id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 25 november 2019 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20191125.3N.3 Rolnummer: C.19.0051.N Zaak: V. contra BELFIUS INSURANCE NV Kamer: 3N - derde kamer Rechtsgebied: Handelsrecht Invoerdatum: 2019-12-23 Raadplegingen: 667 - laatst gezien 2026-06-29 00:02 Versie(s): Vertaling FR Fiche Uit artikel 62, tweede lid Wet Verzekeringen volgt dat enkel de persoonlijke grove fout van de verzekerde uit de dekking gesloten kan worden en de verzekerde die zelf geen grove fout heeft begaan, gedekt blijft, ook al heeft een andere verzekerde met betrekking tot hetzelfde schadegeval een grove fout begaan. Thesaurus CAS: VERZEKERING - LANDVERZEKERING Vrije woorden: Verzekeringsovereenkomst - Verzekerde - Grove schuld - Verzekeraar - Ontheffing - Voorwaarde - Gevolg Tekst van de beslissing Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.19.0051.N D.V., eiser, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiser woonplaats kiest, tegen BELFIUS INSURANCE nv, met zetel te 1210 Sint-Joost-ten-Node, Karel Ro-gierplein 11, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0405.764.064, verweerster, vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Joseph Stevensstraat 7, waar de verweerster woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de neder-landstalige rechtbank van eerste aanleg Brussel van 26 maart
- De zaak is bij beschikking van de eerste voorzitter van 4 juni 2019 verwezen naar de derde kamer. Raadsheer Geert Jocqué heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Henri Vanderlinden heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
- Krachtens artikel 62, tweede lid, Wet Verzekeringen dekt de verzekeraar de schade veroorzaakt door de schuld, zelfs de grove schuld, van de verzekerde maar kan de verzekeraar zich van zijn verplichtingen bevrijden voor de gevallen van grove schuld die op uitdrukkelijke en beperkende wijze in de overeenkomst zijn bepaald. Hieruit volgt dat enkel de persoonlijke grove fout van de verzekerde uit de dek-king gesloten kan worden en de verzekerde die zelf geen grove fout heeft begaan, gedekt blijft, ook al heeft een andere verzekerde met betrekking tot hetzelfde schadegeval een grove fout begaan.
- De appelrechters stellen vast en oordelen dat: - de verweerster de verzekeraar "eigen schade" is van het voertuig eigendom van de eiser; - de zoon van de eiser op 11 mei 2014 als bestuurder van het voertuig in een verkeersongeval betrokken was; - de bestuurder bij vonnis van 3 maart 2015 van de politierechtbank te Vilvoor-de werd veroordeeld wegens het sturen van een voertuig in staat van alcohol-intoxicatie en inbreuk op artikel 8.3, tweede lid, Wegverkeersreglement; - de verweerster aan de eiser dekking weigerde omwille van de alcoholintoxica-tie in hoofde van de bestuurder; - artikel 57 van de algemene polisvoorwaarden voorziet in een uitsluiting van "het schadegeval in staat van dronkenschap, alcoholintoxicatie of in een soort gelijke toestand die het gevolg is van het gebruik van producten andere dan alcoholische dranken werd veroorzaakt, tenzij de verzekerde bewijst dat er geen causaliteitsverband bestaat tussen de omschreven omstandigheden en het schadegeval"; - het voormeld beding tot gevolg heeft dat "de dekkingsplicht van de verzeke-raar vervalt wanneer de verzekerde een contractuele wanprestatie begaat, met name het rijden onder invloed van alcohol", dit beding dus een vervalbe-ding uitmaakt en de verweerster bijgevolg moet bewijzen dat er een oorzake-lijk verband bestaat met de alcoholintoxicatie; - "er voldoende met elkaar overeenstemmende vermoedens zijn om te besluiten dat er effectief een zeker oorzakelijk verband is tussen het verkeersongeval en de hieruit voorvloeiende schade enerzijds en de alcoholintoxicatie in hoofde van de bestuurder anderzijds".
- De appelrechters die op deze gronden oordelen dat de verweerster een be-roep kan doen op artikel 57 van de algemene polisvoorwaarden om dekking te weigeren, zonder vast te stellen dat de eiser zelf een grove fout heeft begaan zo-als bedoeld in deze bepaling, verantwoorden hun beslissing niet naar recht. Het middel is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernie-tigde vonnis. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over. Verwijst de zaak naar de rechtbank van eerste aanleg te Leuven, rechtszitting houdend in hoger beroep. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, derde kamer, samen-gesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, sectievoorzitter Koen Mestdagh, en de raadsheren Geert Jocqué, Antoine Lievens en Ilse Couwenberg, en in openbare rechtszitting van 25 november 2019 uitgesproken door sectie-voorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Henri Vanderlin-den, met bijstand van griffier Mike Van Beneden. PDF document ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20191125.3N.3 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2025:CONC.20250512.3F.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div