id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Conclusie van het Openbaar Ministerie van 03 mei 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20100503.2 Rolnummer: S.09.0024.N Kamer: 3N - derde kamer Rechtsgebied: Sociale-zekerheidsrecht - Burgerlijk recht - Overige Invoerdatum: 2010-06-04 Raadplegingen: 284 - laatst gezien 2026-07-02 17:57 Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100503.2 Fiche 1 Uit de parlementaire voorbereiding van de wet van 22 februari 1998 houdende sociale bepalingen, die artikel 43ter heeft ingevoegd in de Ziekenfondswet, blijkt dat deze bepaling verantwoord is door de noodzaak, in het belang van de bescherming van de consument, om het onderscheid tussen de ziekenfondssector en de commerciële sector van de banken of de verzekeringsmaatschappijen te versterken en elke verwarring tussen de beide sectoren te vermijden, alsmede door de bekommernis om het privé-leven van de sociaal verzekerden beter te beschermen tegen elke overdracht van persoonlijke informatie van de verplichte en aanvullende verzekering naar de commerciële verzekering. Zij verbiedt ieder akkoord met als voorwerp de promotie, distributie of verkoop van een ziekenfondsdienst, door een persoon die een activiteit van verzekeringsbemiddeling of een bankactiviteit uitoefent, zonder dat moet aangetoond worden dat er een effectieve vermenging is van beide activiteiten
(1).
(1)Zie de conclusie van het openbaar ministerie. Thesaurus CAS: ZIEKTE- EN INVALIDITEITSVERZEKERING - ALGEMEEN UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - BEWIJS VAN VERBINTENISSEN - Vermoedens SOCIAAL RECHT - SOCIALE ZEKERHEID - Ziekenfondsen - Controledienst Vrije woorden: Ziekenfonds - Controledienst - Promotie, distributie of verkoop van een ziekenfondsdienst - Akkoord met verzekeringsinstelling of banksector - Verbod Wettelijke bepalingen: Wet - 06-08-1990 - Art. 43ter, tweede en derde lid Fiche 2 Het arrest dat oordeelt dat volgens de gewone gang van zaken aangenomen mag worden dat een persoon die ingeschreven is als verzekeringstussenpersoon, daadwerkelijk activiteiten van verzekeringsbemiddeling uitoefent, steunt zijn beslissing niet op een onbestaand wettelijk vermoeden, maar op een feitelijk vermoeden van overeenstemming met de gewone gang van zaken, waarbij degene die zich op een afwijking van de gewone gang van zaken beroept, het bewijs daarvan dient te leveren
(1).
(1)Zie de conclusie van het openbaar ministerie. Thesaurus CAS: BEWIJS - BURGERLIJKE ZAKEN - Vermoedens UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - BEWIJS VAN VERBINTENISSEN - Vermoedens SOCIAAL RECHT - SOCIALE ZEKERHEID - Ziekenfondsen - Controledienst Vrije woorden: Feitelijk vermoeden van overeenstemming met de gewone gang van zaken - Bewijslast Wettelijke bepalingen: oud Burgerlijk Wetboek - Artt. 1349 en 1353 Fiche 3 Hoewel de rechter op onaantastbare wijze het bestaan vaststelt van de feiten waarop hij steunt en hoewel de gevolgtrekkingen die hij daaruit als vermoeden afleidt, aan zijn oordeel en beleid worden overgelaten, mag hij het rechtsbegrip feitelijk vermoeden dat aan het toezicht van het Hof is onderworpen niet miskennen of denatureren, en mag hij met name aan de door hem vastgestelde feiten geen gevolgen verbinden die daarmee in geen enkel verband staan of die, op grond van die feiten, onmogelijk kunnen worden verantwoord
(1).
(1)Zie de conclusie van het openbaar ministerie. Thesaurus CAS: VONNISSEN EN ARRESTEN - ALGEMEEN UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - BEWIJS VAN VERBINTENISSEN - Vermoedens SOCIAAL RECHT - SOCIALE ZEKERHEID - Ziekenfondsen - Controledienst Vrije woorden: Taak van de rechter - Onaantastbare beoordeling in feite - Hieruit afgeleide vermoedens Wettelijke bepalingen: oud Burgerlijk Wetboek - Artt. 1349 en 1353 Fiches 4 - 6 Conclusie van advocaat-generaal MORTIER. Thesaurus CAS: ZIEKTE- EN INVALIDITEITSVERZEKERING - ALGEMEEN UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - BEWIJS VAN VERBINTENISSEN - Vermoedens SOCIAAL RECHT - SOCIALE ZEKERHEID - Ziekenfondsen - Controledienst Vrije woorden: Ziekenfonds - Controledienst - Promotie, distributie of verkoop van een ziekenfondsdienst - Akkoord met verzekeringsinstelling of banksector - Verbod Thesaurus CAS: BEWIJS - BURGERLIJKE ZAKEN - Vermoedens UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - BEWIJS VAN VERBINTENISSEN - Vermoedens SOCIAAL RECHT - SOCIALE ZEKERHEID - Ziekenfondsen - Controledienst Vrije woorden: Feitelijk vermoeden van overeenstemming met de gewone gang van zaken - Bewijslast Thesaurus CAS: VONNISSEN EN ARRESTEN - ALGEMEEN UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - BEWIJS VAN VERBINTENISSEN - Vermoedens SOCIAAL RECHT - SOCIALE ZEKERHEID - Ziekenfondsen - Controledienst Vrije woorden: Taak van de rechter - Onaantastbare beoordeling in feite - Hieruit afgeleide vermoedens Tekst van de conclusie PARKET VAN HET HOF VAN CASSATIE _____ S.09.0024.N Conclusie van advocaat-generaal R. MORTIER 1. Artikel 2, §1 van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen definieert ziekenfondsen als verenigingen van natuurlijke personen die het bevorderen van het fysiek, psychisch en sociaal welzijn als streefdoel hebben in een geest van voorzorg, onderlinge hulp en solidariteit. Zij oefenen hun activiteiten uit zonder winstoogmerk. In het raam van hun opdrachten omschreven onder artikel 3,b van de ziekenfondswet, namelijk het financieel tussenkomen voor hun leden en de personen ten hunne laste in de kosten voortspruitend uit de preventie en de behandeling van ziekte en invaliditeit, kunnen de ziekenfondsen aan hun leden aanvullende diensten aanbieden die aanvullende sociale verzekeringen uitmaken. Met betrekking tot deze diensten zijn de ziekenfondsen niet onderworpen aan de wet betreffende de controle der verzekeringsondernemingen, maar blijven ze onderworpen aan de regels bepaald in de Ziekenfondswet en aan de preventieve controle van de Controledienst voor de ziekenfondsen en landsbonden van ziekenfondsen.
(1)Uit de parlementaire voorbereidende werken blijkt dat de Wetgever met betrekking tot de opdracht bepaald onder artikel 3,b, de rol van de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen als sociaal verzekeraar heeft bevestigd. "Zij zullen diensten kunnen organiseren op het gebied van ziekte en arbeidsongeschiktheid en ook risico's kunnen dekken die niet of slechts gedeeltelijk door de ziekte- en invaliditeitsverzekering ten laste genomen worden, zodat de specifieke behoeften van hun leden of van bepaalde groepen kunnen opgevangen worden. De voordelen die zij toekennen in hun diensten van vrijwillige en aanvullende verzekering vormen dus niet alleen een aanvulling van de sociale zekerheidsprestaties maar kunnen ook de in dit stelsel bestaande leemten opvullen. Zij kunnen dus tussenkomen telkens wanneer zich een toestand voordoet waarbij het fysiek, psychisch of sociaal welzijn kan bevorderd worden. Elke dienst moet evenwel kaderen binnen de beginselen van voorzorg, onderlinge hulp en solidariteit. Het behoort tot de taak van de Controledienst na te gaan of de door de ziekenfondsen en de landsbonden georganiseerde activiteiten wel degelijk deze beginselen respecteren".
(2)Het Arbitragehof oordeelde bij arrest nr. 23/92 van 2 april 1992, dat de activiteiten die de ziekenfondsen op dit vlak ontplooien zich situeren buiten de verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering, maar zij hierbij uitsluitend activiteiten en diensten mogen verrichten in verband met de gezondheid van de aangesloten leden en het gezin, zodat hun activiteiten wezenlijk verschillen van die van de private verzekeringsmaatschappijen.
- De Ziekenfondswet verbiedt op zich niet dat een ziekenfonds of een landsbond promotie voert voor de producten die aangeboden worden. De wijze waarop dit dient te gebeuren wordt evenwel gereglementeerd. 2.1.Zo bepaalt artikel 43, §1 en §2 van de Ziekenfondswet dat met het oog op de verwezenlijking van de doelstellingen bedoeld in artikel 2, de ziekenfondsen en de landsbonden kunnen samenwerken met publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersonen en hiertoe een schriftelijk samenwerkingsakkoord (volgens het door de controledienst opgestelde model) gesloten wordt dat melding maakt van (met name) het doel en de modaliteiten van de samenwerking, alsmede van de rechten en verplichtingen die hieruit voor de leden en de personen te hunnen laste voortvloeien. Artikel 43ter tweede lid, zoals ingevoegd bij de wet van 22 februari 1998, bepaalt evenwel dat verboden is, elk akkoord dat tot voorwerp heeft de promotie, distributie of verkoop van een dienst, ingericht door een landsbond of een ziekenfonds zoals bepaald in de artikelen 3 en 7, §4, van onderhavige wet, in het kader van beroepsactiviteiten die geheel of gedeeltelijk vallen binnen de werkingssfeer van de wet van 27 maart 1995 betreffende de verzekeringsbemiddeling en de distributie van verzekeringen of ressorteren onder de activiteiten van de banksector zoals bepaald in de wet van 22 maart 1993 betreffende het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen. De promotie, distributie of de verkoop van de producten of diensten, bedoeld in het eerste en het tweede lid, worden op onweerlegbare wijze vermoed het gevolg te zijn van een geschreven of een stilzwijgend akkoord. 2.
- Uit de parlementaire voorbereidende werken blijkt dat de invoeging van dit artikel werd verantwoord vanuit de noodzaak om, ter bescherming van de consument, het onderscheid tussen de ziekenfondssector en de commerciële sector van de banken of de verzekeringsmaatschappijen te versterken en elke verwarring tussen de beide sectoren te vermijden. Ook was er de bekommernis om het privé-leven van de sociaal verzekerden beter te beschermen tegen elke overdracht van persoonlijke informatie van de verplichte en aanvullende verzekering naar de commerciële verzekering
(3). 2.
- Deze doelstelling werd ook erkend in het arrest nr. 70/99 van 17 juni 1999 van het Arbitragehof, dat gevat was door een beroep tot vernietiging van artikel 131 van de Wet van 22 februari 1998 waarbij artikel 43ter in de Ziekenfondswet was ingevoegd. Het Arbitragehof verwierp dit beroep en oordeelde dat het verbod bepaald in dit artikel als maatregel verantwoord is, nu hij commerciële bindingen tussen instellingen uit de profit- en de non-profitsector tracht te voorkomen om verwarring te vermijden bij de consument. 2.
- Artikel 43ter houdt dus een beperking in van artikel 43 vermits het geen geschreven of stilzwijgend akkoord toelaat met rechtspersonen of natuurlijke personen die onder het toepassingsgebied vallen van de in dit artikel vermelde wetten en dat tot voorwerp heeft de promotie, de verkoop of de distributie van mutualistische, verzekerings- of bankproducten. In de praktijk houdt artikel 43ter bij gevolg in dat het ziekenfondsen of landsbonden van ziekenfondsen verboden is publiciteit te voeren voor een bijzonder product van een verzekeringsmaatschappij of een bank, zelfs indien dit product een speciaal voor de leden van het ziekenfonds ontworpen product is. Het is eveneens aan de verzekeringsondernemingen, de verzekeringstussenpersonen en de bankinstellingen verboden publiciteit te voeren voor een bepaalde dienst van een landsbond of een ziekenfonds. Zij zullen dus hun klanten geen diensten mogen aanbieden die ingericht worden door een landsbond of een ziekenfonds. Algemene publiciteit is evenwel niet verboden
(4). 3. Eiser voert aan dat een inbreuk op artikel 43ter, tweede lid van de Ziekenfondswet slechts vaststaat wanneer aangetoond wordt dat de distributie, promotie of verkoop van een dienst van het ziekenfonds gebeurt in het kader van activiteiten als verzekeringstussenpersoon met andere woorden wanneer een effectieve vermenging tussen beide activiteiten aangetoond wordt. Gezien het verbod, bepaald in artikel 43ter, beoogt voor de consument verwarring tussen beide sectoren te vermijden en het doorstromen van persoonsgebonden informatie uit de ziekenfondssector naar de commerciële bank- en verzekeringssector tegen te gaan, bestaat dergelijk risico op verwarring en het risico op het doorstromen van gegevens, van zodra een verzekeringstussenpersoon
(5), naast de commerciële activiteiten ook instaat voor promotie, distributie of verkoop van diensten die door het ziekenfonds worden aangeboden. Dit verbod vereist niet dat de commerciële verzekeringsactiviteit een bepaalde intensiteit vertoont, gezien ook personen die deze activiteit occasioneel uitoefenen door artikel 2 van de wet van 27 maart 1995 ook als verzekeringstussenpersonen gedefinieerd worden. Dit verbod vereist echter evenmin dat vooreerst het bewijs geleverd wordt van een feitelijke vermenging tussen beide activiteiten. In zoverre faalt het middel naar recht. 4. Voorts voert eiser aan dat het arrest zijn beslissing laat steunen op een onbestaand wettelijk vermoeden, nu het oordeelt dat er in de regel mag van uitgegaan worden dat indien aangetoond wordt dat een persoon overeenkomstig artikel 5 van de wet van 27 maart 1995 is ingeschreven als verzekeringstussenpersoon hij dit beroep ook effectief uitoefent, vermits een dergelijke inschrijving en het behoud ervan verbonden is aan een aantal voorwaarden die het onaannemelijk maken dat een persoon die ingeschreven is als verzekeringstussenpersoon niet daadwerkelijk een activiteit als verzekeringstussenpersoon zou uitoefenen, maar dat eiser vrij blijft aan te tonen dat de persoon met wie een overeenkomst voor promotie van ziekenfondsen werd afgesloten en die ingeschreven was als verzekeringstussenpersoon, in werkelijkheid niet of niet meer actief was in die hoedanigheid. Anders dan het middel aanvoert, en daardoor mist het in zoverre feitelijke grondslag, steunen de appelrechters zich niet op een onbestaand wettelijk vermoeden maar op een feitelijk vermoeden van overeenstemming met de gewone gang van zaken. Dit vermoeden verschuift de bewijslast, net zoals een wettelijk wederlegbaar vermoeden dit doet. Het enige verschil is hierin gelegen dat, bij dit wettelijk weerlegbaar vermoeden de gewone toestand of de normale gang van zaken door de wetgever in abstracto wordt aangeduid tot bewijs van het tegendeel, terwijl bij het feitelijk vermoeden van overeenstemming met de gewone gang van zaken, de gewone gang van zaken in concreto door de rechter, op basis van zijn menselijke en rechterlijk ervaring wordt bepaald. Het komt aan degene die zich beroept op de afwijking van de gewone gang van zaken toe, het bewijs van deze afwijking te leveren
(6). Uw Hof heeft in een aantal arresten geoordeeld dat feitelijke vermoedens, gevolgtrekkingen zijn die de rechter, onder de voorwaarden van de artikelen 1349 en 1353 B.W., uit een bekend feit kan afleiden om te besluiten tot een onbekend feit. Hoewel de rechter op onaantastbare wijze het bestaan vaststelt van de feiten waarop hij steunt en hoewel de gevolgtrekkingen, die hij daaruit als vermoeden afleidt, aan zijn oordeel en beleid worden overgelaten, mag hij het rechtsbegrip feitelijk vermoeden, dat aan het toezicht van het Hof is onderworpen, niet miskennen of denatureren. Hij mag onder meer uit de door hem vastgestelde feiten geen gevolgtrekkingen afleiden die, op grond van die feiten, voor geen enkele verantwoording vatbaar zijn.
(7)Het Hof gaat hierbij na of de rechter aan de vastgestelde feiten geen gevolgen heeft verbonden die daarmee in geen enkel verband staan of die op grond daarvan onmogelijk kunnen verantwoord worden.
(8)Het lijkt mij dat de appelrechters uit het feit dat de persoon met wie eiser een akkoord had aangegaan voor de verkoop, distributie of promotie van een ziekenfondsdienst, ingeschreven was als verzekeringstussenpersoon, wettig kon afleiden dat die persoon daadwerkelijk dit beroep uitoefent. Artikel 2 van de wet van 27 maart 1995 betreffende de verzekeringsbemiddeling en de distributie van verzekeringen definieert het begrip verzekeringspersonen immers als elke rechtspersoon of natuurlijke persoon werkzaam als zelfstandige die één van de activiteiten uitoefent vermeld in artikel 2, §1
- a)tot
- d)van deze wet, in welke vorm ook, zelfs occasioneel. Na de wijziging van artikel 2, bij wet van 22 februari 2006, werd in artikel 1.3° een "verzekeringstussenpersoon" gedefinieerd als elke rechtspersoon of elke natuurlijke persoon werkzaam als zelfstandige in de zin van de sociale wetgeving, die activiteiten van verzekeringsbemiddeling uitoefent, zelfs occasioneel, of die er toegang toe heeft; De wettelijke definitie van het begrip "verzekeringstussenpersoon" verwijst dus zelf naar het uitoefenen van werkzaamheden van verzekeringsbemiddeling. In zoverre het middel aanvoert dat de appelrechters hun beslissing niet wettig stoelen op een feitelijk vermoeden, kan het niet aangenomen worden. 5. In zoverre het middel voor het overige opkomt tegen de beoordeling van de appelrechters dat de beroepsaansprakelijkheidsverzekering die de verzekeringstussenpersoon moet aangaan een clausule moet inhouden dat bij beëindiging van de verzekeringsovereenkomst de verzekeraar daarvan rechtstreeks de CBFA moet verwittigen, komt het op tegen een ten overvloede gegeven reden en is het bij gebrek aan belang niet ontvankelijk. Conclusie: VERWERPING ____________
(1)Zie I. Boone, Verhaal van derde-betalers op de aansprakelijke, Intersentia, 2009, 32-33.
(2)Gedr.St.kamer, 1989-1990, nr. 1153/1, 3; nr. 1153/6, 3; Senaat, 1989-1990, nr. 993-2, 3.
(3)Het artikel 43ter werd ingevoegd in de wet van 6 augustus 1990 bij artikel 131 van de wet van 22 februari 1998 houdende sociale bepalingen, ingevolge een amendement van volksvertegenwoordiger Dighneef. Hij voerde in dat verband aan "Alhoewel bepaalde diensten en activiteiten van landsbonden en ziekenfondsen (bijvoorbeeld hospitalisatiediensten, gewaarborgd inkomen...) dezelfde domeinen bestrijken en gelijkaardig van aard kunnen zijn als de producten aangeboden door de commerciële sector van de bankinstellingen en de verzekeringen, steunen zij toch op totaal verschillende principes. Zo oefenen zij overeenkomstig artikel 2 van de wet van 6 augustus 1990 hun activiteiten uit in een geest van voorzorg, onderlinge hulp en solidariteit en dit zonder winstoogmerk. Dit houdt onder meer in dat zij met toepassing van artikel 9, §2 en dit in tegenstelling tot de commerci¨le sector geen leden mogen uitsluiten omwille van leeftijd of gezondheidstoestand. Een ander kenmerkend verschil is dat de rechten en plichten van leden van een landsbond of ziekenfonds worden vastgelegd in de statuten, die te allen tijde door de algemene vergadering kunnen worden herzien of gewijzigd. Wegens deze specifieke kenmerken zijn de landsbonden en ziekenfondsen onderworpen aan eigen rechtsregels vastgelegd in de wet van 6 augustus 1990. gelet op de essentiële verschillen in doeleinden tussen enerzijds de landsbonden en zienkenfondsen en anderzijds de verzekeringsmaatschappijen en bankinstellingen is het nodig om voor de consument elke verwarring te vermijden. Overigens kan daarbij tevens worden opgemerkt dat door het toelaten van gemeenschappelijke distributie en verkoopkanalen voor de twee sectoren, die verschillende doelstellingen nastreven, het risico toeneemt dat persoonsgebonden informatie zou doorstromen van de verplichte ziekteverzekering of aanvullende verzekering naar de commerci¨le activiteiten. Dit zou een schending van het recht op privacy van de sociaal verzekerden kunnen uitmaken. Kamer, 1996-97, Doc. 1184/11, 13.
(4)Omzendbrief 98/08 van 10 augustus 1998 die tot doel heft antwoord te geven op de vragen van landsbonden van ziekenfondsen met betrekking tot de toepassing van artikel 43ter.
(5)Volgens de definitie van artikel 2 van de wet van 27 maart 1995 betreffende de verzeekringsbemiddeling en de distributie van verzekeringen, elke rechtspersoon of natuurlijke persoon werkzaam als zelfstandige, die één van de activiteiten uitoefent vermeld in artikel 2,§1,a tot d, van bovenvermelde wet van 27 maart 1995, in welke vorm ook, zelfs occasioneel.
(6)J. Ronse, L. De Wilde, A.Claeys en I. Mallems, Schade en schadeloosstelling, APR, Gent, 1984, nrs. 83-84.
(7)Cass. 20 dec. 2007, A.R. C.07.0161.N ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20071220.3; Cass. 19 juni 1998, A.R. C.97.0156.F ECLI:BE:CASS:1998:ARR.19980619.8, A.C., 1998, nr. 325.
(8)Cass. 20 dec. 2000, A.R. P.001307.F, A.C. 2000, nr. 712. Gerelateerde publicatie(s) Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100503.2 citeert: ECLI:BE:CASS:1998:ARR.19980619.8 ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20071220.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div