id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 05 april 2019 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190405.3 Rolnummer: C.18.0254.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Internationaal privaatrecht - Handelsrecht Invoerdatum: 2019-05-02 Raadplegingen: 285 - laatst gezien 2026-06-29 03:27 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 De luchtvervoerder in de zin van artikel L.322-3, lid 1 van de Franse Code de l'aviation civile moet volgens de heersende Franse rechtspraak geen luchtvervoerder zijn in de zin van het verdrag van Warschau. Thesaurus CAS: VREEMDE WET Vrije woorden: Luchtvaart - Luchtvervoerder - Niet betalende vluchten - Aansprakelijkheid - Aansprakelijkheidsbeperking - Artikel L.322-3, lid 1, Franse Code de l'aviation civile - Draagwijdte Wettelijke bepalingen: Code de l'aviation civile - Art. L.322-3, eerste lid Thesaurus CAS: LUCHTVAART Vrije woorden: Luchtvervoerder - Niet betalende vluchten - Aansprakelijkheid - Aansprakelijkheidsbeperking - Artikel L.322-3, lid 1, Franse Code de l'aviation civile - Draagwijdte Wettelijke bepalingen: Code de l'aviation civile - Art. L.322-3, eerste lid Tekst van de beslissing Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.18.0254.N BELGISCHE MAATSCHAPPIJ VOOR LUCHTVAARTVERZEKERIN-GEN nv, met zetel te 1050 Brussel, Louizalaan 54, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen
- J.M. e.a, vertegenwoordigd door mr. Caroline De Baets, advocaat bij het Hof van Cassa-tie, met kantoor te 1050 Brussel, Louizalaan 149/20, waar de verweerders woon-plaats kiezen,
- L.V. vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de verweerster woonplaats kiest, in aanwezigheid van M.R. nv, in gemeenverklaring opgeroepen partij, vertegenwoordigd door mr. Paul Wouters, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 3000 Leuven, Koning Leopold I-straat 3, waar de in gemeenverklaring opgeroepen partij woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwer-pen van 31 januari
- Advocaat-generaal Ria Mortier heeft op 12 februari 2019 een schriftelijke con-clusie neergelegd. Raadsheer Geert Jocqué heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Ria Mortier heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, drie midde-len aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel (...) Tweede middel Ontvankelijkheid
- De eerste vier verweerders werpen drie gronden van niet-ontvankelijkheid op.
- Volgens een eerste grond van niet-ontvankelijkheid vertoont het middel dat de appelrechters verwijt artikel L. 322-3 van de Franse "Code de l'aviation ci-vile" niet te hebben toegepast omdat die bepaling enkel geldt voor de luchtver-voerder zoals bedoeld in het Verdrag van Warschau van 1929, terwijl de be-doelde bepaling ook geldt voor niet onder voormeld Verdrag vallende luchtver-voerders die kosteloos vervoer uitoefenen, geen belang, aangezien de appel-rechters hebben vastgesteld, zonder op dit punt te worden bekritiseerd, dat deze bepaling op 28 oktober 2010 werd opgeheven wegens strijdigheid met artikel 3 van de Verordening 2027/97 van 9 oktober 1997 die directe werking had in de lidstaten, en die vastgestelde strijdigheid met het Europees recht hoe dan ook een beletsel voor de Belgische rechter was om de bedoelde Franse wetsbepaling toe te passen op het litigieuze ongeval.
- Anders dan waarvan de grond van niet-ontvankelijkheid uitgaat, betwist de eiseres in haar voorziening de toepasselijkheid van artikel 3 van voormelde Verordening 2027/
- De grond van niet-ontvankelijkheid moet worden verworpen.
- Volgens een tweede grond van niet-ontvankelijkheid is het middel onont-vankelijk in zoverre het de schending van artikel 3 (oud) Burgerlijk Wetboek en van de daaruit afgeleide lex loci delicti-regel aanvoert: de reden waarom het arrest artikel L. 322-3 Franse Code de l'aviation civile verwerpt houdt enkel verband met de draagwijdte van deze Franse wetsbepaling en geenszins met de verwijzingsregels, die derhalve niet kunnen geschonden zijn.
- Opdat de eiser de schending van het vreemde recht kan inroepen, moet hij, op straffe van niet-ontvankelijkheid van het cassatiemiddel, eveneens de schending aanvoeren van de Belgische verwijzingsregel die tot toepassing van dit vreemde recht heeft geleid. De tweede grond van niet-ontvankelijkheid moet eveneens worden verworpen.
- Volgens een derde grond van niet-ontvankelijkheid regelt artikel L. 322-3 van het Franse burgerluchtvaartwetboek niet de eigen aansprakelijkheid van de piloot, buiten elke hoedanigheid van aangestelde om, zodat dit artikel, ook al zou het gelden voor alle ondernemingen die kosteloos luchtvervoer uitvoeren ongeacht of zij een luchtvaartonderneming zijn in de zin van het Verdrag van Warschau, toch niet toepasselijk is en het arrest op grond van deze gesubstitu-eerde motieven wettig verantwoord blijft en dus bij gebrek aan belang onont-vankelijk is.
- Het staat aan de bodemrechter om in feite te beoordelen of de piloot de hoedanigheid van aangestelde had. Het Hof kan de door de grond van niet-ontvankelijkheid voorgestelde reden bij-gevolg niet in de plaats stellen van de in het middel aangevochten reden zonder zijn bevoegdheid te overschrijden. Ook deze grond van niet-ontvankelijkheid moet worden verworpen. Gegrondheid
- De luchtvervoerder in de zin van artikel L. 322-3, lid 1, van de Franse Code de l'aviation civile, zoals ten deze van toepassing, moet volgens de heersende Franse rechtspraak geen luchtvervoerder zijn in de zin van het Verdrag van Warschau.
- De appelrechters die oordelen dat "[de eiseres] zich [onterecht] voor het eerst in haar syntheseconclusie in hoger beroep op de in artikel L322-3 van de Franse "Code de l'aviation civile" opgenomen aansprakelijkheidsbeperking van de piloot tot 115.000,00 euro per passagier [beroept], nu deze wetsbepa-ling enkel toepassing vond op aansprakelijkheden die vastgesteld werden op grond van het hoger nader aangehaald (luchtverkeer)Verdrag van Warschau (later Montreal), dat echter zoals hoger gemotiveerd niet van toepassing is op onderhavig schadegeval, net omdat [de in gemeenverklaring opgeroepen par-tij] geen luchtvervoersonderneming in de zin van voormeld Verdrag is", voegen aan artikel L. 322-3 van de Franse Code de l'aviation civile een voorwaarde toe die deze niet bevat en verantwoorden hun beslissing mitsdien niet naar recht. Het middel is gegrond. Derde middel (...) Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest in zoverre de appelrechters oordelen dat de in ar-tikel L. 322-3 van de Franse Code de l'aviation civile opgenomen aansprakelijk-heidsbeperking van de piloot niet kan worden toegepast en ze oordelen over de hieraan verbonden kosten. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het ge-deeltelijk vernietigde arrest. Verklaart het arrest bindend voor de in gemeenverklaring opgeroepen partij. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over. Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Brussel. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samen-gesteld uit sectievoorzitter Alain Smetryns, als voorzitter, en de raadsheren Koen Mestdagh, Geert Jocqué, Bart Wylleman en Koenraad Moens, en in openbare rechtszitting van 5 april 2019 uitgesproken door sectievoorzitter Alain Smetryns, in aanwezigheid van advocaat-generaal Ria Mortier, met bijstand van griffier Vanessa Van de Sijpe. PDF document ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190405.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div