← België

ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20181127.6

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 27 november 2018 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20181127.6 Rolnummer: P.18.0689.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Internationaal publiekrecht Invoerdatum: 2018-12-10 Raadplegingen: 606 - laatst gezien 2026-06-29 17:12 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Een grief als bedoeld in artikel 204 Wetboek van Strafvordering is de specifieke aanwijzing door de appellant van een afzonderlijke beslissing van het beroepen vonnis, waarvan hij de hervorming door de appelrechter vraagt en het staat aan de appelrechter om op basis van de overeenkomstig artikel 204 Wetboek van Strafvordering geformuleerde grieven de saisine van het appelgerecht te bepalen; wanneer de beklaagde "voorlopig nihil" grieven formuleert met betrekking tot de beoordeling van de schuld en de misdrijfomschrijving en de appelrechters oordelen dat hun saisine aldus beperkt is tot de strafmaat, blijkt hieruit dat zij van oordeel zijn dat de beklaagde op het ogenblik van het indienen van het grievenformulier geen grieven met betrekking tot deze rubrieken heeft aangevoerd en getuigt deze beoordeling niet van een overdreven en met artikel 6.1 EVRM strijdig formalisme

(1).
(1)Cass. 11 september 2018, AR P.18.0366.N ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20180911.7, AC 2018, nr. 461; Cass. 6 maart 2018, AR P.17.0685.N ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20180306.3, AC 2018, nr. 149; Cass. 6 februari 2018, AR P.17.0543.N ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20180206.4, AC 2018, nr. 76; Cass. 6 februari 2018, AR P.17.0457.N ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20180206.1, AC 2018, nr. 75; zie over de problematiek van het grievenformulier: Hof van Cassatie van België, Jaarverslag 2017, Larcier, pp. 81-
  1. Thesaurus CAS: HOGER BEROEP - STRAFZAKEN (DOUANE EN ACCIJNZEN INBEGREPEN) - Gevolgen. Bevoegdheid van de rechter Vrije woorden: Grievenformulier - Hoger beroep van de beklaagde - Geen grieven met betrekking tot de schuld en de misdrijfomschrijving - Draagwijdte - Gevolg Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Artikel 6 - Artikel 6.1 Vrije woorden: Recht op een eerlijk proces - Grievenformulier - Hoger beroep van de beklaagde - Geen grieven met betrekking tot de schuld en de misdrijfomschrijving - Draagwijdte - Gevolg Tekst van de beslissing Nr. P.18.0689.N T E O, beklaagde, eiseres, met als raadsman mr. Frank Decruyenaere, advocaat bij de balie Antwerpen, met kantoor te 2018 Antwerpen, Louizastraat 39/6, waar de eiseres woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen, van 30 april
  2. De eiseres voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Ilse Couwenberg heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht Alain Winants heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
  3. Het bestreden vonnis stelt vast dat de strafvordering wat feit B betreft, is verjaard. In zoverre ook tegen deze beslissing gericht, is het cassatieberoep bij gebrek aan belang niet ontvankelijk. Middel
  4. Het middel voert schending aan van artikel 6.1 EVRM en de artikelen 204 en 210 Wetboek van Strafvordering: de appelrechters oordelen ten onrechte dat hun saisine beperkt is tot de strafmaat vermits de eiseres op het grievenformulier heeft vermeld dat er "voorlopig nihil" grieven zijn met betrekking tot de beoorde-ling van de schuld en de misdrijfomschrijving; dit oordeel is overdreven formalis-tisch en beperkt eiseres' recht op hoger beroep; met de vermelding "voorlopig" gaf de eiseres aan dat zij over deze grieven mogelijks verder verweer zou voeren; het gegeven dat zij deze kritiek nog niet verder had uitgewerkt, maakt de grieven niet onnauwkeurig; het is immers niet vereist dat de middelen reeds in het grie-venformulier worden vermeld; in elk geval heeft het bestreden vonnis ten onrechte nagelaten om eiseres' middel over de schending van artikel 6 EVRM, dat de openbare orde raakt, ambtshalve op te werpen.
  5. Krachtens artikel 204 Wetboek van Strafvordering bepaalt het verzoek-schrift, op straffe van verval van het hoger beroep, nauwkeurig de tegen het von-nis ingebrachte grieven, met inbegrip van de procedurele grieven. Daartoe kan een formulier worden gebruikt waarvan het model wordt bepaald door de Koning. Artikel 210, tweede lid, Wetboek van Strafvordering bepaalt dat de appelrechter, behoudens deze grieven, grieven van openbare orde kan opwerpen wanneer deze betrekking hebben op: - de substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven vormen; - zijn bevoegdheid; - de verjaring van de feiten die bij hem aanhangig zijn gemaakt; - het gegeven dat de feiten die bij hem wat betreft de schuldvraag aanhangig zijn gemaakt, geen misdrijf zijn, de noodzaak om deze feiten te herkwalificeren, of een niet te herstellen nietigheid die het onderzoek naar deze feiten aantasten.
  6. Uit de wetsgeschiedenis van deze bepalingen volgt dat de grieven die de ap-pellant in zijn verzoekschrift of grievenformulier, zoals omschreven in artikel 204 Wetboek van Strafvordering, opgeeft of aankruist de rechtsmacht van de appel-rechter bepalen. De mogelijkheid om na de uiterste datum van het indienen van dit verzoekschrift of grievenformulier nog grieven op te werpen, werd door de wet-gever verworpen. Hieruit volgt dat de appelrechter enkel door de partijen in hun verzoekschrift of grievenformulier reeds aangevoerde grieven mag onderzoeken. Verder kan de appelrechter slechts binnen de grenzen van de door de appellant aangevoerde grieven ambtshalve middelen bedoeld door artikel 210, tweede lid, Wetboek van Strafvordering aanvoeren. In zoverre het middel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het naar recht.
  7. Een grief als bedoeld in artikel 204 Wetboek van Strafvordering is de speci-fieke aanwijzing door de appellant van een afzonderlijke beslissing van het beroe-pen vonnis, waarvan hij de hervorming door de appelrechter vraagt.
  8. Het staat aan de appelrechter om op basis van de overeenkomstig artikel 204 Wetboek van Strafvordering geformuleerde grieven de saisine van het appelge-recht te bepalen.
  9. Het bestreden vonnis stelt vast dat de eiseres "voorlopig nihil" grieven for-muleert met betrekking tot de beoordeling van de schuld en de misdrijfomschrij-ving en oordeelt dat de saisine van de appelrechters aldus beperkt is tot de straf-maat. Uit deze redenen blijkt dat de appelrechters van oordeel zijn dat de eiseres op het ogenblik van het indienen van het grievenformulier geen grieven met be-trekking tot deze rubrieken heeft aangevoerd. Deze beoordeling getuigt niet van een overdreven en met artikel 6.1 EVRM strijdig formalisme, maar houdt inte-gendeel een juiste toepassing in van de artikelen 204 en 210, tweede lid, Wetboek van Strafvordering. Aldus is de beslissing naar recht verantwoord. In zoverre kan het middel niet worden aangenomen. Ambtshalve onderzoek
  10. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres tot de kosten. Bepaalt de kosten op 71,01 euro. K. Vanden Bossche I. Couwenberg S. Berneman A. Lievens F. Van Volsem P. Maffei Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit voorzitter Paul Maffei, als voorzitter, de raadsheren Filip Van Volsem, Antoine Lievens, Sidney Berneman en Ilse Couwenberg, en op de openbare rechtszitting van 27 november 2018 uitgesproken door voorzitter Paul Maffei, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Alain Winants, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20181127.6 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20180206.1 ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20180206.4 ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20180306.3 ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20180911.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.