id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 31 mei 2019 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190531.1 Rolnummer: C.18.0499.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Insolventierecht - Sociale-zekerheidsrecht - Burgerlijk recht - Handelsrecht Invoerdatum: 2019-06-26 Raadplegingen: 564 - laatst gezien 2026-06-29 02:46 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 De rechter, die dient te oordelen of de wettelijke voorwaarden voor de persoonlijke en hoofdelijke aansprakelijkheid zijn vervuld, kan nagaan of er, in geval van de herhaalde betrokkenheid bij faillissementen met sociale zekerheidsschulden, sprake is van een dergelijk procedé van frauduleuze herhaling en kan bij het bepalen van de omvang van de bedragen waartoe de bestuurder en de gewezen bestuurder gehouden zijn, derhalve rekening houden met het gegeven of zij al dan niet te goeder trouw waren
(1).
(1)GwH 25 september 2014, nr. 133/2014, B-9; zie ook Cass. 24 maart 2016, AR C.15.0166.N ECLI:BE:CASS:2016:ARR.20160324.13, AC 2016, nr. 217, met concl. OM. Thesaurus CAS: FAILLISSEMENT, FAILLISSEMENTSAKKOORD EN GERECHTELIJK AKKOORD - GEVOLGEN (PERSONEN, GOEDEREN, VERBINTENISSEN) Vrije woorden: Vennootschap - Faillissement - Sociale zekerheidsschulden - Persoonlijke en hoofdelijke aansprakelijkheid van de bestuurder en gewezen bestuurder - Bepaling van de omvang van de bedragen - Beoordeling door de rechter - Wijze Wettelijke bepalingen: Wetboek van Vennootschappen - 07-05-1999 - Art. 265, § 2 - 69 ELI link Pub nr 1999A09646 Fiches 2 - 4 De rechter, die dient te oordelen of de wettelijke voorwaarden voor de persoonlijke en hoofdelijke aansprakelijkheid zijn vervuld, kan nagaan of er, in geval van de herhaalde betrokkenheid bij faillissementen met sociale zekerheidsschulden, sprake is van een dergelijk procedé van frauduleuze herhaling en kan bij het bepalen van de omvang van de bedragen waartoe de bestuurder en de gewezen bestuurder gehouden zijn, derhalve rekening houden met het gegeven of zij al dan niet te goeder trouw waren
(1).
(1)GwH 25 september 2014, nr. 133/2014, B-9; zie ook Cass. 24 maart 2016, AR C.15.0166.N ECLI:BE:CASS:2016:ARR.20160324.13, AC 2016, nr. 217, met concl. OM. Thesaurus CAS: SOCIALE ZEKERHEID - ALGEMEEN Vrije woorden: Vennootschap - Faillissement - Sociale zekerheidsschulden - Persoonlijke en hoofdelijke aansprakelijkheid van de bestuurder en gewezen bestuurder - Bepaling van de omvang van de bedragen - Beoordeling door de rechter - Wijze Wettelijke bepalingen: Wetboek van Vennootschappen - 07-05-1999 - Art. 265, § 2 - 69 ELI link Pub nr 1999A09646 Thesaurus CAS: AANSPRAKELIJKHEID BUITEN OVEREENKOMST - SCHADE - Beoordelingsbevoegdheid. Raming. Peildatum Vrije woorden: Vennootschap - Faillissement - Sociale zekerheidsschulden - Persoonlijke en hoofdelijke aansprakelijkheid van de bestuurder en gewezen bestuurder - Bepaling van de omvang van de bedragen - Beoordeling door de rechter - Wijze Wettelijke bepalingen: Wetboek van Vennootschappen - 07-05-1999 - Art. 265, § 2 - 69 ELI link Pub nr 1999A09646 Thesaurus CAS: VENNOOTSCHAPPEN - HANDELSVENNOOTSCHAPPEN - Besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid Vrije woorden: Faillissement - Sociale zekerheidsschulden - Persoonlijke en hoofdelijke aansprakelijkheid van de bestuurder en gewezen bestuurder - Bepaling van de omvang van de bedragen - Beoordeling door de rechter - Wijze Wettelijke bepalingen: Wetboek van Vennootschappen - 07-05-1999 - Art. 265, § 2 - 69 ELI link Pub nr 1999A09646 Tekst van de beslissing Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.18.0499.N
- G&L INVEST bvba, met zetel te 3530 Helchteren, Europaweg 1604,
- K.G., eisers, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, waar de eisers woonplaats kie-zen, tegen RIJKSDIENST VOOR SOCIALE ZEKERHEID, openbare instelling, met ze-tel te 1060 Sint-Gillis, Victor Hortaplein 11, verweerder, vertegenwoordigd door mr. Geoffroy de Foestraets, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Dalstraat 67/14, waar de verweerder woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwer-pen van 17 mei
- Sectievoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal André Van Ingelgem heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eisers voeren in hun verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
- Krachtens artikel 265, § 2, Wetboek van Vennootschappen, zoals van toe-passing, kunnen de zaakvoerders, gewezen zaakvoerders en alle andere personen die ten aanzien van de zaken van de vennootschap werkelijke bestuursbevoegd-heid hebben gehad, door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid en de curator persoonlijk en hoofdelijk aansprakelijk worden gesteld voor het geheel of een deel van alle op het ogenblik van de uitspraak van het faillissement verschuldig-de sociale bijdragen, indien komt vast te staan dat een door hen begane grove fout aan de basis lag van het faillissement, of indien zij zich, in de loop van de periode van vijf jaar voorafgaand aan de faillietverklaring in de situatie bevon-den hebben zoals beschreven in artikel 38, § 3octies, 8°, van de wet van 29 juni 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werkne-mers.
- De rechter, die dient te oordelen of de wettelijke voorwaarden voor de per-soonlijke en hoofdelijke aansprakelijkheid zijn vervuld, kan nagaan of er, in ge-val van de herhaalde betrokkenheid bij faillissementen met socialezekerheids-schulden, sprake is van een dergelijk procedé van frauduleuze herhaling en kan bij het bepalen van de omvang van de bedragen waartoe de bestuurder en de ge-wezen bestuurder gehouden zijn, derhalve rekening houden met het gegeven of zij al dan niet te goeder trouw waren.
- De appelrechters die oordelen dat "de overlegging van de verslaggeving van de curatoren aan het openbaar ministerie [niet] dienstig" is omdat "de even-tuele aan- of afwezigheid van kwade trouw of van misdrijven [niet] bepalend is voor de beoordeling van de gegrondheid van de vordering van [de verweerder]", ver-antwoorden hun beslissing niet naar recht. Het middel is gegrond. Dictum Het Hof, eenparig beslissend, Vernietigt het bestreden arrest. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernie-tigde arrest. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent over aan de feitenrechter. Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Gent. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samen-gesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, sectievoorzitter Alain Smetryns en de raadsheer Geert Jocqué, en in openbare rechtszitting van 31 mei 2019 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advo-caat-generaal André Van Ingelgem, met bijstand van griffier Vanessa Van de Sijpe. PDF document ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190531.1 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2023:CONC.20230216.1F.6 precedenten: ECLI:BE:CASS:2016:ARR.20160324.13 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div