← België

S. contra SA AXA BELGIUM

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 14 januari 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:20

Art. 162bis

- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: RECHTSPLEGINGSVERGOEDING Vrije woorden: Burgerlijke rechtsvordering - Ambtshalve veroordeling - Gevolg Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 09-10-1967 - Artt. 1138, 2°, en 1021 - 01 Link Justel databank 19671009-01 Wetboek

Art. 162bis

- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: GERECHTSKOSTEN - STRAFZAKEN - Procedure voor de feitenrechter Vrije woorden: Burgerlijke rechtsvordering - Ambtshalve veroordeling - Gevolg Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 09-10-1967 - Artt. 1138, 2°, en 1021 - 01 Link Justel databank 19671009-01 Wetboek

Art. 162bis

- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Hof van Cassatie van België Arrest P.19.0682.N I S. R. J. S., beklaagde, eiseres, met als raadsman mr. Luc Delbrouck, advocaat bij de balie Limburg, tegen

  1. AXA BELGIUM nv, met zetel te 1170 Brussel, Vorstlaan 25, burgerlijke partij,
  2. KBC Verzekeringen nv, met zetel te 3000 Leuven, Prof. Roger Van Over-straeteplein 2, burgerlijke partij, verweersters. II
  3. R. G. C., beklaagde,
  4. G. I., beklaagde, eisers, met als raadsman mr. Bert Partoens, advocaat bij de balie Limburg, tegen KBC Verzekeringen nv, reeds vermeld, burgerlijke partij, verweerster. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF De cassatieberoepen zijn gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Ant-werpen, correctionele kamer, van 4 juni
  5. De eiseres I voert geen middel aan. De eisers II voeren in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Raadsheer Ilse Couwenberg heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht Bart De Smet heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep I
  6. Uit de stukken waarop het Hof vermag te slaan, blijkt niet dat het cassatie-beroep aan de verweerster I.2 is betekend, zoals nochtans vereist door artikel 427 Wetboek van Strafvordering. In zoverre ook gericht tegen de beslissing op de door de verweerster I.2 ingestel-de burgerlijke rechtsvordering, is het cassatieberoep niet ontvankelijk. Ontvankelijkheid van het cassatieberoep II
  7. Het arrest spreekt de eisers II vrij voor de telastlegging A.
  8. In zoverre ook gericht tegen die beslissing, is het cassatieberoep bij gebrek aan belang niet ontvankelijk. Middel van de eisers II Eerste middel
  9. Het middel voert schending aan van artikel 149 Grondwet: het arrest is te-genstrijdig gemotiveerd; de appelrechters oordelen enerzijds dat de eisers II hun verzekeraar op basis van het opgestelde aanrijdingsformulier om een vergoeding voor de opgelopen schade verzochten; zij oordelen anderzijds dat het opgestelde aanvankelijk proces-verbaal werd aangewend om de verzekeraar tot betaling te bewegen.
  10. Een motivering is tegenstrijdig wanneer zij bestaat tussen redenen die el-kaar teniet doen en bijgevolg opheffen. Dat is niet het geval met de door het middel bekritiseerde redenen. Het middel mist feitelijke grondslag. Tweede middel
  11. Het middel voert schending aan van artikel 1138, 2°, Gerechtelijk Wet-boek: in haar appelconclusie verzocht de verweerster II "alle beklaagden die in graad van beroep dienen te verschijnen solidair te veroordelen tot de kosten van het geding in hoofde van [de verweerster]" en bepaalde zij deze kosten op één rechtsplegingsvergoeding van 1.320 euro voor de procedure in eerste aanleg en één rechtsplegingsvergoeding van 1.320 euro voor de procedure in hoger beroep; door de eisers II elk tot deze bedragen te veroordelen, kennen de appelrechters meer toe dan gevorderd en miskennen zij het beschikkingsbeginsel.
  12. Krachtens artikel 162bis, eerste lid, Wetboek van Strafvordering veroor-deelt ieder veroordelend vonnis uitgesproken tegen de beklaagde en tegen de personen die voor het misdrijf burgerrechtelijk aansprakelijk zijn, hen tot het be-talen van de rechtsplegingsvergoeding bedoeld in artikel 1022 Gerechtelijk Wet-boek. Artikel 1021 Gerechtelijk Wetboek volgens welk de partijen een omstandige op-gave kunnen indienen van hun onderscheiden kosten, met inbegrip van de rechtsplegingsvergoeding, zoals bepaald in artikel 1022 Gerechtelijk Wetboek, is niet van toepassing in strafzaken.
  13. Uit die bepalingen volgt dat ook wanneer een partij slechts één rechtsple-gingsvergoeding vordert van alle in het ongelijk gestelde partijen, de strafrechter die uitspraak doet over de burgerlijke rechtsvordering, ambtshalve elke in het ongelijk gestelde partij dient te veroordelen tot het betalen van een rechtsple-gingsvergoeding aan de in het gelijkgestelde partij. De omstandigheid dat deze in het gelijk gestelde partij slechts de solidaire veroordeling vordert van alle in het ongelijk gestelde partijen tot het betalen van een rechtsplegingvergoeding, doet daaraan geen afbreuk. Het middel dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt naar recht. Ambtshalve onderzoek
  14. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissingen zijn overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt de cassatieberoepen. Veroordeelt de eisers tot de kosten van hun cassatieberoep. Bepaalt de kosten in het geheel op 172,21 euro waarvan de eiseres I 86,10 euro verschuldigd is en de eisers II 86,11 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, sa-mengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Erwin Francis, Sidney Berneman, Ilse Couwenberg en Eric Van Doo-ren, en op de openbare rechtszitting van 14 januari 2020 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Alain Winants, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200114.2N.5 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20180508.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.