id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 28 mei 2019 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190528.13 Rolnummer: P.19.0127.N Zaak: PROCUREUR-GENERAAL TE BRUSSEL contra Z. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2019-06-11 Raadplegingen: 778 - laatst gezien 2026-06-29 09:49 Versie(s): Vertaling FR Fiche Een verhoor in de zin van artikel 47bis Wetboek van Strafvordering is een geleide ondervraging over misdrijven die aan een in dat artikel bedoelde persoon ten laste kunnen worden gelegd door een daartoe bevoegde ambtenaar geacteerd in een proces-verbaal in het kader van een opsporings- of gerechtelijk onderzoek, met als doel de waarheid te vinden; dat artikel is daarentegen niet van toepassing op spontane verklaringen of aanwijzingen van een persoon die op zijn gedrag of situatie wordt aangesproken door een daartoe bevoegde ambtenaar, wiens interpellatie enkel bedoeld is om zich een juist beeld van de vastgestelde feiten te vormen teneinde vervolgens een gepaste beslissing te kunnen nemen waarbij het gegeven dat de vastgestelde feiten kunnen wijzen op het bestaan van een misdrijf, niet doorslaggevend is. Thesaurus CAS: ONDERZOEK IN STRAFZAKEN - ALLERLEI Vrije woorden: Verhoor in de zin van artikel 47bis Wetboek van Strafvordering - Begrip Tekst van de beslissing Nr. P.19.0127.N PROCUREUR-GENERAAL BIJ HET HOF VAN BEROEP TE BRUSSEL, eiser, tegen R. Z., beklaagde, verweerster, met als raadsman mr. Koen Hens, advocaat bij de balie Brussel. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Brussel, correctionele kamer, van 22 januari
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Erwin Francis heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Luc Decreus heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel Tweede onderdeel
- Het onderdeel voert schending aan van artikel 6 EVRM en artikel 47bis Wetboek van Strafvordering: het arrest aanziet ten onrechte de gezegden van de verweerster aan de douane als het resultaat van een verhoor; het proces-verbaal van inlichtingen van de douane is een weergave van het optreden van de douaneambtenaren die vaststellingen registreren, eventueel inlichtingen verkrijgen en acteren; dit is fundamenteel te onderscheiden van een verhoor dat een formele communicatie veronderstelt tussen de vaststellende diensten en de persoon die van een misdrijf wordt verdacht en waarbij gerichte vragen worden gesteld aan de verhoorde persoon; het optreden van de douane waarbij aanwijzingen van sluikuitvoer van cash worden vastgesteld betreft een situatie die gelijk te stellen is met betrapping op heterdaad, waarbij inlichtingen kunnen worden ingewonnen en summiere vragen kunnen worden gesteld die geen verhoor uitmaken omdat er slechts sprake is van informele en verkennende gesprekken.
- Een verhoor in de zin van artikel 47bis Wetboek van Strafvordering is een geleide ondervraging over misdrijven die aan een in dat artikel bedoelde persoon ten laste kunnen worden gelegd door een daartoe bevoegde ambtenaar geacteerd in een proces-verbaal in het kader van een opsporings- of gerechtelijk onderzoek, met als doel de waarheid te vinden. Dat artikel is daarentegen niet van toepassing op spontane verklaringen of aanwijzingen van een persoon die op zijn gedrag of situatie wordt aangesproken door een daartoe bevoegde ambtenaar, wiens interpellatie enkel bedoeld is om zich een juist beeld van de vastgestelde feiten te vormen teneinde vervolgens een gepaste beslissing te kunnen nemen. Dat de vastgestelde feiten kunnen wijzen op het bestaan van een misdrijf, is daarbij niet doorslaggevend.
- Het arrest oordeelt dat: - het proces-verbaal van inlichtingen van 22 mei 2016 informatie bevat met betrekking tot de door de bevoegde douaneoverheid aangetroffen gelden op de persoon en in de bagage van de verweerster en de aangifte of uitleg die zij bij deze gelegenheid heeft gedaan of verstrekt aan die overheid; - anders dan voorgehouden door het openbaar ministerie, het “louter inwinnen van inlichtingen om zich een beeld te trachten te vormen van de omstandigheden en de rol van de betrokken personen”, een daadwerkelijk formeel contact is tussen de bevoegde douaneoverheid en de betrokkene die ervan wordt verdacht strafbare feiten te hebben gepleegd; - de in artikel 47bis Wetboek van Strafvordering opgenomen waarborgen van toepassing zijn op het verhoor van de verweerster door de bevoegde douaneoverheid ter gelegenheid van het aantreffen van de bankbiljetten in haar bezit; - met het in het bedoelde proces-verbaal opgenomen verhoor van de verweerster geen rekening wordt gehouden bij de beoordeling van de strafvordering. Met die redenen onderzoekt het arrest niet of de douaneambtenaren van de verweerster een verhoor in de zin van artikel 47bis Wetboek van Strafvordering hebben afgenomen, maar leidt het dat gegeven enkel af uit het feit dat er een niet nader omschreven formeel contact is geweest tussen de verweerster en de douaneambtenaren. Aldus is de beslissing niet naar recht verantwoord. Het onderdeel is in zoverre gegrond. Eerste onderdeel
- Gelet op de hierna uit te spreken vernietiging van het arrest, behoeft het onderdeel geen antwoord. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest. Houdt de beslissing over de kosten aan en laat ze over aan de rechter op verwijzing. Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Antwerpen. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Alain Bloch, Peter Hoet, Erwin Francis en Sidney Berneman, en op de openbare rechtszitting van 28 mei 2019 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Luc Decreus, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190528.13 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2021:CONC.20211026.2N.5 ECLI:BE:CASS:2023:CONC.20230509.2N.7 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20191105.1 ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20211109.2N.10 ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230926.2N.4 ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240326.2N.5 ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250520.2N.23 ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260127.2N.13 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div