← België

ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20191105.6

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 05 november 2019 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20191105.6 Rolnummer: P.19.0901.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Overige - Strafrecht Invoerdatum: 2019-11-07 Raadplegingen: 507 - laatst gezien 2026-06-29 06:37 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Het cassatieberoep ingesteld door de geïnterneerde zelf in de gevangenis tegen het arrest van de kamer van inbeschuldigingstelling dat zijn internering beveelt is niet ontvankelijk aangezien het krachtens artikel 425, § 1, Wetboek van Strafvordering, dient te worden ingesteld door een advocaat houder van het getuigschrift van een opleiding in cassatieprocedures als bedoeld in boek II, titel III van dit wetboek bij de griffie van het gerecht dat de bestreden beslissing heeft gewezen

(1).
(1)Cass. 24 juni 2015, AR P.15.0555.F ECLI:BE:CASS:2015:ARR.20150624.5, AC 2015, nr.
  1. Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - STRAFZAKEN - Vormen - Vorm van het cassatieberoep en vermeldingen Vrije woorden: Bescherming van de maatschappij - Beslissing tot internering - Cassatieberoep van de geïnterneerde - Ontvankelijkheid - Voorwaarde Thesaurus CAS: BESCHERMING VAN DE MAATSCHAPPIJ - INTERNERING Vrije woorden: Cassatieberoep van de geïnterneerde persoon - Vormen - Ontvankelijkheid - Voorwaarden Tekst van de beslissing Hof van Cassatie van België Arrest Nr. P.19.0901.N N K M V, inverdenkinggestelde, aangehouden, eiser. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwer-pen, kamer van inbeschuldigingstelling, van 25 juli
  2. De eiser voert geen middel aan. Raadsheer Antoine Lievens heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Alain Winants heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep Krachtens artikel 425, § 1, Wetboek van Strafvordering kan het cassatieberoep behoudens in hier niet toepasselijke gevallen enkel worden ingesteld door een advocaat die houder is van het getuigschrift van een opleiding in cassatieproce-dures als bedoeld in boek II, titel III van dit wetboek. Het cassatieberoep ingesteld door de inverdenkinggestelde zelf en gericht tegen het arrest van de kamer van inbeschuldigingstelling dat zijn internering beveelt, is niet ontvankelijk. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 80,91 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, sa-mengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Antoine Lievens, Erwin Francis en Sidney Berneman, en op de openbare rechtszitting van 5 november 2019 uitgesproken door waarne-mend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Alain Winants, met bijstand van griffier Vanity Vanden Hende. PDF document ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20191105.6 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2015:ARR.20150624.5 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250826.VAC.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.