← België

ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101221.6

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 21 december 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101221.6 Rolnummer: P.10.0965.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2011-01-04 Raadplegingen: 575 - laatst gezien 2026-07-02 06:41 Versie(s): Vertaling FR Fiche De omstandigheid dat de appelrechters na het beroepen vonnis vernietigd te hebben ten onrechte de zaak aan zich trekken, heeft geen nietigheid tot gevolg, tast de wettelijkheid van hun beslissing niet aan en kan evenmin eisers belang schaden

(1).
(1)Cass., 15 mei 2001, AR P.01.0050.N ECLI:BE:CASS:2001:ARR.20010515.7, A.C., 2001, nr.
  1. Thesaurus CAS: HOGER BEROEP - STRAFZAKEN (DOUANE EN ACCIJNZEN INBEGREPEN) - Gevolgen. Bevoegdheid van de rechter UTU-thesaurus: STRAFRECHT - BEVOEGDHEID - RECHTSPLEGING - RECHTSMIDDELEN STRAFGERECHTEN - Bevoegdheidsincidenten (strafrecht) - Algemeen Vrije woorden: Foutieve evocatie - Devolutieve kracht van het hoger beroep Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 215 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Nr. P.10.0965.N P. S. T. beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Sigfried Sergeant, advocaat bij de balie te Brugge, met kantoor te 8000 Brugge, Zwijnstraat 3, waar de eiser woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent, correctionele kamer, van 21 april
  2. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Raadsheer Luc Van hoogenbemt heeft verslag uitgebracht. Eerste advocaat-generaal Marc De Swaef heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
  3. De eiser is voor het hem ten laste gelegde feit C vrijgesproken "voor wat betreft de periode tussen 22 september 2002 en 31 december 2004". Eisers cassatieberoep tegen die beslissing is bij gebrek aan belang niet ontvankelijk. Eerste middel
  4. Het middel voert schending aan van artikel 149 Grondwet: het arrest beantwoordt eisers verweer niet dat evocatie niet mogelijk is met betrekking tot een vonnis over de grond van de zaak.
  5. De verplichting van artikel 149 Grondwet elk vonnis met redenen te omkleden houdt niet in dat de rechter moet antwoorden op argumenten die tot staving van een middel zijn aangevoerd, maar geen afzonderlijk middel vormen. Eisers verweer had uitsluitend betrekking op de niet-toepasselijkheid van de evocatie.
  6. Met de redenen die zij vermelden (arrest, p. 5-6, rubriek 1), beantwoorden de appelrechters eisers verweer. Het middel mist feitelijke grondslag. Tweede middel
  7. Het middel voert schending aan van artikel 215 Wetboek van Strafvordering: evocatie is slechts mogelijk voor tussenvonnissen, vonnissen over de bevoegdheid en voorbereidende vonnissen; het beroepen vonnis was een eindbeslissing; de appelrechters vernietigen het beroepen vonnis en trekken de zaak onterecht aan zich.
  8. Het bestreden arrest vernietigt het beroepen vonnis dat ten gronde uitspraak deed.
  9. Ingevolge de devolutieve kracht van de hogere beroepen van de eiser en het openbaar ministerie konden en dienden de appelrechters ten gronde uitspraak te doen over de zaak. De omstandigheid dat de appelrechters na het beroepen vonnis vernietigd te hebben ten onrechte de zaak aan zich trekken, heeft geen nietigheid tot gevolg, tast de wettelijkheid van hun beslissing niet aan en kan evenmin eisers belang schaden. Het middel is niet ontvankelijk. Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvordering
  10. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing bevat geen onwettigheid die de eiser kan grieven. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Bepaalt de kosten op 82,20 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Etienne Goethals, en de raadsheren Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt en Koen Mestdagh, en op de openbare rechtszitting van 21 december 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, in aanwezigheid van eerste advocaat-generaal Marc De Swaef, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101221.6 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2022:CONC.20220308.2N.4 precedenten: ECLI:BE:CASS:2001:ARR.20010515.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.