id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 15 maart 2019 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190315.3 Rolnummer: C.18.0278.N Zaak: UJA sas contra V. Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht Invoerdatum: 2019-04-02 Raadplegingen: 313 - laatst gezien 2026-06-28 06:13 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 Zowel het hoger bod van de derde als desgevallend het gelijk aanbod van de huurder dient overeenkomstig de artikelen 21, 22 en 23 Handelshuurwet te gebeuren. Thesaurus CAS: HUUR VAN GOEDEREN - HANDELSHUUR - Einde (Opzegging. Huurhernieuwing. Enz) Vrije woorden: Huurhernieuwing - Hoger bod door een derde - Gelijk aanbod van de huurder - Vormvoorschriften Wettelijke bepalingen: Wet van 30 april 1951 BURGERLIJK WETBOEK. - BOEK III - TITEL VIII - HOOFDSTUK II, Afdeling 2bis : Regels betreffende de handelshuur in het bijzonder - 30-04-1951 - Art. 16, I, 5° - 30 ELI link Pub nr 1951043003 Fiche 2 De wetsbepaling die voorziet dat in de kennisgeving van het aanbod van de derde de verhuurder de termijn moet opgeven waarbinnen de huurder de in het aanbod voorgestelde huurprijs moet aanvaarden, en vermelden dat niet-inachtneming van die termijn verval ten gevolge heeft, is van dwingend recht ten voordele van de huurder; de kennisgeving die niet voldoet aan die vormvoorwaarden is nietig. Thesaurus CAS: HUUR VAN GOEDEREN - HANDELSHUUR - Einde (Opzegging. Huurhernieuwing. Enz) Vrije woorden: Huurhernieuwing - Aanbod van een derde - Kennisgeving door de verhuurder - Vermelding van de termijn van aanvaarding - Niet-inachtneming van de termijn - Gevolg - Wetsbepaling - Aard - Gevolg - Kennisgeving die niet voldoet aan de vormvoorwaarden Wettelijke bepalingen: Wet van 30 april 1951 BURGERLIJK WETBOEK. - BOEK III - TITEL VIII - HOOFDSTUK II, Afdeling 2bis : Regels betreffende de handelshuur in het bijzonder - 30-04-1951 - Art. 21, derde lid - 30 ELI link Pub nr 1951043003 Annotaties Publicaties: Nieuw Juridisch Weekblad [NJW] - COPPENS, Alain; Noot 'Hoger bod van een derde bij handelshuurhernieuwing' - 2019, nr. 404, p. 473-
- RABG-Rechtspraak Antwerpen Brussel Gent - 2022, nr. 13, p. 911-
- - LINDERS, Luc; Noot'De continuïteit van de handelszaak van de handelshuur verdient alle bescherming' Tekst van de beslissing Nr. C.18.0278.N
- UJA sas, vennootschap naar Frans recht, met zetel te 75010 Parijs (Frankrijk), Quai de Valmy 117,
- UN JOUR AILLEURS EUROPE nv, met zetel te 1050 Brussel, Louizalaan 50B, eiseressen, vertegenwoordigd door mr. Patricia Vanlersberghe, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, waar de eiseressen woonplaats kiezen, tegen
- H.V., e.a. verweerders, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de verweerders woonplaats kiezen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de Nederlandstalige rechtbank van eerste aanleg te Brussel van 5 maart
- Sectievoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Christian Vandewal heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiseressen voeren in hun verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling (…) Tweede middel Eerste onderdeel (…) Gegrondheid
- Krachtens artikel 16, I, 5°, Handelshuurwet kan de verhuurder de hernieuwing van de huur weigeren omwille van het aanbod van een hogere huurprijs door een derde, indien de huurder geen gelijk aanbod doet, overeenkomstig de artikelen 21, 22 en
- Uit deze bepaling volgt dat zowel het hoger bod van de derde als desgevallend het gelijk aanbod van de huurder overeenkomstig de artikelen 21, 22 en 23 dient te gebeuren.
- Artikel 21, derde lid, Handelshuurwet bepaalt dat in de kennisgeving van het aanbod van de derde de verhuurder de termijn moet opgeven waarbinnen de huurder de in het aanbod voorgestelde huurprijs moet aanvaarden, en vermelden dat niet-inachtneming van die termijn verval ten gevolge heeft.
- Deze bepaling is van dwingend recht ten voordele van de huurder. De kennisgeving die niet voldoet aan die vormvoorwaarden is nietig.
- De appelrechters die oordelen dat de niet-naleving van de op de verhuurder rustende formele verplichtingen van artikel 21, derde lid, Handelshuurwet niet ertoe kan leiden dat de mededeling van het hoger bod als ongeldig terzijde wordt geschoven, verantwoorden hun beslissing dan ook niet naar recht. Het onderdeel is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde vonnis. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent over aan de feitenrechter. Verwijst de zaak naar de rechtbank van eerste aanleg Leuven, rechtszitting houdend in hoger beroep. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, de sectievoorzitters Beatrijs Deconinck en Alain Smetryns, en de raadsheren Bart Wylleman en Koenraad Moens, en in openbare rechtszitting van 15 maart 2019 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Christian Vandewal, met bijstand van griffier Vanessa Van de Sijpe. PDF document ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190315.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div