← België

ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190717.2

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 17 juli 2019 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190717.2 Rolnummer: P.19.0660.N Kamer: VAK - Vakantiekamer Rechtsgebied: Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2019-07-23 Raadplegingen: 662 - laatst gezien 2026-06-29 05:02 Versie(s): Vertaling FR Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2019:CONC.20190717.2 Fiches 1 - 2 Krachtens artikel 78 Interneringswet staat er geen cassatieberoep open tegen beslissingen van de kamer tot bescherming van de maatschappij inzake uitgaansvergunningen, tot plaatsing van de geïnterneerde op een wachtlijst van een forensisch psychiatrisch centrum en tot behoud van de internering in een bepaalde inrichting

(1).
(1)Zie Cass. 7 maart 2018, AR P.18.0174.F ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20180307.3, AC 2018, nr. 158; Cass. 21 februari 2017, AR P.17.0124.N ECLI:BE:CASS:2017:ARR.20170221.4, AC 2017, nr. 124. Thesaurus CAS: BESCHERMING VAN DE MAATSCHAPPIJ - UITVOERINGSMODALITEITEN INTERNERING Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechtbank - Kamer voor bescherming van de maatschappij - Beslissingen inzake uitgaansvergunningen, tot plaatsing van de geÏnterneerde op een wachtlijst van een forensisch psychiatrisch centrum en tot behoud van de internering in een bepaalde inrichting - Cassatieberoep - Ontvankelijkheid Wettelijke bepalingen: Wet - 05-05-2014 - Art. 78 - 11 ELI link Pub nr 2014009316 Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - STRAFZAKEN - Beslissingen vatbaar voor cassatieberoep - Strafvordering - Beslissingen uit hun aard niet vatbaar voor cassatieberoep Vrije woorden: Internering - Uitvoeringsmodaliteiten - Strafuitvoeringsrechtbank - Kamer voor bescherming van de maatschappij - Beslissingen inzake uitgaansvergunningen, tot plaatsing van de geÏnterneerde op een wachtlijst van een forensisch psychiatrisch centrum en tot behoud van de internering in een bepaalde inrichting Wettelijke bepalingen: Wet - 05-05-2014 - Art. 78 - 11 ELI link Pub nr 2014009316 Fiche 3 De beslissingen van de kamer voor de bescherming van de maatschappij van de strafuitvoeringsrechtbank met betrekking tot de toekenning, de afwijzing of de herroeping van de beperkte detentie, het elektronisch toezicht en de invrijheidstelling op proef zijn niet vatbaar voor verzet
(1). (Impliciete oplossing).
(1)Dit volgt uit de (impliciete) vaststelling van de (gedeeltelijke) ontvankelijkheid van het cassatieberoep ; zie concl. 'in hoofdzaak' OM. Thesaurus CAS: BESCHERMING VAN DE MAATSCHAPPIJ - UITVOERINGSMODALITEITEN INTERNERING Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechtbank - Kamer voor bescherming van de maatschappij - Beslissingen met betrekking tot de toekenning, de afwijzing of de herroeping van de beperkte detentie, het elektronisch toezicht of de invrijheidstelling op proef - Verzet - Ontvankelijkheid Wettelijke bepalingen: Wet - 05-05-2014 - Artt. 23-27 - 11 ELI link Pub nr 2014009316 Fiche 4 De beslissingen van de kamer voor de bescherming van de maatschappij van de strafuitvoeringsrechtbank met betrekking tot de toekenning, de afwijzing of de herroeping van de beperkte detentie, het elektronisch toezicht en de invrijheidstelling op proef zijn niet vatbaar voor verzet
(1). (Impliciete oplossing).
(1)Dit volgt uit de (impliciete) vaststelling van de (gedeeltelijke) ontvankelijkheid van het cassatieberoep; zie concl. 'in hoofdzaak' OM. Thesaurus CAS: VERZET Vrije woorden: Internering - Tenuitvoerlegging - Strafuitvoeringsrechtbank - Kamer voor bescherming van de maatschappij - Beslissingen met betrekking tot de toekenning, de afwijzing of de herroeping van de beperkte detentie, het elektronisch toezicht of de invrijheidstelling op proef - Ontvankelijkheid Wettelijke bepalingen: Wet - 05-05-2014 - Artt. 23-27 - 11 ELI link Pub nr 2014009316 Fiches 5 - 6 De geïnterneerde persoon die afwezig is op het debat voor de kamer voor de bescherming van de maatschappij van de strafuitvoeringsrechtbank kan door een advocaat worden vertegenwoordigd
(1).
(1)Cass. 25 januari 2017, RG P.16.1340.F ECLI:BE:CASS:2017:ARR.20170125.11, AC 2017, nr. 57 met concl. van advocaat generaal VANDERMEERSCH, in Pas. 2017, nr.
  1. Thesaurus CAS: BESCHERMING VAN DE MAATSCHAPPIJ - INTERNERING Vrije woorden: Tenuitvoerlegging van de internering - Kamer voor bescherming van de maatschappij - Zitting - Persoonlijke verschijning van de geïnterneerde - Vertegenwoordiging door advocaat Wettelijke bepalingen: Wet - 05-05-2014 - Artt. 30, tweede lid, 52, en 81, § 2 - 11 ELI link Pub nr 2014009316 Thesaurus CAS: ADVOCAAT Vrije woorden: Bescherming van de maatschappij - Internering - Tenuitvoerlegging van de internering - Kamer voor bescherming van de maatschappij - Zitting - Persoonlijke verschijning van de geïnterneerde - Vertegenwoordiging door advocaat Wettelijke bepalingen: Wet - 05-05-2014 - Artt. 30, tweede lid, 52, en 81, § 2 - 11 ELI link Pub nr 2014009316 Tekst van de beslissing Hof van Cassatie van België Arrest Nr. P.19.0660.N P. K., geïnterneerde, eiser, met als raadsman mr. Peter Verpoorten, advocaat bij de balie Antwerpen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis van de strafuitvoeringsrechtbank Brussel, kamer voor de bescherming van de maatschappij, van 18 juni
  2. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Raadsheer Erwin Francis heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Michel Nolet de Brauwere heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
  3. Krachtens artikel 78 van de wet van 5 mei 2014 betreffende de internering (hierna Interneringswet) staat er geen cassatieberoep open tegen beslissingen van de kamer tot bescherming van de maatschappij inzake uitgaansvergunningen, tot plaatsing van de geïnterneerde op een wachtlijst van een forensisch psychiatrisch centrum en tot behoud van de internering in een bepaalde inrichting. In zoverre gericht tegen die beslissingen, is het cassatieberoep niet ontvankelijk. Eerste middel
  4. Het middel voert schending aan van de artikelen 5.4 en 6 EVRM en artikel 30 Interneringswet: de kamer voor de bescherming van de maatschappij heeft ei-sers raadsman niet toegelaten hem te vertegenwoordigen op de rechtszitting van 6 juni 2019, waarop hij persoonlijk niet is verschenen.
  5. Het vonnis doet uitspraak over het verdere beheer van de internering van de eiser, zoals bepaald in Titel IV, Hoofdstuk II, Afdeling III, Interneringswet.
  6. Krachtens artikel 2 Interneringswet is de internering van personen met een geestesstoornis een veiligheidsmaatregel die er tegelijkertijd toe strekt de maat-schappij te beschermen en ervoor te zorgen dat aan de geïnterneerde persoon de zorg wordt verstrekt die zijn toestand vereist met het oog op zijn re-integratie in de maatschappij. Rekening houdend met het veiligheidsrisico en de gezondheid van de geïnterneerde persoon zal hem de nodige zorg aangeboden worden om een menswaardig leven te leiden. Die zorg is gericht op een maximaal haalbare vorm van maatschappelijke re-integratie en verloopt waar aangewezen en moge-lijk via een zorgtraject waarin aan de geïnterneerde persoon telkens zorg op maat wordt aangeboden. Artikel 30, tweede lid, Interneringswet bepaalt: "De geïnterneerde persoon ver-schijnt persoonlijk. Hij wordt door zijn advocaat vertegenwoordigd indien me-disch-psychiatrische vragen in verband met zijn toestand gesteld worden en het bijzonder schadelijk is om deze in zijn aanwezigheid te behandelen." Krachtens artikel 81, § 2, Interneringswet kunnen de kamer voor de bescherming van de maatschappij en het Hof van Cassatie ten aanzien van de geïnterneerde persoon slechts beslissen indien deze wordt bijgestaan of vertegenwoordigd door een advocaat.
  7. De doelstellingen van de internering, die vermeld zijn in artikel 2 Interne-ringswet, vereisen dat de rechter zich persoonlijk kan vergewissen van de toe-stand waarin de geïnterneerde zich bevindt op het tijdstip waarop de rechter moet beslissen over de internering, de handhaving of de modaliteiten ervan. De verplichte bijstand van een advocaat is noodzakelijk wegens de toestand waarin de geïnterneerde persoon zich bevindt en omdat geen hoger beroep moge-lijk is tegen de beslissingen van de kamer voor de bescherming van de maat-schappij.
  8. Hieruit volgt, eensdeels, dat de geïnterneerde persoon persoonlijk moet verschijnen voor de kamer voor de bescherming van de maatschappij en daarbij moet worden bijgestaan door een advocaat en, anderdeels, dat de geïnterneerde persoon niet persoonlijk mag verschijnen en moet worden vertegenwoordigd door een advocaat indien medisch-psychiatrische vragen in verband met zijn toe-stand worden gesteld en het bijzonder schadelijk is om deze in zijn aanwezigheid te behandelen. Daaruit volgt niet dat de geïnterneerde persoon die afwezig is op het debat voor de kamer voor de bescherming van de maatschappij, niet door een advocaat kan worden vertegenwoordigd.
  9. Het vonnis oordeelt: "Slechts in uitzonderlijke omstandigheden, bijvoor-beeld omwille van situaties van overmacht of medische redenen, kan de recht-bank aan de raadsman toestemming geven om zijn cliënt te vertegenwoordigen. In voorliggende situatie was hiervan geen sprake en was er geen gegronde reden die zijn afwezigheid kon rechtvaardigen. In casu stelde de rechtbank vast dat be-trokkene wel in de mogelijkheid was om te komen, maar dit niet wenste te doen. De zaak werd aldus bij verstek behandeld". Die beslissing is niet naar recht ver-antwoord. Het middel is in zoverre gegrond. Tweede middel
  10. Gelet op de hierna uit te spreken vernietiging, behoeft het middel geen antwoord. Omvang van de cassatie
  11. De vernietiging van de beslissing tot afwijzing van de beperkte detentie, het elektronisch toezicht en de vrijstelling op proef heeft de vernietiging tot ge-volg van de beslissingen waartegen geen cassatieberoep openstaat, gelet op het nauwe verband tussen die beslissingen. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernie-tigde vonnis. Houdt de beslissing over de kosten aan en laat die over aan de rechter op verwij-zing. Verwijst de zaak naar de strafuitvoeringsrechtbank Brussel, kamer voor de be-scherming van de maatschappij, anders samengesteld. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, vakantiekamer, samengesteld uit eerste voorzitter Beatrijs Deconinck, als voorzitter, de raadsheren Erwin Francis, Sabine Geubel, Eric de Formanoir en Frédéric Lugentz, en op de openbare rechtszitting van 17 juli 2019 uitgesproken door eerste voorzitter Beatrijs Deconinck, in aanwezigheid van advocaat-generaal Michel Nolet de Brauwere, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190717.2 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2019:CONC.20190717.2 geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2022:CONC.20220511.2F.6 precedenten: ECLI:BE:CASS:2017:ARR.20170125.11 ECLI:BE:CASS:2017:ARR.20170221.4 ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20180307.3 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240227.2N.7 ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250715.VAC.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.