id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 15 januari 2019 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190115.7 Rolnummer: P.18.1304.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-01-31 Raadplegingen: 226 - laatst gezien 2026-06-28 06:02 Versie(s): Vertaling FR Fiche De appelrechters die oordelen dat het beroep van een vreemdeling bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen tegen de beslissing waarbij zijn aanvraag tot gezinshereniging op grond van artikel 40ter Vreemdelingenwet werd geweigerd, geen schorsende werking in de zin van artikel 39/79 Vreemdelingenwet heeft omdat de vreemdeling geen dergelijke aanvraag kon indienen en hij tegen de weigering ervan dan ook geen schorsend beroep kon instellen, gelet op het feit dat hij wegens het opgelegde inreisverbod geen recht op toegang tot het Belgische grondgebied heeft en het louter bestaan van een gezinsband tussen het kind en hem niet volstaat als rechtvaardiging om op zijn aanvraag in te gaan, maken hierbij een beoordeling van de aanvraag van de betrokken vreemdeling die toekomt aan de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen en verantwoorden aldus de beslissing niet naar recht
(1)Cass. 13 februari 2016, AR P.16.0131.F ECLI:BE:CASS:2016:ARR.20160203.9, arrest niet gepubliceerd. Thesaurus CAS: VREEMDELINGEN Vrije woorden: Artikel 39/79, § 1, Vreemdelingenwet - Schorsende werking van het annulatieberoep bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen - Annulatieberoep tegen de beslissing van de dienst vreemdelingenzaken houdende weigering van een aanvraag tot verblijf als ouder van een Belgisch minderjarig kind - Artikel 40ter Vreemdelingenwet - Draagwijdte - Gevolg Tekst van de beslissing Nr. P.18.1304.N G H N, vreemdeling, vastgehouden, eiser, met als raadsman mr. Luc Denys, advocaat bij de balie Brussel, met kantoor te 1030 Schaarbeek, Lacomblélaan 59-61, bus 5, waar de eiser woonplaats kiest, tegen BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de staatssecretaris voor Asiel en Migratie en Administratieve Vereenvoudiging, met kantoor te 1000 Brussel, Pa-checolaan 44, ambtshalve tussenkomende partij, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwer-pen, kamer van inbeschuldigingstelling, van 13 december
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Raadsheer Erwin Francis heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht Alain Winants heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Tweede middel
- Het middel voert schending aan van de artikelen 7 en 39/79, § 1, Vreemde-lingenwet: het arrest verwerpt ten onrechte eisers verweer dat zijn annulatieberoep bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen tegen de beslissing van de dienst vreemdelingenzaken houdende weigering van zijn aanvraag tot verblijf als ouder van een Belgisch minderjarig kind overeenkomstig artikel 40ter Vreemdelingen-wet, schorsende werking heeft zodat tegen hem geen maatregel tot verwijdering van het grondgebied kan worden genomen of uitgevoerd.
- Artikel 39/79 Vreemdelingenwet bepaalt: "§
- Onder voorbehoud van paragraaf 3 en behalve mits toestemming van be-trokkene, kan tijdens de voor het indienen van het beroep vastgestelde termijn en tijdens het onderzoek van dit beroep, gericht tegen de in het tweede lid bepaalde beslissingen, ten aanzien van de vreemdeling geen enkele maatregel tot verwijde-ring van het grondgebied gedwongen worden uitgevoerd en mogen geen zodanige maatregelen ten opzichte van de vreemdeling worden genomen wegens feiten die aanleiding hebben gegeven tot de beslissing waartegen dat beroep is ingediend. De in het eerste lid bedoelde beslissingen zijn: (...) 8° elke beslissing tot weigering van een erkenning van het verblijfsrecht van een vreemdeling bedoeld in artikel 40ter".
- Met overname van de redenen van de beroepen beschikking en het advies van de procureur-generaal bij het hof van beroep oordeelt het arrest dat eisers be-roep bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen tegen de beslissing waarbij zijn aanvraag tot gezinshereniging op grond van artikel 40ter Vreemdelingenwet werd geweigerd, geen schorsende werking in de zin van artikel 39/79 Vreemdelingen-wet heeft omdat de eiser geen dergelijke aanvraag kon indienen en hij tegen de weigering ervan dan ook geen schorsend beroep kon instellen, gelet op het feit dat hij wegens het opgelegde inreisverbod geen recht op toegang tot het Belgische grondgebied heeft en het louter bestaan van een gezinsband tussen het kind en de eiser niet volstaat als rechtvaardiging om op zijn aanvraag in te gaan. Die redenen houden een beoordeling van eisers aanvraag in die toekomt aan de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. Aldus is de beslissing niet naar recht ver-antwoord. Het middel is gegrond. Eerste middel
- Het middel dat niet kan leiden tot cassatie zonder verwijzing, behoeft geen antwoord. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernie-tigde arrest. Houdt de beslissing over de kosten aan en laat ze aan de rechter op verwijzing. Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Antwerpen, kamer van inbeschuldi-gingstelling, anders samengesteld. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samen-gesteld uit voorzitter Paul Maffei, als voorzitter, de raadsheren Filip Van Volsem, Alain Bloch, Antoine Lievens en Erwin Francis, en op de openbare rechtszitting van 15 januari 2019 uitgesproken door voorzitter Paul Maffei, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Alain Winants, met bijstand van afgevaar-digd griffier Véronique Kosynsky. V. Kosynsky E. Francis A. Lievens A. Bloch F. Van Volsem P. Maffei PDF document ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190115.7 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2016:ARR.20160203.9 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div