id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 18 januari 2019 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:20
Art. 577
-2, § 6 Fiches 2 - 3 Het verhuren aan derden van de onverdeelde eigendom is in beginsel noch een daad van behoud, noch een daad van voorlopig beheer in de zin van artikel 577-2, §5, Burgerlijk Wetboek; in beginsel is daartoe de medewerking van alle mede-eigenaars vereist
(1).
(1)Cass. 28 juni 2013, AR C.12.0439.N ECLI:BE:CASS:2013:ARR.20130628.3, AC 2013, nr. 404, met concl. van advocaat-generaal A. VAN INGELGEM. Thesaurus CAS: EIGENDOM Vrije woorden: Mede-eigendom - Onverdeeld goed - Verhuur aan derden - Daad - Aard - Gevolg Wettelijke bepalingen:
Art. 577
-2, §§ 5 en 6 Thesaurus CAS: HUUR VAN GOEDEREN - ALGEMEEN Vrije woorden: Mede-eigendom - Onverdeeld goed - Verhuur aan derden - Daad - Aard - Gevolg Wettelijke bepalingen:
Art. 577
-2, §§ 5 en 6 Fiches 4 - 5 Wanneer één van de mede-eigenaars met een derde een huurovereenkomst sluit met betrekking tot een onverdeeld goed, is deze huurovereenkomst niet ongeldig, maar kan zij enkel niet worden tegengeworpen aan de andere mede-eigenaars
(1).
(1)Cass. 28 juni 2013, AR C.12.0439.N ECLI:BE:CASS:2013:ARR.20130628.3, AC 2013, nr. 404, met concl. van advocaat-generaal A. VAN INGELGEM. Thesaurus CAS: EIGENDOM Vrije woorden: Mede-eigendom - Onverdeeld goed - Mede-eigenaar - Huurovereenkomst met een derde - Sanctie Wettelijke bepalingen:
Art. 577
-2, § 6 Thesaurus CAS: HUUR VAN GOEDEREN - ALGEMEEN Vrije woorden: Mede-eigendom - Onverdeeld goed - Mede-eigenaar - Huurovereenkomst met een derde - Sanctie Wettelijke bepalingen:
Art. 577
-2, § 6 Fiche 6 Een vermogensverschuiving is niet zonder oorzaak wanneer de verrijking van de ene partij haar oorsprong vindt in een overeenkomst met een derde die aan de verarmde partij kan worden tegengeworpen. Thesaurus CAS: VERRIJKING ZONDER OORZAAK Tekst van de beslissing Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.18.0140.N B.V. eiser, vertegenwoordigd door mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cas-satie, met kantoor te 9051 Gent, Drie Koningenstraat 3, waar de eiser woonplaats kiest, tegen JC DECAUX BILLBOARD BELGIUM nv, met zetel te 1000 Brussel, Groen-dreef 50, verweerster. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen, afdeling Gent, van 7 oktober
- Sectievoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Christian Vandewal heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
- Artikel 577-2, § 5, tweede lid, Burgerlijk Wetboek bepaalt dat elke mede-eigenaar daden tot behoud van het goed en daden van voorlopig beheer kan ver-richten.
- Artikel 577-2, § 6, Burgerlijk Wetboek bepaalt dat andere daden van be-heer, alsmede daden van beschikking, om geldig te zijn, met medewerking van alle mede-eigenaars moeten geschieden. Deze regel betreft enkel de verhouding tussen de mede-eigenaars onderling en niet de verhouding tussen de mede-eigenaars en derden, die beheerst blijft door het gemeen recht. De miskenning ervan leidt niet tot de ongeldigheid van de overeenkomst, maar tot de niet-tegenwerpelijkheid ervan aan de andere mede-eigenaars.
- Het verhuren aan derden van de onverdeelde eigendom is in beginsel noch een daad van behoud, noch een daad van voorlopig beheer in de zin van artikel 577-2, § 5, Burgerlijk Wetboek. In beginsel is daartoe de medewerking van alle mede-eigenaars vereist.
- Uit de voormelde wetsbepalingen volgt dat wanneer één van de mede-eigenaars met een derde een huurovereenkomst sluit met betrekking tot een on-verdeeld goed, deze huurovereenkomst niet ongeldig is, maar enkel niet kan worden tegengeworpen aan de andere mede-eigenaars.
- De appelrechters stellen vast en oordelen dat: - de eiser eigenaar is van een woning waarvan de rechterzijgevel in onver-deeldheid is tussen hem en de nv 't Seeren Bosch; - de verweerster op 17 juli 1998 met de nv 't Seeren Bosch een huurovereenkomst heeft gesloten met betrekking tot die zijgevel; - de verweerster op 2 december 2006 met betrekking tot diezelfde zijgevel een huurovereenkomst heeft gesloten met de eiser; - de mede-eigenaars bij het verhuren van de zijgevel de unanimiteitsregel van artikel 577-2, § 6, Burgerlijk Wetboek hebben miskend; - de verweerster haar huurovereenkomst met de eiser bij brief van 16 mei 2012 heeft opgezegd met een opzeggingstermijn van drie maanden; - de eiser de verwijdering van het reclamepaneel vraagt.
- De appelrechters oordelen dat, gelet op de geldige huurovereenkomst ge-sloten tussen de verweerster en de nv 't Seeren Bosch, de verweerster het recht heeft om gebruik te maken van de zijgevel en dat de verwijdering van het recla-mepaneel dan ook niet kan worden bevolen.
- De appelrechters die aldus te kennen geven dat de huurovereenkomst tus-sen de verweerster en de nv 't Seeren Bosch kan worden tegengeworpen aan de eiser, schenden de voormelde wetsbepalingen. Het middel is gegrond. Tweede middel
- Een vermogensverschuiving is niet zonder oorzaak wanneer de verrijking van de ene partij haar oorsprong vindt in een overeenkomst met een derde die aan de verarmde partij kan worden tegengeworpen.
- De appelrechters oordelen dat het feit dat de huurovereenkomst tussen de verweerster en de nv ‘t Seeren Bosch niet kan worden tegengeworpen aan de ei-ser, niet wegneemt dat deze huurovereenkomst een geldige rechtsgrond vormt voor het gebruik van de zijgevel door de verweerster.
- Door aldus te oordelen, verantwoorden de appelrechters hun beslissing niet naar recht. Het middel is in zoverre gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernie-tigde vonnis. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent over aan de feitenrechter. Verwijst de zaak naar de rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, rechts-zitting houdend in hoger beroep. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samen-gesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, en de raadsheren Koen Mestdagh, Geert Jocqué, Bart Wylleman en Koenraad Moens, en in openbare rechtszitting van 18 januari 2019 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Christian Vandewal, met bijstand van griffier Vanessa Van de Sijpe. V. Van de Sijpe K. Moens B. Wylleman G. Jocqué K. Mestdagh E. Dirix PDF document ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190118.1 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2013:ARR.20130628.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div