id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 26 april 2019 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190426.1 Rolnummer: F.15.0108.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Belastingrecht Invoerdatum: 2019-05-22 Raadplegingen: 459 - laatst gezien 2026-06-28 08:27 Versie(s): Vertaling FR Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2019:CONC.20190426.1 Fiche Als commissionair wordt aangemerkt niet alleen hij die op eigen naam of onder firma voor rekening van een lastgever handelt, maar ook de tussenpersoon bij inkoop of de tussenpersoon bij verkoop, die in enigerlei hoedanigheid een op zijn naam gestelde factuur, debetnota of ander daarmee gelijkgesteld stuk respectievelijk van de verkoper ontvangt of aan de koper uitreikt
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE Vrije woorden: Vastgoedproject - Promotiekosten grondaandeel - Aftrek van de voorbelasting - Gemengde belastingplichtige - Commissionair - Begrip Wettelijke bepalingen: Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde - 03-07-1969 - Art. 13 - 32 Link Justel databank 19690703-32 Tekst van de beslissing Hof van Cassatie van België Arrest Nr. F.15.0108.N OOSTDUINKERKE PLAZA nv, met zetel te 1160 Oudergem, Vorstlaan 292, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Paul Lefebvre, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1050 Brussel, Louizalaan 480, bus 9, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, met kabinet te 1000 Brussel, Wetstraat 12, voor wie optreedt de gewestelijk directeur BTW, Registratie en Domeinen te Brugge, met kantoor te 8000 Brugge, G. Vincke-Dujardinstraat 4, met keuze van woonplaats bij gerechtsdeurwaarder mr. Anne Van Den Berghe, met kantoor te 1050 Elsene, Kroonlaan 145, blok F, vier-de verdieping, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwer-pen, van 9 september 2014 (rolnummer 2013/AR/2780), op verwijzing gewezen na arrest van het Hof van 20 oktober
- Advocaat-generaal met opdracht Johan Van der Fraenen heeft op 26 februari 2019 een schriftelijke conclusie neergelegd. Raadsheer Bart Wylleman heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht Johan Van der Fraenen heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
- Krachtens artikel 13, § 1, Btw-wetboek wordt de verkoopcommissionair aangemerkt als verkoper en, ten opzichte van zijn lastgever, als koper van het goed dat door zijn toedoen wordt verkocht. Krachtens artikel 13, § 2, Btw-wetboek wordt als commissionair aangemerkt niet alleen hij die op eigen naam of onder firma voor rekening van een lastgever han-delt, maar ook de tussenpersoon bij inkoop of de tussenpersoon bij verkoop, die in enigerlei hoedanigheid een op zijn naam gestelde factuur, debetnota of ander daarmee gelijkgesteld stuk respectievelijk van de verkoper ontvangt of aan de koper uitreikt.
- Uit de vaststellingen van het arrest blijkt dat: - de rechtsvoorganger van de eiseres, de nv Immolux, (hierna: Immolux) met de nv Oostduinkerke Immobiliën (hierna: Oostduinkerke Immobiliën) een "vereniging in deelneming" heeft gesloten, waarbij werd overeengekomen dat laatstgenoemde gronden ter beschikking zou stellen van eerstgenoemde die, als promotor, zou instaan voor het ontwikkelen van vastgoedprojecten op die gronden; - Oostduinkerke Immobiliën ten voordele van Immolux verzaakte aan het recht van natrekking en haar toelating verleende tot bouwen; - bij de individuele verkoop van appartementen en van het bijhorend grondaan-deel, telkens in één onderhandse verkoopovereenkomst en nadien in één nota-riële akte de gebouwen werden verkocht door Immolux en de grondaandelen door Oostduinkerke Immobiliën; - Immolux de kosten van de verkoopcommissies en publiciteit die betrekking hebben op zowel de grond als op de constructies opnam in haar boekhouding en de van deze kosten geheven btw volledig in aftrek bracht, evenals de btw geheven van de administratie- en managementkosten.
- De appelrechters oordelen dat: - voor de toepassing van artikel 13, § 2, Btw-wetboek vereist is dat Immolux op eigen naam of onder firma voor rekening van Oostduinkerke Immobiliën han-delde ten aanzien van derden of dat zij een op haar naam gestelde factuur, de-betnota of een ander daarmee gelijkstaand stuk aan de kopers uitreikte; - uit de voorliggende stukken blijkt dat Immolux ten aanzien van derden in-stond voor de volledige technische en commerciële uitvoering van de vast-goedprojecten en haar taak zowel betrekking had op het gebouw als op de grond, wat onder meer blijkt uit het feit dat bij de verkoop van een gebouw of een deel van een gebouw de verkoopcommissies volledig aan haar werden ge-factureerd, zowel wat de verkoop van het gebouw als wat de verkoop van de grond of het grondaandeel betreft; - Oostduinkerke Immobiliën optrad als lastgever en Immolux als opdracht had daartoe in eigen naam het nodige te doen; - het feit dat Immolux bij de eigendomsoverdracht niet optrad als eigenaar van de grond of van het grondaandeel, niet belet dat zij ten aanzien van derden de gehele promotie in eigen naam waarnam; - de eerste rechter bijgevolg terecht heeft geoordeeld dat de fictie bepaald in de artikelen 13 en 20 Btw-wetboek van toepassing is, aangezien Immolux duide-lijk tussenpersoon was bij de verkoop van de gronden samen met het gebouw; - Immolux voor de toepassing van de btw als verkoopcommissionair ten aan-zien van derden wordt aangemerkt als verkoper en ten aanzien van Oostduin-kerke Immobiliën als koper van de grond/het grondaandeel dat door haar toe-doen wordt verkocht.
- Door te oordelen dat Immolux moet worden beschouwd als een verkoop-commissionair met betrekking tot de grond/grondaandelen zodat een deel van haar omzet betrekking heeft op van btw vrijgestelde handelingen en zij als ge-mengde belastingplichtige geen recht heeft op volledige aftrek van de voorbelas-ting, terwijl uit de vaststellingen van het arrest blijkt dat Immolux bij de verkoop van de grond/grondaandelen niet in eigen naam en voor rekening van Oostduin-kerke Immobiliën optrad en zij met betrekking tot de grond/grondaandelen evenmin aan de kopers een factuur, debetnota of enig ander stuk uitreikte, ver-antwoorden de appelrechters hun beslissing niet naar recht. Het middel is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernie-tigde arrest. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent over aan de feitenrechter. Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Brussel. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samen-gesteld uit sectievoorzitter Alain Smetryns, als voorzitter, en de raadsheren Koen Mestdagh, Filip Van Volsem, Bart Wylleman en Koenraad Moens, en in openba-re rechtszitting van 26 april 2019 uitgesproken door sectievoorzitter Alain Sme-tryns, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Johan Van der Frae-nen, met bijstand van griffier Vanessa Van de Sijpe PDF document ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190426.1 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2019:CONC.20190426.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div