← België

ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190218.2

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 18 februari 2019 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190218.2 Rolnummer: C.18.0330.N Kamer: 3N - derde kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2019-03-21 Raadplegingen: 470 - laatst gezien 2026-06-29 11:00 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 De beslagrechter is bevoegd om te onderzoeken of de schuldvordering die uit de uitvoerbare titel blijkt niet is tenietgegaan na het ontstaan van de titel, in welk geval deze niet meer actueel is en de tenuitvoerlegging onrechtmatig zou zijn; de actualiteit van de rechterlijke uitspraak komt in de regel niet in het gedrang door wetgeving die tot stand is gekomen na de uitspraak die in kracht van gewijsde is getreden. Thesaurus CAS: RECHTBANKEN - BURGERLIJKE ZAKEN - Algemeen Vrije woorden: Beslagrechter - Onderzoek van de actualiteit van de titel - Invloed van nadien tussengekomen wetgeving - Taak van de rechter Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Artt. 1395, 1396, 1489 en 1498 Thesaurus CAS: BESLAG - ALGEMEEN Vrije woorden: Beslagrechter - Onderzoek van de actualiteit van de titel - Invloed van nadien tussengekomen wetgeving - Taak van de rechter Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Artt. 1395, 1396, 1489 en 1498 Tekst van de beslissing Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.18.0330.N

  1. FROM-UN nv, met zetel te 1480 Tubize (Saintes), Avenue De Ramelot 4,
  2. THEWYS en VAN DE POL bvba, met zetel te 1770 Liedekerke, Graven-bosstraat 99, eiseressen, vertegenwoordigd door mr. Martin Lebbe, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1050 Brussel, Louizalaan 106, waar de eiseressen woonplaats kiezen, tegen GEWESTELIJK STEDENBOUWKUNDIG INSPECTEUR VOOR HET GRONDGEBIED VAN DE PROVINCIE VLAAMS-BRABANT, met kantoor te 3000 Leuven, Diestsepoort 6/91, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Brussel van 19 december
  3. De zaak is bij beschikking van de eerste voorzitter van 26 november 2018 ver-wezen naar de derde kamer. Sectievoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Henri Vanderlinden heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiseressen voeren in hun verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
  4. De beslagrechter is bevoegd om te onderzoeken of de schuldvordering die uit de uitvoerbare titel blijkt niet is tenietgegaan na het ontstaan van de titel, in welk geval deze niet meer actueel is en de tenuitvoerlegging onrechtmatig zou zijn. De actualiteit van de rechterlijke uitspraak komt in de regel niet in het gedrang door wetgeving die tot stand is gekomen na de uitspraak die in kracht van ge-wijsde is getreden.
  5. De appelrechter stelt vast dat de tenuitvoerlegging plaatsvindt krachtens een in kracht van gewijsde getreden veroordeling van de eiseressen tot betaling van een geldsom van 109.648,26 euro met betrekking tot herstelmaatregelen aan gebouwen van de eiseressen uitgevoerd door de verweerder en dat door latere wetgeving de betrokken bouwwerken niet langer strafbaar zijn geworden. Door vervolgens te oordelen dat de actualiteit van de titel niet in het gedrang komt door "decretale bepalingen die ontstaan nadat een rechterlijke beslissing is ge-wezen die de definitieve uitvoerbare titel uitmaakt krachtens dewelke de ge-dwongen executie wordt benaarstigd", verantwoordt de appelrechter zijn beslis-sing naar recht. Het middel kan niet worden aangenomen. (...) Dictum Het Hof, eenparig beslissend, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseressen tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiseressen op 898,50 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, derde kamer, samen-gesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, en de raadsheren Geert Jocqué en Koenraad Moens, en in openbare rechtszitting van 18 februari 2019 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Henri Vanderlinden, met bijstand van griffier Mike Van Beneden. PDF document ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190218.2 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2025:CONC.20250512.3F.6 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.