id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 07 april 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2020
Art. 6
- 30 Link Justel databank 19501104-30 Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Artt. 127 en 182 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: ONDERZOEK IN STRAFZAKEN - GERECHTELIJK ONDERZOEK - Regeling van de rechtspleging Vrije woorden: Miskenning van het recht van verdediging - Verwijzing naar het vonnisgerecht - Aanhangigmaking van de zaak - Substantieel verzuim - Herstel - Rechten van verdediging in de fase ten gronde - Beoordeling Wettelijke bepalingen: Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend op 4 november 1950,
Art. 6
- 30 Link Justel databank 19501104-30 Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Artt. 127 en 182 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: STRAFVORDERING Vrije woorden: Gerechtelijk onderzoek - Regeling der rechtspleging - Miskenning van het recht van verdediging - Verwijzing naar het vonnisgerecht - Aanhangigmaking van de zaak - Substantieel verzuim - Herstel - Rechten van verdediging in de fase ten gronde - Beoordeling Wettelijke bepalingen: Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend op 4 november 1950,
Art. 6
- 30 Link Justel databank 19501104-30 Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Artt. 127 en 182 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: RECHT VAN VERDEDIGING - STRAFZAKEN Vrije woorden: Regeling van de rechtspleging - Niet regelmatige oproeping inverdenkinggestelde - Verwijzing naar het vonnisgerecht - Aanhangigmaking van de zaak - Substantieel verzuim - Herstel - Rechten van verdediging in de fase ten gronde - Beoordeling Wettelijke bepalingen: Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend op 4 november 1950,
Art. 6
- 30 Link Justel databank 19501104-30 Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Artt. 127 en 182 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Artikel 6 - Artikel 6.1 Vrije woorden: Regeling der rechtspleging - Miskenning van het recht van verdediging - Verwijzing naar het vonnisgerecht - Aanhangigmaking van de zaak - Substantieel verzuim - Herstel - Rechten van verdediging in de fase ten gronde - Beoordeling Wettelijke bepalingen: Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend op 4 november 1950,
Art. 6
- 30 Link Justel databank 19501104-30 Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Artt. 127 en 182 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Nr. P.20.0077.N PROCUREUR GENERAAL BIJ HET HOF VAN BEROEP TE GENT, eiser, tegen
- J. M. M. K., beklaagde, met als raadsman mr. Wahib El Hayouni, advocaat bij de balie Gent,
- TIDINGS nv, vertegenwoordigd door de lasthebber ad hoc Isabelle Vandeschoor, met kantoor te 9000 Gent, Lange Kruisstraat 6F, beklaagde,
- ILANGA.ORG cvba, vertegenwoordigd door de lasthebber ad hoc Tom Messiaen, met kantoor te 9031 Gent (Drongen), Deinsesteenweg 114, beklaagde,
- ILANGA nv, vertegenwoordigd door de lasthebber ad hoc Marten De Jaeger, met kantoor te 9990 Maldegem, Westeindestraat 145, beklaagde, verweerders. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent, correctionele kamer, van 17 december
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Bart De Smet heeft geconcludeerd. De verweerder 1 heeft op 2 april 2020 een door artikel 1107 Gerechtelijk Wetboek bedoelde noot neergelegd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ambtshalve middel Geschonden wettelijke bepaling - artikel 127, § 2, Wetboek van Strafvordering
- Geen enkele bepaling verleent aan het vonnisgerecht de bevoegdheid om uitspraak te doen over de wettigheid van een verwijzingsbeslissing van het onderzoeksgerecht.
- Het komt het vonnisgerecht evenwel toe vast te stellen dat de zaak niet aanhangig is gemaakt omdat de verwijzingsbeslissing door een zodanige onregelmatigheid is aangetast dat ze als onbestaande moet worden gehouden.
- De enkele omstandigheid dat een inverdenkinggestelde niet regelmatig werd opgeroepen overeenkomstig artikel 127, § 2, Wetboek van Strafvordering om voor het onderzoeksgerecht te worden gehoord over de vordering tot regeling van de rechtspleging en de daaruit voortvloeiende miskenning van het recht van verdediging van die inverdenkinggestelde houdt niet altijd en automatisch in dat dit verzuim dermate substantieel is dat de verwijzingsbeschikking daardoor voor onbestaande moet worden gehouden.
- Het staat in dat geval aan het vonnisgerecht te onderzoeken of dit verzuim ertoe heeft geleid dat het recht van verdediging van de inverdenkinggestelde daadwerkelijk en onherstelbaar werd miskend zodat de verwijzingsbeschikking voor onbestaande moet worden gehouden. Bij die beoordeling dient het vonnisgerecht meer bepaald na te gaan of het verzuim niet kon worden en werd geremedieerd door de rechten die de inverdenkinggestelde voor het vonnisgerecht kan laten gelden.
- Het arrest oordeelt op algemene wijze dat de niet-naleving van artikel 127, § 2, Wetboek van Strafvordering doordat aan de verweerder 1 geen kennis is gegeven van de dagstelling voor de raadkamer en de daaruit voortvloeiende afwezigheid van tegenspraak en de miskenning van het recht van verdediging tot gevolg heeft dat de verwijzingsakte voor onbestaande moet worden gehouden. Het laat daarbij evenwel na te onderzoeken of de niet-naleving van artikel 127, § 2, Wetboek van Strafvordering het recht van verdediging van de verweerder 1 daadwerkelijk en onherstelbaar heeft miskend.
- In zoverre het arrest oordeelt dat wat de verweerder 1 betreft de verwijzingsbeschikking van de raadkamer onbestaande is, het vaststelt dat het hof van beroep niet gevat is met de zaak en het de zaak terug ter beschikking stelt van het openbaar ministerie om te handelen als naar recht, is de beslissing niet naar recht verantwoord.
- Het arrest stelt niet vast dat de in artikel 127, § 2, Wetboek van Strafvordering bepaalde formaliteit niet werd nageleefd wat betreft de verweersters 2 tot en met 4 en dat hun recht van verdediging werd miskend. De beslissing dat wat hen betreft de verwijzingsbeschikking van de raadkamer onbestaande is, dat het hof van beroep niet gevat is met de zaak en dat de zaak terug ter beschikking wordt gesteld van het openbaar ministerie om te handelen als naar recht, is evenmin naar recht verantwoord. Middel
- Gelet op de hierna uit te spreken vernietiging, behoeft het middel geen antwoord. Omvang van de cassatie
- De bovenvermelde vernietiging tast de beslissing over de ontvankelijkheid van het hoger beroep van het openbaar ministerie niet aan. Ambtshalve onderzoek voor het overige
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest behalve in zoverre het uitspraak doet over de ontvankelijkheid van het hoger beroep van het openbaar ministerie. Verwerpt het cassatieberoep voor het overige. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest. Laat een tiende van de kosten van het cassatieberoep ten laste van de Staat. Houdt de beslissing over de overige kosten aan en laat die over aan de rechter op verwijzing. Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Antwerpen. Bepaalt de kosten op 234,55 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Antoine Lievens, Erwin Francis, Ilse Couwenberg en Eric Van Dooren, en op de openbare rechtszitting van 7 april 2020 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200407.1 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20060405.5 ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100929.1 ECLI:BE:CASS:2012:ARR.20120320.3 ECLI:BE:CASS:2015:ARR.20150930.4 ECLI:BE:CASS:2016:ARR.20160302.2 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210420.2N.4 ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210928.2N.13 ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20241105.2N.13 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div