id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 19 maart 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200319.1N.4 Rolnummer: F.19.0045.N Zaak: VLAAMS GEWEST'c. SOCIALE WERKPLAATS DE SPRINGPLANK Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Belastingrecht Invoerdatum: 2020-04-07 Raadplegingen: 796 - laatst gezien 2026-06-28 07:56 Versie(s): Vertaling FR Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2020:CONC.20200319.1N.4 Fiche Met soortgelijke weldadigheidsinstellingen worden de instellingen bedoeld die op eender welke wijze geestelijke, fysieke dan wel andere zorg verstrekken aan hulpbehoevenden; een sociale werkplaats die tewerkstelling organiseert voor moeilijk bemiddelbare werkzoekenden verstrekt zorg aan hulpbehoevende personen en is bijgevolg te beschouwen als een soortgelijke weldadigheidsinstelling
(1).
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: INKOMSTENBELASTINGEN - VOORHEFFINGEN EN BELASTINGKREDIET - Onroerende voorheffing Vrije woorden: Vrijstelling - Bestemming tot weldadigheidsinstelling - Soortgelijke weldadigheidsinstelling - Begrip - Sociale werkplaats Wettelijke bepalingen: Wetboek Inkomstenbelastingen 1992 - 12-06-1992 - Artt. 12, § 1, en 253, 1° - 30 ELI link Pub nr 1992003455 Annotaties Publicaties: Fiscale actualiteit [Fisc.Act.] - 2020, nr. 21, p. 10-
- - DESTERBECK, Francis; Noot'Hogere rechtspraak nu eensgezind: maatwerkbedrijven vrijgesteld van onroerende voorheffing' Tekst van de beslissing Nr. F.19.0045.N VLAAMS GEWEST, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, in de persoon van de Vlaamse minister van Begroting, Financiën en Energie, met kabinet te 1000 Brussel, Kreupelenstraat 2, eiser, vertegenwoordigd door mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 9051 Gent, Drie Koningenstraat 3, tegen SOCIALE WERKPLAATS DE SPRINGPLANK vzw, met zetel te 3500 Hasselt, Sint-Truidersteenweg 150, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0465.794.592, verweerster, met als raadsman mr. Jan Sandra en mr. Steven Vancolen, advocaten bij de balie West-Vlaanderen, beiden met kantoor te 8500 Kortrijk President Kennedypark
- I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 29 april
- Advocaat-generaal Johan Van der Fraenen heeft op 10 februari 2020 een schriftelijke conclusie neergelegd. Sectievoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Johan Van der Fraenen heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
- Artikel 253, 1°, WIB92 (Vlaams Gewest), zoals hier van toepassing, stelt het kadastraal inkomen van de in artikel 12, § 1, vermelde onroerende goederen of delen van onroerende goederen vrij van onroerende voorheffing. Krachtens artikel 12, § 1, WIB92, zoals hier van toepassing, is onder meer het kadastraal inkomen van de onroerende goederen of delen van onroerende goederen die een belastingplichtige of een bewoner zonder winstoogmerk heeft bestemd voor het vestigen van hospitalen, klinieken, dispensaria, rusthuizen, vakantiehuizen voor kinderen of gepensioneerden, of van andere soortgelijke weldadigheidsinstellingen vrijgesteld. Met soortgelijke weldadigheidsinstellingen worden de instellingen bedoeld die op eender welke wijze geestelijke, fysieke dan wel andere zorg verstrekken aan hulpbehoevenden. Een sociale werkplaats die tewerkstelling organiseert voor moeilijk bemiddelbare werkzoekenden verstrekt zorg aan hulpbehoevende personen en is bijgevolg te beschouwen als een soortgelijke weldadigheidsinstelling.
- De appelrechters stellen vast en oordelen dat: - volgens de statuten het doel van de verweerster bestaat in het organiseren van tewerkstelling voor personen die omwille van hun beperking niet bemiddelbaar zijn naar de open arbeidsmarkt; - de verweerster een erkende sociale werkplaats is in de zin van het decreet van het Vlaams Parlement van 14 juli 1998 inzake sociale werkplaatsen; - de bedoeling van een sociale werkplaats zoals de verweerster niet zonder meer tewerkstelling is, maar wel de tewerkstelling van personen die hulpbehoevend zijn; - de hulp die geboden wordt, erin bestaat aan de onmogelijkheid te verhelpen om op de normale arbeidsmarkt te worden tewerkgesteld; - uit de voorstellingsnota blijkt dat de kringloopwinkels die de verweerster uitbaat ook bezet worden door hulpbehoevende personen; - uit het onderzoek gevoerd door de administratie van het kadaster blijkt dat de in betwisting zijnde onroerende goederen volledig, rechtstreeks of onrechtstreeks, doch uitsluitend aangewend worden als soortgelijke weldadigheidsinstelling.
- Op die gronden vermochten de appelrechters te oordelen dat de bestemming van de litigieuze onroerende goederen voor een sociale werkplaats tot gevolg heeft dat de verweerster kan genieten van de vrijstelling van onroerende voorheffing. Het middel kan niet worden aangenomen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiser op 516,24 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, en de raadsheren Filip Van Volsem, Koenraad Moens, François Stévenart Meeûs en Sven Mosselmans, en in openbare rechtszitting van 19 maart 2020 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Johan Van der Fraenen, met bijstand van griffier Mike Van Beneden. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200319.1N.4 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2020:CONC.20200319.1N.4 geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2026:CONC.20260319.1N.9 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div