id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 17 oktober 2019 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20191017.20 Rolnummer: C.18.0592.N Zaak: V. contra E. Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht - Overige Invoerdatum: 2019-11-20 Raadplegingen: 438 - laatst gezien 2026-06-28 06:38 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 Uit de bepalingen van de Wet van 2 februari 1983 tot invoering van een testament in de internationale vorm en tot wijziging van een aantal bepalingen betreffende het testament volgt dat het internationaal testament bestaat uit, enerzijds, een onderhands geschrift opgesteld door de erflater of door een derde en dat open wordt overhandigd aan de notaris in aanwezigheid van twee getuigen voor wie de erflater moet verklaren dat het geschrift zijn testament is en dat hij de inhoud ervan kent, waarna het door hemzelf, de notaris en de getuigen wordt ondertekend en door de notaris wordt gedagtekend, en, anderzijds, in België, uit een door de notaris opgestelde en door hem ondertekende authentieke akte waarin de notaris bevestigt dat aan alle vereisten van de wet werd voldaan en die aan het testament wordt gehecht. Thesaurus CAS: SCHENKINGEN EN TESTAMENTEN Vrije woorden: Internationaal testament - Begrip - Omvang Wettelijke bepalingen: Wet 2 februari 1983 tot invoering van een testament in de internationale vorm en tot wijziging van een aantal bepalingen betreffende het testament - 02-02-1983 - Artt. 3, 4, eerste lid, 5, eerste lid, 7, 8, 9, en 10 - 34 Link Justel databank 19830202-34 Fiche 2 Anders dan de door de notaris op te stellen verklaring, is het onderhands geschrift, dat de wilsbeschikkingen van de erflater bevat, geen authentieke akte. Thesaurus CAS: NOTARIS Vrije woorden: Internationaal testament - Onderhands geschrift dat de wilsbeschikkingen van de erflater bevat - Door de notaris op te stellen verklaring - Aard van de akte - Draagwijdte Wettelijke bepalingen: Wet 2 februari 1983 tot invoering van een testament in de internationale vorm en tot wijziging van een aantal bepalingen betreffende het testament - 02-02-1983 - Artt. 3, 4, eerste lid, 5, eerste lid, 7, 8, 9, en 10 - 34 Link Justel databank 19830202-34 Fiche 3 Noch het optreden van de notaris bij de aanbieding van het onderhands geschrift dat hij mede ondertekent en dagtekent, noch de omstandigheid dat de notaris nadien een verklaring in authentieke vorm opmaakt waarin hij bevestigt dat aan de vereisten van de wet werd voldaan, maakt bijgevolg van het onderhands geschrift een authentieke akte
(1).
(1)Ph. DE PAGE, Le testament international et sa mystique, Rev. not. B. 1983, 14; M. PUELINCKX-COENE, Het verdrag van Washington van 26 oktober 1973 en het internationaal testament, RW 1983-84, 1051-1053; zie ook Cass. 23 januari 1873, Pas. 1873, 68, in verband met het mystiek testament. Thesaurus CAS: NOTARIS Vrije woorden: Internationaal testament - Onderhands geschrift - Optreden van de notaris - Verklaring notaris - Aard van de akte - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wet 2 februari 1983 tot invoering van een testament in de internationale vorm en tot wijziging van een aantal bepalingen betreffende het testament - 02-02-1983 - Artt. 3, 4, eerste lid, 5, eerste lid, 7, 8, 9, en 10 - 34 Link Justel databank 19830202-34 Fiche 4 Het in artikel 8 Wet Notarisambt neergelegde verbod is niet van toepassing wanneer het onderhands geschrift beschikkingen in het voordeel van de notaris bevat
(1).
(1)A. VAN DEN BOSSCHE, Hoe streng is artikel 8 van de Notariswet?, noot onder Gent 22 maart 2018, T. Not. 2018, 1025-
- Thesaurus CAS: NOTARIS Vrije woorden: Verbod om authentieke akten te verlijden waarin enige bepaling in zijn voordeel voorkomt - Onderhands geschrift - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wet 25 ventôse jaar XI op het notarisambt - 16-03-1803 - Art. 8 - 30 ELI link Pub nr 1803031601 Annotaties Publicaties: Revue du notariat belge [Rev.not.b.] - 2021, n° 10, p. 932-
- - STERCKX, Daniel; Note'Le sort d'un testament international contenant un legs en faveur du notaire' Tekst van de beslissing Nr. C.18.0592.N L.V., eiser, vertegenwoordigd door mr. Caroline De Baets, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen A.E., verweerster, mede inzake MULTIPLE SCLEROSE LIGA VLAANDEREN vzw, met zetel te 3900 Overpelt, Boemerangstraat 4, partij opgeroepen in gemeen- en bindendverklaring van het arrest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 22 maart
- Raadsheer Bart Wylleman heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal André Van Ingelgem heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
- Krachtens artikel 8 Wet Notarisambt, zoals hier van toepassing, mogen de notarissen geen akten verlijden waarin enige bepaling te hunnen voordele voorkomt. Deze bepaling is enkel van toepassing op authentieke akten die de notaris als openbaar ambtenaar verlijdt.
- Krachtens artikel 3 van de Wet van 2 februari 1983 tot invoering van een testament in de internationale vorm en tot wijziging van een aantal bepalingen betreffende het testament, moet het internationaal testament schriftelijk worden opgemaakt, moet het niet noodzakelijk door de erflater zelf zijn geschreven en mag het in om het even welke taal zijn geschreven, met de hand of door enig ander middel. Krachtens artikel 4, eerste lid, van deze wet verklaart de erflater in tegenwoordigheid van twee getuigen en van een persoon die bevoegd is om in dezen op te treden, dit is voor België de notaris, dat het stuk zijn testament is en dat hij de inhoud ervan kent. De erflater is niet verplicht aan de getuigen of aan de notaris kennis te geven van de inhoud van het testament. Krachtens artikel 5, eerste lid, tekent de erflater het testament in tegenwoordigheid van de getuigen en van de notaris, of indien hij het reeds vroeger heeft getekend, erkent en bevestigt hij zijn handtekening. Krachtens het derde lid van dit artikel, brengen de getuigen en de bevoegde persoon de notaris dadelijk hun handtekening op het testament aan, in tegenwoordigheid van de erflater. Krachtens de artikelen 7 en 8 is de datum van het testament die van de ondertekening door de notaris en moet deze datum door de bevoegde persoon de notaris aan het einde van het testament worden aangebracht. Krachtens artikel 9 van de voormelde wet hecht de notaris aan het testament een verklaring die in overeenstemming is met de bepalingen van artikel 10, waaruit blijkt dat aan de vereisten van de wet is voldaan. Uit deze bepalingen volgt dat het internationaal testament bestaat uit, enerzijds, een onderhands geschrift opgesteld door de erflater of door een derde en dat open wordt overhandigd aan de notaris in aanwezigheid van twee getuigen voor wie de erflater moet verklaren dat het geschrift zijn testament is en dat hij de inhoud ervan kent, waarna het door hemzelf, de notaris en de getuigen wordt ondertekend en door de notaris wordt gedagtekend, en, anderzijds, in België, uit een door de notaris opgestelde en door hem ondertekende authentieke akte waarin de notaris bevestigt dat aan alle vereisten van de wet werd voldaan en die aan het testament wordt gehecht. Anders dan de door de notaris op te stellen verklaring, is het onderhands geschrift, dat de wilsbeschikkingen van de erflater bevat, geen authentieke akte. Het optreden van de notaris strekt er immers niet toe de wilsbeschikkingen, die niet noodzakelijk aan de notaris kenbaar moeten worden gemaakt, op authentieke wijze vast te stellen. Noch het optreden van de notaris bij de aanbieding van het onderhands geschrift dat hij mede ondertekent en dagtekent, noch de omstandigheid dat de notaris nadien een verklaring in authentieke vorm opmaakt waarin hij bevestigt dat aan de vereisten van de wet werd voldaan, maakt bijgevolg van het onderhands geschrift een authentieke akte.
- Uit het voorgaande volgt dat het in artikel 8 Wet Notarisambt neergelegde verbod niet van toepassing is wanneer het onderhands geschrift beschikkingen in het voordeel van de notaris bevat.
- Uit de vaststellingen van het arrest blijkt dat: - wijlen J.C. bij internationaal testament van 20 augustus 2007 een bijzonder legaat vermaakte aan de in gemeenverklaring opgeroepen partij en een algemeen restlegaat aan de eiser, die tevens als testamentuitvoerder werd aangewezen; - het testament bestaat uit een getypt onderhands document gedateerd op 10 augustus 2007 dat op 20 augustus 2007 ten kantore van de eiser werd aangeboden, waarna de eiser de bijhorende verklaring heeft verleden.
- De appelrechters oordelen dat: - artikel 8 Wet Notarisambt geldt daar waar de notaris fungeert als openbaar ambtenaar, inzonderheid daar waar hij authentieke akten verlijdt; - de rechtzoekende in zoverre immers van de diensten van de notaris afhankelijk is en het dan ook van cruciaal belang is dat de notaris daarbij onpartijdig en onafhankelijk ageert en zodoende alle vertrouwen uitstraalt, wat de overduidelijke ratio legis is van de absolute verbodsbepaling van artikel 8, eerste lid, Wet Notarisambt; - daar waar de notaris optreedt als openbaar ambtenaar bij de totstandkoming van een internationaal testament, artikel 8, eerste lid, moet worden gelezen in het licht van de bijzondere kenmerken van dit testament; - het zeer kunstmatig is om het onderhands gedeelte van het testament te onderscheiden van de authentieke elementen en van de authentieke verklaring, aangezien een en ander een geheel uitmaakt, ook al komen de beschikkingen, legaten en bevoordelingen voor in het onderhands gedeelte; - het even kunstmatig is om te stellen dat de notaris die in voorkomend geval zelf het onderhands gedeelte van het testament opstelt handelt als privé-en vertrouwenspersoon, terwijl diezelfde notaris zonder meer als openbaar ambtenaar kan fungeren bij de verdere totstandkoming van het testament; - de omstandigheid dat de beschikking in het voordeel van de instrumenterende notaris voorkomt in het onderhands gedeelte van het testament, dat als zodanig authentieke waarde ontbeert, gelet op de bijzondere kenmerken van het internationaal testament, geen afbreuk doet aan de toepasselijkheid van artikel 8, eerste lid, Wet Notarisambt; - het onderhands gedeelte open wordt aangeboden en de notaris in de regel kennis neemt van de inhoud ervan, zoals ook hier het geval was; - de notaris die kennis heeft van de inhoud van het onderhands gedeelte van het testament dat een bepaling in zijn voordeel bevat bezwaarlijk kan finaliseren aan de hand van authentieke elementen en even bezwaarlijk de authentieke verklaring kan verlijden; - het onderhands gedeelte van het testament pas rechtsgeldig wordt na deze finalisering.
- Door aldus te oordelen dat de eiser artikel 8, eerste lid, Wet Notarisambt heeft miskend en op die grond het in het internationaal testament aan de eiser vermaakte legaat nietig te verklaren, verantwoorden de appelrechters hun beslissing niet naar recht. Het middel is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest. Verklaart het arrest bindend voor de tot bindendverklaring opgeroepen partij. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over. Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Antwerpen. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, sectievoorzitter Alain Smetryns, en de raadsheren Geert Jocqué, Bart Wylleman en Koenraad Moens, en in openbare rechtszitting van 17 oktober 2019 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal André Van Ingelgem, met bijstand van griffier Mike Van Beneden. PDF document ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20191017.20 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div