id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 18 december 2018 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2
Artikel 4
.3 van de bijlage 2, KB Ademtest- en ademanalysetoestellen - Technische specificaties van de ademanalysetoestellen - Nauwkeurigheidsvoorschriften - Begrip nieuwe of herstelde ademanalysatoren - Begrip analysatoren die in gebruik zijn - Draagwijdte - Gevolg Thesaurus CAS: ONAANTASTBARE BEOORDELING DOOR DE FEITENRECHTER Vrije woorden: Wegverkeer - Wegverkeerswet - Wettelijke bepalingen - Artikel 59 - Artikel 59, §
Artikel 4
.3 van de bijlage 2, KB Ademtest- en ademanalysetoestellen - Technische specificaties van de ademanalysetoestellen - Nauwkeurigheidsvoorschriften - Begrip nieuwe of herstelde ademanalysatoren - Begrip analysatoren die in gebruik zijn - Draagwijdte - Gevolg Fiche 3 Artikel 4.3 van de bijlage 2 KB 21 april 2007 betreffende de ademtesttoestellen en de ademanalysetoestellen is geen bepaling die de strafbaarheid van een gedraging bepaalt, maar enkel een bepaling die de bewijsverkrijging betreft. Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 59 Vrije woorden: Artikel 59, §
Artikel 4
.3 van de bijlage 2, KB Ademtest- en ademanalysetoestellen - Technische specificaties van de ademanalysetoestellen - Nauwkeurigheidsvoorschriften - Aard van de bepaling Tekst van de beslissing Nr. P.18.0882.N L V D P, beklaagde, eiseres, met als raadsman mr. Freddy Mols, advocaat bij de balie Antwerpen, met kantoor te 2300 Turnhout, Begijnenstraat 17, waar de eiseres woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank Antwerpen, afdeling Turnhout, van 21 juni
- De eiseres voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, drie middelen aan. Raadsheer Peter Hoet heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht Alain Winants heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
- Het middel voert schending aan van artikel 4.3 van bijlage 2 van het konink-lijk besluit van 21 april 2007 betreffende de ademtesttoestellen en ademanalyse-toestellen (hierna KB 21 april 2007): het bestreden vonnis neemt voor de toepas-sing van de nauwkeurigheidsvoorschriften ten onrechte aan dat het gebruikte ademanalysetoestel een analysator in gebruik is; wanneer de nauwkeurigheids-voorschriften voor nieuwe ademanalysetoestellen worden toegepast, had een der-de analyse moeten worden uitgevoerd, die evenwel niet werd uitgevoerd en waar-door aan de eiseres de mogelijkheid werd ontnomen aan te tonen dat de metingen mogelijks incorrect zijn; het grote verschil in resultaten biedt geen voldoende ze-kerheid, zodat een vrijspraak zich opdringt; bovendien is tussen de uitvoering van de twee analyses te weinig tijd gelaten.
- Artikel 59, § 3, Wegverkeerswet bepaalt: "Op verzoek van de in § 1, 1° en 2°, bedoelde personen aan wie een ademanalyse werd opgelegd, wordt onmiddel-lijk een tweede analyse uitgevoerd en, indien het verschil tussen deze twee resul-taten meer bedraagt dan de door de Koning bepaalde nauwkeurigheidsvoorschrif-ten, een derde analyse. Indien het eventuele verschil tussen twee van deze resultaten niet meer bedraagt dan de hierboven bepaalde nauwkeurigheidsvoorschriften, wordt het laagste re-sultaat in aanmerking genomen. Indien het verschil groter is, wordt de ademanalyse als niet uitgevoerd be-schouwd." Artikel 4.3 van de bijlage 2 KB 21 april 2007 bepaalt deze nauwkeurigheidsvoor-schriften. Het maakt daarbij een onderscheid tussen "nieuwe of herstelde adem-analysatoren" en "analysatoren die in gebruik zijn", waarbij voor de eerste ge-noemde analysatoren die voorschriften strenger zijn.
- Deze bepalingen noch enige andere wettelijke bepaling preciseren wat onder "nieuwe of herstelde ademanalysatoren" en "analysatoren die in gebruik zijn" dient te worden verstaan, zodat deze uitdrukkingen in hun gebruikelijke betekenis dienen te worden verstaan.
- Een voorwerp wordt in de gebruikelijke betekenis als "nieuw" beschouwd, wanneer het recentelijk werd verworven en operationeel in gebruik genomen werd, terwijl "in gebruik zijn", inhoudt dat het voorwerp reeds sinds een zekere tijd operationeel wordt gebruikt. De rechter oordeelt daarover onaantastbaar.
- Met overname van de redenen van het beroepen vonnis en met eigen rede-nen oordeelt het bestreden vonnis dat: - de feiten zich voordeden op 1 juli 2017; - uit het navolgend proces-verbaal nr. 403877/18 blijkt dat het gebruikte adem-test- of ademanalysetoestel aan de politiezone Geel-Laakdal-Meerhout werd geleverd in december 2016 en dat vanaf 10 januari 2017 interne opleidingen werden gegeven aan het personeel van de politiezone, waarna het toestel opera-tioneel in gebruik werd genomen; - het online woordenboek Van Dale geeft aan het woord "nieuw" de volgende betekenissen: "
(1)nog niet lang bestaande; pas gemaakt, pas verschenen,
(2)vers en
(3)tot nog toe onbekend"; - uit wat voorafgaat blijkt dat het toestel in kwestie reeds meerdere maanden operationeel in gebruik was en dan bezwaarlijk kan worden gesteld dat het nog nieuw zou zijn geweest in de eerste en de derde betekenis van het online-woordenboek Van Dale. Op grond van die redenen vermag het bestreden vonnis te oordelen dat het voor de ademanalyse gebruikte toestel, waarop het eiseres' schuldigverklaring aan de telastlegging A stoelt, een toestel in gebruik was zoals bedoeld in artikel 4.3 van de bijlage 2 KB 21 april 2007, zodat de nauwkeurigheidsvoorschriften werden nageleefd en het laagste resultaat van de uitgevoerde analyses in aanmerking kon worden genomen. Die beslissing is naar recht verantwoord. In zoverre kan het middel niet worden aangenomen.
- In zoverre het middel opkomt tegen dat oordeel of verplicht tot een onder-zoek van feiten waarvoor het Hof geen bevoegdheid heeft, is het niet ontvankelijk.
- Voor het overige is het middel afgeleid uit deze vergeefs aangevoerde on-wettigheid en is het evenmin ontvankelijk. Tweede middel
- Het middel voert schending aan van artikel 7 EVRM, artikel 14 Grondwet en artikel 2 Strafwetboek: het bestreden vonnis oordeelt dat het gebruikte adem-analysetoestel in gebruik was op grond van een bepaalde uitlegging van artikel 4.3 KB 21 april 2007 dat evenwel geen ondubbelzinnige uitlegging toelaat zodat de toepassing ervan niet voldoende toegankelijk, nauwkeurig noch voorspelbaar is; de eiseres kan immers niet worden gestraft op grond van een onduidelijke wetsbepaling.
- Anders dan waarvan het middel uitgaat, betreft artikel 4.3 KB 21 april 2007 geen bepaling die de strafbaarheid van een gedraging bepaalt, maar enkel een be-paling die de bewijsverkrijging betreft. Het middel faalt naar recht. Derde middel
- Het middel voert schending aan van artikel 159 Grondwet: het bestreden vonnis past ten onrechte artikel 4.3 KB 21 april 2007 toe dat strijdig is met artikel 149 Grondwet.
- Het middel is afgeleid uit de vergeefs in het tweede middel aangevoerde onwettigheid en is bijgevolg niet ontvankelijk. Ambtshalve onderzoek
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres tot de kosten Bepaalt de kosten op 77,61 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samen-gesteld uit voorzitter Paul Maffei, als voorzitter, de raadsheren Alain Bloch, Peter Hoet, Sidney Berneman en Ilse Couwenberg, en op de openbare rechtszitting van 18 december 2018 uitgesproken door voorzitter Paul Maffei, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Alain Winants, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky. V. Kosynsky I. Couwenberg S. Berneman P. Hoet A. Bloch P. Maffei PDF document ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20181218.4 Gerelateerde publicatie(s) zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20241001.2N.11 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div