id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 16 januari 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200116.1N.6 Rolnummer: C.19.0294.N Zaak: BNP PARIBAS FORTIS NV contra EXPONANT BVBA Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht - Insolventierecht Invoerdatum: 2020-02-11 Raadplegingen: 583 - laatst gezien 2026-06-28 07:45 Versie(s): Vertaling FR Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2020:CONC.20200116.1N.6 Fiches 1 - 2 Voor de uitwerking en stemming van het reorganisatieplan geldt een schuldvordering die gewaarborgd wordt door een pand op alle bestaande en toekomstige schuldvorderingen van de schuldenaar als buitengewone schuldvordering in de opschorting ten belope van de realisatiewaarde in going concern van deze schuldvorderingen
(1).
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: PAND Vrije woorden: Procedure van gerechtelijke reorganisatie - Uitwerking en stemming van het reorganisatieplan - Schuldeiser - Schuldvordering gewaarborgd door algemeen pand op alle schuldvorderingen van de schuldenaar - Aard Wettelijke bepalingen: Wetboek 28 februari 2013 van economisch recht - 28-02-2013 - Art. I.22, 14° - 19 ELI link Pub nr 2013A11134 Wet 11 juli 2013 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek wat de zakelijke zekerheden op roerende goederen betreft en tot opheffingvan diverse bepalingen ter zake - 11-07-2013 - Artt. 15 en 60 - 19 ELI link Pub nr 2013009377 Thesaurus CAS: CONTINUITEIT VAN DE ONDERNEMING Vrije woorden: Procedure van gerechtelijke reorganisatie - Uitwerking en stemming van het reorganisatieplan - Schuldeiser - Schuldvordering gewaarborgd door algemeen pand op alle schuldvorderingen van de schuldenaar - Aard Wettelijke bepalingen: Wetboek 28 februari 2013 van economisch recht - 28-02-2013 - Art. I.22, 14° - 19 ELI link Pub nr 2013A11134 Wet 11 juli 2013 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek wat de zakelijke zekerheden op roerende goederen betreft en tot opheffingvan diverse bepalingen ter zake - 11-07-2013 - Artt. 15 en 60 - 19 ELI link Pub nr 2013009377 Annotaties Publicaties: Revue de droit commercial belge [RDC] - 2021, n° 6, p. 718-
- - JACMAIN, Sophie; Note'Créancier sursitaire extraordinaire: qualité ou assiette?' Tekst van de beslissing Nr. C.19.0294.N BNP PARIBAS FORTIS nv, met zetel te 1000 Brussel, Warandeberg 3, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0403.199.702, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, tegen EXPONANT bvba, met zetel te 2000 Antwerpen, Kipdorpvest 14, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0431.797.280, verweerster. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 23 mei
- Eerste advocaat-generaal Ria Mortier heeft op 12 december 2019 een schriftelijke conclusie neergelegd. Sectievoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Henri Vanderlinden heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
- Krachtens artikel I.22, 14°, Wetboek Economisch Recht gelden als buitengewone schuldvorderingen in de opschorting onder meer de schuldvorderingen in de opschorting die gewaarborgd zijn op het ogenblik van de opening van de procedure van gerechtelijke reorganisatie, door een zakelijke zekerheid. Met het oog op de uitwerking en stemming van het reorganisatieplan is deze schuldvordering slechts buitengewoon ten belope van het bedrag waarvoor, op de dag van de opening van een procedure van gerechtelijke reorganisatie, een inschrijving of registratie is genomen, of wanneer geen inschrijving of registratie is genomen, ten belope van de realisatiewaarde in going concern van het goed of indien het onderpand betrekking heeft op specifieke verpande schuldvorderingen, de boekhoudkundige waarde.
- Krachtens de artikelen 15 en 60 Pandwet is een registratie in het pandregister uitgesloten voor een verpanding van schuldvorderingen en is het pandrecht op een schuldvordering tegenwerpelijk aan derden door middel van het bezit van de schuldvordering dat verkregen wordt door het sluiten van de pandovereenkomst.
- Uit deze bepalingen volgt dat voor de uitwerking en stemming van het reorganisatieplan, een schuldvordering die gewaarborgd is door een pandrecht op schuldvorderingen dient beschouwd te worden als een buitengewone schuldvordering in de opschorting ten belope van de realisatiewaarde in going concern van de verpande schuldvorderingen of indien het onderpand betrekking heeft op een specifieke verpande schuldvordering, ten belope van de boekhoudkundige waarde ervan. Indien aldus de schuldvordering gewaarborgd wordt door een pand op alle bestaande en toekomstige schuldvorderingen van de schuldenaar, dan geldt deze schuldvordering als een buitengewone schuldvordering in de opschorting ten belope van de realisatiewaarde in going concern van deze schuldvorderingen.
- De appelrechters die vaststellen dat de eiseres beschikt over een pand “op alle bestaande en toekomstige schuldvorderingen” van de verweerster en die oordelen dat aangezien dit pand niet is ingeschreven of geregistreerd, de eiseres slechts aanspraak kan maken op het statuut van buitengewoon schuldeiser in de mate zij beschikt over een pand op een specifieke schuldvordering en zij dientengevolge “slechts te beschouwen is als gewone schuldeiser in de opschorting”, verantwoorden hun beslissing niet naar recht. Het middel is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest. Houdt de kosten aan en laat de betwisting daaromtrent over aan de feitenrechter. Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Gent. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, de sectievoorzitters Alain Smetryns en Koen Mestdagh, en de raadsheren Bart Wylleman en Koenraad Moens, en in openbare rechtszitting van 16 januari 2020 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van eerste advocaat-generaal Ria Mortier, met bijstand van griffier Vanity Vanden Hende. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200116.1N.6 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2020:CONC.20200116.1N.6 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div