← België

Z. contra Universiteit Gent

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 18 februari 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2

Art. 211bis- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wet - 29-06-1964 - Art.

8 - 30 ELI link Pub nr 1964062906 Thesaurus CAS: VEROORDELING MET UITSTEL EN OPSCHORTING VAN DE VEROORDELING - GEWOON UITSTEL Vrije woorden: Verzwaring van de straf opgelegd door de eerste rechter - Eenparigheid van stemmen - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wetboek

Art. 211bis- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wet - 29-06-1964 - Art.

8 - 30 ELI link Pub nr 1964062906 Thesaurus CAS: HOGER BEROEP - STRAFZAKEN (DOUANE EN ACCIJNZEN INBEGREPEN) - Rechtspleging in hoger beroep Vrije woorden: Verzwaring van de straf opgelegd door de eerste rechter - Eenparigheid van stemmen - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wetboek

Art. 211bis- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wet - 29-06-1964 - Art.

8 - 30 ELI link Pub nr 1964062906 Tekst van de beslissing Hof van Cassatie van België Arrest Nr. P.19.1095.N M. F. O. Z., beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Louis De Groote, advocaat bij de balie Gent, tegen UNIVERSITEIT GENT, met zetel te 9000 Gent, Sint-Pietersnieuwstraat 25, burgerlijke partij, verweerster. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent, correctionele kamer, van 15 oktober

  1. De eiser voert geen middel aan. Raadsheer Antoine Lievens heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Bart De Smet heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
  2. Het arrest verklaart de telastlegging A.9 niet bewezen en spreekt de eiser ervan vrij. In zoverre ook gericht tegen deze beslissing, is het cassatieberoep bij gebrek aan belang niet ontvankelijk.
  3. Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt niet dat het cassatieberoep is betekend aan de verweerster, zoals nochtans vereist door artikel 427 Wetboek van Strafvordering. In zoverre gericht tegen de beslissing op de burgerlijke rechtsvordering van de verweerster, is het cassatieberoep evenmin ontvankelijk. Ambtshalve middel Geschonden wettelijke bepaling - Artikel 211bis Wetboek van Strafvordering
  4. Het beroepen vonnis veroordeelt de eiser voor de telastleggingen A.1 tot A.9 tot een gevangenisstraf van een maand en een geldboete van 26 euro, verhoogd met 50 decimes en beveelt dat de tenuitvoerlegging van die straffen worden uitgesteld voor een termijn van een jaar.
  5. Het arrest veroordeelt de eiser voor de telastleggingen A.1 tot A.8 tot een gevangenisstraf van een maand en een geldboete van 26 euro, verhoogd met 50 decimes en beveelt uitstel van tenuitvoerlegging van die straffen voor een termijn van drie jaar. Door het optrekken van de duur van de proeftijd van een tot drie jaar, verzwaren de appelrechters de aan de eiser met het beroepen vonnis opgelegde straf.
  6. Uit het arrest blijkt niet dat die verzwaring van de straf met eenparige stemmen is uitgesproken. Bijgevolg schendt het arrest artikel 211bis Wetboek van Strafvordering. Omvang van de cassatie
  7. De onwettigheid van de beslissing over het uitstel van tenuitvoerlegging, tast de wettigheid van de beslissing over de straffen aan en de daaruit voortvloeiende beslissingen over de bijdragen. Ze laat de beslissing over de schuldigverklaring onaangetast. Ambtshalve onderzoek voor het overige
  8. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest in zoverre het de eiser tot straf en de bijdragen veroordeelt. Verwerpt het cassatieberoep voor het overige. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest. Veroordeelt de eiser tot twee derden van de kosten. Houdt de beslissing over de overige kosten aan en laat die over aan de rechter op verwijzing. Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Brussel. Bepaalt de kosten op 191,13 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Antoine Lievens, Sidney Berneman en Ilse Couwenberg, en op de openbare rechtszitting van 18 februari 2020 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200218.2N.7 Gerelateerde publicatie(s) zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240206.2N.11 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.