← België

G.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 21 januari 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200121.2N.4 Rolnummer: P.19.0981.N Zaak: G. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2020-01-28 Raadplegingen: 489 - laatst gezien 2026-06-28 07:46 Versie(s): Vertaling FR Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2020:CONC.20200121.2N.4 Fiches 1 - 2 Alhoewel de bepaling van artikel 47, eerste lid, Wegverkeerswet, wat haar toepassingsgebied betreft in algemene bewoordingen is uitgedrukt, volgt uit de doelstelling van de proeven, namelijk de samenleving te beveiligen, alsook het verband tussen die proeven en de regeling van de voorwaarden voor het verkrijgen van een rijbewijs, dat het in de artikelen 47 en 48, eerste lid, 2°, Wegverkeerswet vervatte strafrechtelijk gesanctioneerde verbod om na het verstrijken van een tijdelijke vervallenverklaring een motorvoertuig te besturen zonder eerst met goed gevolg de opgelegde proeven te hebben ondergaan, niet van toepassing is op die motovoertuigen waarvoor de bestuurder ontslagen is van de verplichting houder te zijn van een rijbewijs

(1).
(1)Zie andersluidende concl. OM. Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 47 Vrije woorden: Artikel 47, eerste lid - Verval van het recht tot sturen - Afleggen van de opgelegde proeven - Motorvoertuigen waarvoor geen rijbewijs nodig is - Draagwijdte - Gevolg Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 48 Vrije woorden: Artikel 48, 2° - Verval van het recht tot sturen - Afleggen van de opgelegde proeven - Motorvoertuigen waarvoor geen rijbewijs nodig is - Draagwijdte - Gevolg Tekst van de beslissing Hof van Cassatie van België Arrest Nr. P.19.0981.N K. G., beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Nicolas De Mot, advocaat bij de balie Gent. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank West-Vlaanderen, afdeling Brugge, van 6 september
  1. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Op 14 januari 2020 heeft advocaat-generaal Alain Winants zijn schriftelijke conclusie neergelegd ter griffie van het Hof. Op de rechtszitting van 21 januari 2020 heeft raadsheer Filip Van Volsem verslag uitgebracht en heeft de voormelde advocaat-generaal geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
  2. Het middel voert schending aan van artikel 47 Wegverkeerswet en artikel 4, 11°, van het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs (hierna KB Rijbewijs): het bestreden vonnis verklaart de eiser ten onrechte schuldig aan een inbreuk op artikel 48 Wegverkeerswet door een bromfiets van de klasse A te hebben bestuurd zonder met goed gevolg de proeven te hebben afgelegd hem opgelegd bij twee vonnissen die telkens het herstel van het verval van het recht tot sturen hebben afhankelijk gemaakt van het met goed gevolg afleggen van proeven; dergelijke vervallenverklaringen beletten niet het besturen van een motorvoertuig waarvoor de bestuurder krachtens artikel 4, 11°, KB Rijbewijs is ontslagen van de verplichting houder te zijn van een rijbewijs, zoals bij een bromfiets van de klasse A.
  3. Artikel 48, eerste lid, 2°, Wegverkeerswet bestraft hij die een motorvoertuig bestuurt van de categorie bedoeld in de beslissing van vervallenverklaring zonder het voorgeschreven onderzoek met goed gevolg te hebben ondergaan.
  4. Artikel 47, eerste lid, Wegverkeerswet bepaalt dat hij, - die een verval van het recht tot sturen heeft opgelopen na 25 mei 1965; - waarvan het herstel afhankelijk is gemaakt van een theoretisch, praktisch, geneeskundig of psychologisch onderzoek, - en waarvan het verval is geëindigd, - een voertuig van een van de categorieën waarop de beslissing van vervallenverklaring slaat, - slechts mag besturen mits hij met goed gevolg het opgelegde onderzoek heeft ondergaan.
  5. Deze bepaling is wat haar toepassingsgebied betreft weliswaar in algemene bewoordingen uitgedrukt, maar uit de doelstelling van de proeven, namelijk de samenleving te beveiligen, alsook het verband tussen die proeven en de regeling van de voorwaarden voor het verkrijgen van een rijbewijs, volgt dat het in de artikelen 47 en 48, eerste lid, 2°, Wegverkeerswet vervatte strafrechtelijk gesanctioneerde verbod om na het verstrijken van een tijdelijke vervallenverklaring een motorvoertuig te besturen zonder eerst met goed gevolg de opgelegde proeven te hebben ondergaan, niet van toepassing is op die motovoertuigen waarvoor de bestuurder ontslagen is van de verplichting houder te zijn van een rijbewijs.
  6. Het bestreden vonnis stelt vast dat aan de eiser met een vonnis van de politierechtbank Brugge van 23 mei 2012 en met een vonnis van de politierechtbank West-Vlaanderen, afdeling Brugge, van 6 april 2016 telkens een tijdelijk verval werd opgelegd voor het besturen van alle motorvoertuigen waarbij het herstel van dat verval telkens werd afhankelijk gemaakt van het met goed gevolg ondergaan van meerdere proeven, de eiser op de datum van het hem ten laste gelegde feit omschreven onder de telastlegging B een bromfiets heeft bestuurd van de klasse A en de eiser niet betwist dat hij op dat ogenblik niet was geslaagd in de hem opgelegde proeven. Aangezien de eiser krachtens artikel 4, 11°, KB Rijbewijs ontslagen is van de verplichting houder te zijn van een rijbewijs voor een dergelijke bromfiets, kunnen de appelrechters de eiser niet schuldig verklaren aan een inbreuk op artikel 48, eerste lid, 2°, Wegverkeerswet. Het middel is gegrond. Omvang van de cassatie
  7. De vernietiging van de beslissing over eisers schuld aan het feit omschreven onder de telastlegging B leidt tot de vernietiging van de overige beslissingen van het bestreden vonnis, die er een gevolg van zijn. Aangezien er na die vernietiging niets meer te beslissen valt, is er geen grond tot verwijzing. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde vonnis. Laat de kosten ten laste van de Staat. Zegt dat er geen grond is tot verwijzing. Bepaalt de kosten op 68,20 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Sidney Berneman, Ilse Couwenberg en Eric Van Dooren, en op de openbare rechtszitting van 21 januari 2020 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Alain Winants, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200121.2N.4 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2020:CONC.20200121.2N.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.