresseerde. Dit is evenwel niet het geval wanneer controle van de in het geschrift voorkomende vermeldingen door de bestemmeling onmogelijk is of deze controle door toedoen van de uitreiker onmogelijk werd gemaakt. Een aan de schuldenaar gerichte factuur kan bijgevolg niet worden aangemerkt als een strafbare valsheid, wanneer de bestemmeling de juistheid van de daarin vermelde gegevens kan nagaan.
  5. Valsheid in geschrifte is een aflopend misdrijf. De latere aanvaarding of weigering van de factuur heeft niet tot gevolg dat zulk geschrift dat op het moment van de eventuele waarheidsvermomming, te weten vóór de controle ervan, geen maatschappelijke bewijswaarde had, alsnog een strafrechtelijk beschermd geschrift wordt. In zoverre faalt het middel naar recht.
  6. De appelrechters stellen onaantastbaar vast dat de eiser niet geloofde dat de litigieuze factuur zich zou opdringen aan het openbaar vertrouwen, wat "blijkt uit het feit dat de eiser nazicht deed of de inhoud van de factuur overeenstemde met de waarheid, ze als onwaar of vals beschouwde en ze daarom tijdig protesteerde en niet betaalde". Aldus verantwoorden zij hun beslissing naar recht. In zoverre kan het middel niet worden aangenomen.
  7. Voor het overige verplicht het middel het Hof tot een onderzoek van feiten waarvoor het niet bevoegd is. In zoverre is het middel niet ontvankelijk. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Bepaalt de kosten op 192,38 euro waarvan de eiser 36,66 euro verschuldigd is. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Etienne Goethals en de raadsheren Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt en Koen Mestdagh, en op de openbare rechtszitting van 14 december 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky. PDF document ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101214.8 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2020:CONC.20201201.2N.5 ECLI:BE:CASS:2025:CONC.20250528.2F.1 precedenten: ECLI:BE:CASS:1995:ARR.19950919.1 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2017:ARR.20170523.1 ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220322.2N.12 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.