id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Conclusie van het Openbaar Ministerie van 03 juni 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20100603.6 Rolnummer: C.09.0226.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Intellectuele eigendom Invoerdatum: 2010-07-07 Raadplegingen: 108 - laatst gezien 2026-07-02 17:18 Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100603.6 Fiche 1 Het inzake computerprogramma's ingesteld vermoeden van verkrijging van vermogensrechten ten voordele van de werkgever wijkt af van de inzake auteursrechten geldende algemene regel, die vereist dat een overdracht van de vermogensrechten ten gunste van de werkgever uitdrukkelijk wordt bepaald; het vermoeden geldt dan ook slechts voor de vermogensrechten met betrekking tot computerprogramma's gemaakt door werknemers of beambten bij de uitoefening van hun taken of in opdracht van hun werkgever en kan niet worden uitgebreid tot de vermogensrechten met betrekking tot computerprogramma's gemaakt door de statutaire zaakvoerder van een handelsvennootschap, die niet mede de hoedanigheid heeft van werknemer ingevolge een met deze vennootschap gesloten arbeidsovereenkomst
(1).
(1)Zie de concl. van het O.M. Zie ook F. DE VISSCHER & B. MICHAUX, Précis du droit d'auteur et des droits voisins, nr. 254; B. MICHAUX & H.-F. LENAERTS, Les droits relatifs aux programmes d'ordinateur créés par un employé ou un agent, in Orientations, 1995, 243. Thesaurus CAS: AUTEURSRECHT UTU-thesaurus: HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INTELLECTUELE RECHTEN - Auteursrecht en Naburige rechten - Auteursrecht - Titularis auteursrecht HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INTELLECTUELE RECHTEN - Software - Beschermingsvoorwaarden software Vrije woorden: Computerprogramma - Vermogensrechten - Vermoeden van verkrijging ten voordele van de werkgever - Gelding Wettelijke bepalingen: Wet - 30-06-1994 - Art. 3, § 3, eerste lid Wet - 30-06-1994 - Art. 3 Fiche 2 De natuurlijke persoon die het werk heeft gecreëerd geldt steeds als de oorspronkelijke auteursrechthebbende, ook indien de vermogensrechten worden overgedragen of worden vermoed te zijn overgedragen
(1).
(1)Zie de concl. van het O.M.; F. DE VISSCHER & B. MICHAUX, ibid. Thesaurus CAS: AUTEURSRECHT UTU-thesaurus: HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INTELLECTUELE RECHTEN - Auteursrecht en Naburige rechten - Auteursrecht - Titularis auteursrecht HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INTELLECTUELE RECHTEN - Software - Beschermingsvoorwaarden software Vrije woorden: Natuurlijke persoon - Auteursrechthebbende - Overdracht van vermogensrechten - Gelding Wettelijke bepalingen: Wet - 30-06-1994 - Art. 6, eerste lid Fiches 3 - 4 Conclusie van advocaat-generaal DUBRULLE. Thesaurus CAS: AUTEURSRECHT UTU-thesaurus: HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INTELLECTUELE RECHTEN - Auteursrecht en Naburige rechten - Auteursrecht - Titularis auteursrecht HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INTELLECTUELE RECHTEN - Software - Beschermingsvoorwaarden software Vrije woorden: Computerprogramma - Vermogensrechten - Vermoeden van verkrijging ten voordele van de werkgever - Gelding Natuurlijke persoon - Auteursrechthebbende - Overdracht van vermogensrechten - Gelding Tekst van de conclusie PARKET VAN HET HOF VAN CASSATIE _____ C.09.0226.N Schriftelijke conclusie van de Heer Advocaat-generaal Dubrulle
- Het arrest verklaart de hoofdvordering van de eiser wegens de "inbeuk op zijn auteursrechten" op een computerprogramma "DocToKeep" en, onder meer, tot staking van deze inbreuk en tot schadevergoeding, ongegrond.
- Het tweede onderdeel van het eerste cassatiemiddel, dat schending aanvoert van de artikelen 1, 2 en 3 van de wet van 30 juni 1994 houdende de omzetting van de Europese richtlijn van 14 mei 1991 betreffende de rechtsbescherming van computerprogramma's, is gericht tegen het oordeel dat artikel 3 wel van toepassing is op een "statutair zaakvoerder" van een vennootschap, zoals de B.V.B.A. Area Productions, waarvan eiser zaakvoerder (doch geen werknemer) is en er derhalve een "automatische overdracht" heeft "plaats gevonden" ten voordele van de vennootschap. Het onderdeel komt gegrond voor. De richtlijn gaat ervan uit dat computerprogramma's onder bescherming van de auteurswet vallen. Het voormelde artikel 3 van de wet bescherming computerprogramma's, houdende omzetting van de richtlijn bepaalt dat, tenzij bij overeenkomst of statutair anders is bepaald, alleen de werkgever geacht wordt verkrijger te zijn van de vermogensrechten met betrekking tot computerprogramma's die zijn gemaakt door een of meer werknemers of beambten bij de uitoefening van hun taken of in opdracht van hun werkgever. Dit vermoeden is precies het omgekeerde van dat wat ingesteld is als algemene regel in de Auteurswet 1994, waarvan het artikel 3 namelijk bepaalt dat, wanneer een auteur werken tot stand brengt ter uitvoering van een arbeidsovereenkomst of een statuut, de vermogensrechten worden overgedragen aan de werkgever voor zover uitdrukkelijk in die overdracht van rechten is voorzien en voor zover de creatie van het werk binnen het toepassingsgebied van de overeenkomst of het statuut valt. De uitzondering op de regel dat de auteur zijn vermogensrechten op zijn creatie behoudt, spijts zijn arbeidsovereenkomst, dus op zijn principiële auteursrechtelijke bescherming, moet, zoals elke uitzondering, strikt uitgelegd worden. Als de wet, d.i. de wet bescherming computerprogramma's, als uitzondering voorziet de creatie van een computerprogramma dat gemaakt is door een "werknemer", dan kan die uitzondering niet uitgebreid worden tot een statutaire zaakvoerder die zulk programma creëert in het kader van zijn mandaat in een handelsvennootschap. Bij gebrek aan definitie in die wet van het begrip "werknemer" kan alleen het gemeen recht dienstig zijn, d.z. de artikelen 2 en 3 van de arbeidsovereenkomstenwet, die de arbeidsovereenkomst definiëren als een overeenkomst waarbij een werknemer zich verbindt, tegen een loon, onder gezag van een werkgever in hoofdzaak arbeid te verrichten. De appelrechters breiden toch deze uitzondering uit tot de statutaire zaakvoerder die eiser is, hoewel ze vooraf geoordeeld hebben dat de partijen niet lijken te betwisten dat hij geen werknemer is in de zin van de Belgische arbeidswetgeving. Ze hebben dus dat artikel van de wet bescherming van computerprogramma's geschonden.
- Het vierde onderdeel is gericht tegen het oordeel dat, door het feit dat de eiser (statutair) zaakvoerder was van de vennootschap er een "automatische overdracht" heeft "plaats gevonden" ten voordele van die vennootschap. Het voert schending aan van, o.m., de artikelen 1, 2 en 5 van de wet van 30 juni 1994 betreffende de bescherming van computerprogramma's en 1, §1 en §3 en 6, §1 van de Wet van 30 juni 1994 betreffende het auteursrecht en de naburige rechten. Ook dit onderdeel komt gegrond voor in zoverre het artikel 6, eerste lid, van de Auteurswet 1994 als geschonden aanwijst. Volgens deze bepaling is de natuurlijke persoon die het werk heeft gecreëerd de oorspronkelijke auteursrechthebbende. Het artikel 2, eerste lid, van de Europese richtlijn van 14 mei 1991 heeft aan de Lidstaten de mogelijkheid geboden een rechtspersoon als de oorspronkelijke auteursrechthebbende te aanzien. Bij de omzetting van de richtlijn heeft de Belgische wetgever deze mogelijkheid echter niet benut, zodat de natuurlijke persoon die het werk heeft gecreëerd steeds geldt als de oorspronkelijke auteursrechthebbende, ook indien de vermogensrechten later worden overgedragen of worden vermoed te zijn overgedragen. De appelrechters oordelen dat de auteurrechten zijn ontstaan in hoofde van de vennootschap en niet in hoofde van de natuurlijke persoon, de eiser. Ze hebben dus dat artikel 6, eerste lid, van de Auteurswet 1994 geschonden.
- De cassatie van de beslissing op de hoofdvordering dient te worden uitgebreid tot de beslissingen op de tegenvorderingen (bekritiseerd door het tweede middel) en op de kosten die er het gevolg van zijn.
- Conclusie: vernietiging en verwijzing. Gerelateerde publicatie(s) Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100603.6 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div