id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 14 juni 2019 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190614.4 Rolnummer: C.18.0430.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht Invoerdatum: 2019-07-01 Raadplegingen: 548 - laatst gezien 2026-06-28 06:26 Versie(s): Vertaling FR Fiche De rechter die op grond van artikel 387ter, § 1, Burgerlijk Wetboek moet oordelen over het al dan niet nemen van nieuwe beslissingen met betrekking tot de huisvesting van het kind, dient dit verzoek niet uitsluitend aan het belang van het kind te toetsen. Thesaurus CAS: OUDERLIJK GEZAG Vrije woorden: Huisvesting van het kind - Ouder die weigert de verblijfsregeling uit te voeren - Nieuwe rechterlijke beslissing - Beoordelingscriteria Wettelijke bepalingen: oud Burgerlijk Wetboek - Artt. 387ter, § 1, en 374, § 2, vierde lid Annotaties Publicaties: Tijdschrift voor familierecht [T.Fam] - SENAEVE, Patrick; Noot "Het belang van het kind niet het enige beoordelingscriterium bij vorderingen aangaande de verblijfsregeling van een minderjarige" - 2020, nr. 10, p. 292-
- Tekst van de beslissing Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.18.0430.N E.S., eiseres, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen F.B., verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwer-pen van 13 juni
- Raadsheer Bart Wylleman heeft verslag uitgebracht. Eerste advocaat-generaal Ria Mortier heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
- Krachtens artikel 387ter, § 1, Burgerlijk Wetboek kan de rechter nieuwe beslissingen nemen met betrekking tot de huisvesting van het kind in geval één van de ouders weigert om de rechterlijke beslissingen met betrekking tot de ver-blijfsregeling van de kinderen uit te voeren. Krachtens artikel 374, § 2, vierde lid, Burgerlijk Wetboek oordeelt de rechtbank, wanneer de ouders niet samenleven en bij gebrek aan overeenstemming, in ieder geval bij een met bijzondere redenen omkleed vonnis over de huisvesting van de kinderen rekening houdend met de concrete omstandigheden van de zaak en met het belang van de kinderen en de ouders.
- Het middel dat ervan uitgaat dat de rechter, die op grond van artikel 387ter, § 1, Burgerlijk Wetboek moet oordelen over het al dan niet nemen van nieuwe beslissingen met betrekking tot de huisvesting van het kind, dit verzoek "uitsluitend dient te toetsen aan het belang van het kind", steunt op een onjuiste rechtsopvatting en faalt naar recht. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiseres op 823,36 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samen-gesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, sectievoorzitter Alain Smetryns, en de raadsheren Koen Mestdagh, Geert Jocqué en Bart Wylleman, en in openbare rechtszitting van 14 juni 2019 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van eerste advocaat-generaal Ria Mortier, met bij-stand van griffier Vanessa Van de Sijpe. PDF document ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190614.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div