id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 23 januari 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200123.1N.8 Rolnummer: F.18.0134.N Zaak: V. contra B.S. Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Belastingrecht Invoerdatum: 2020-03-04 Raadplegingen: 433 - laatst gezien 2026-06-28 07:47 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Het faillissement van een rechtspersoon heeft niet van rechtswege de beëindiging tot gevolg van het mandaat van de bestuurders; de bestuurders die na het faillissement in functie blijven totdat in hun vervanging wordt voorzien, zijn te beschouwen zijn als bestuurders in de zin van de artikel 32 WIB92 en het faillissement verhindert het bestaan van voordelen van alle aard in hun hoofde niet. Thesaurus CAS: INKOMSTENBELASTINGEN - PERSONENBELASTING - Beroepsinkomsten - Bezoldigingen Vrije woorden: Bedrijfsleiders - Voordelen van alle aard bekomen uit een failliete vennootschap - Belastbaarheid Wettelijke bepalingen: Wetboek van Inkomstenbelastingen - 12-06-1992 - Art. 32 - 30 ELI link Pub nr 1992003455 Vrije woorden: Bedrijfsleiders - Bestuurders die na faillissement in functie blijven - Hoedanigheid Wettelijke bepalingen: Wetboek van Inkomstenbelastingen - 12-06-1992 - Art. 32 - 30 ELI link Pub nr 1992003455 Tekst van de beslissing Nr. F.18.0134.N
- W. V.,
- N. V. L., eisers, vertegenwoordigd door mr. Paul Wouters, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 3000 Leuven, Koning Leopold I-straat 3, tegen BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, met kabinet te 1000 Brussel, Wetstraat 12, voor wie optreedt de directeur van de Stafdienst Logistiek, met kantoor te 1030 Schaarbeek, North Galaxy, Toren B, 2de verdieping, Koning Albert II-laan 33, bus 971, verweerder, vertegenwoordigd door mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 9051 Gent, Drie Koningenstraat
- I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 6 februari
- Advocaat-generaal Johan Van der Fraenen heeft op 17 december 2019 een schriftelijke conclusie neergelegd. Sectievoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Johan Van der Fraenen heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eisers voeren in hun verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel Eerste onderdeel
- Artikel 32 WIB92 bepaalt dat de bezoldigingen van bedrijfsleiders alle beloningen zijn verleend of toegekend aan een natuurlijk persoon die: een opdracht als bestuurder, zaakvoerder, vereffenaar of gelijksoortige functies uitoefent (1°) en in de vennootschap een leidende functie of een leidende werkzaamheid van dagelijks bestuur, van commerciële, financiële of technische aard, uitoefent buiten een arbeidsovereenkomst (2°). Daartoe behoren inzonderheid voordelen, vergoedingen en bezoldigingen die in wezen gelijkaardig zijn aan die vermeld in artikel 31, tweede lid, 2° tot 5°. Krachtens artikel 31, tweede lid, 2°, WIB92 behoren inzonderheid tot de bezoldigingen van werknemers de voordelen van alle aard verkregen uit hoofde of naar aanleiding van het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid.
- Volgens artikel 16 Faillissementswet, zoals van toepassing, verliest de gefailleerde te rekenen van de dag van het vonnis van faillietverklaring van rechtswege het beheer over al zijn goederen, zelfs over de goederen die hij mocht verkrijgen terwijl hij zich in staat van faillissement bevindt. Het faillissement van een rechtspersoon heeft niet van rechtswege de beëindiging tot gevolg van het mandaat van de bestuurders. Zij behouden hun functie en de daaraan verbonden rechten en verplichtingen, met dien verstande dat de door hen genomen beslissingen de faillissementsboedel niet kunnen verbinden.
- De appelrechters die oordelen dat de bestuurders die na het faillissement in functie blijven totdat in hun vervanging wordt voorzien, te beschouwen zijn als bestuurders in de zin van de artikel 32 WIB92 en het faillissement het bestaan van voordelen van alle aard in hoofde van de eiser niet verhindert, verantwoorden hun beslissing naar recht. Het onderdeel kan niet worden aangenomen. Tweede onderdeel
- Het onderdeel dat opkomt tegen de feitelijke beoordeling dat de in functie blijvende bestuurders voordelen hebben genoten, is niet ontvankelijk. Tweede middel
- De appelrechters die oordelen dat de eiser als bestuurder een voordeel van alle aard heeft genoten door de mogelijkheid van het gratis gebruik van geld van de vennootschap en het afsluiten van de rekening-courant en de invordering door de curator van de debetsaldo hieraan geen afbreuk doen, verantwoorden hun beslissing naar recht. Het middel kan niet worden aangenomen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eisers tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eisers op 486,09 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, sectievoorzitter Alain Smetryns, en de raadsheren Filip Van Volsem, Koenraad Moens en François Stévenart Meeûs, en in openbare rechtszitting van 23 januari 2020 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Johan Van der Fraenen, met bijstand van griffier Vanity Vanden Hende. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200123.1N.8 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.