id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 05 mei 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200505.2N.6 Rolnummer: P.18.0978.N Zaak: P. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Internationaal publiekrecht Invoerdatum: 2020-05-07 Raadplegingen: 942 - laatst gezien 2026-06-29 06:55 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Het recht op een eerlijk proces zoals gewaarborgd door artikel 6.1 en 6.3.c EVRM vereist dat aan een verdachte bijstand van een advocaat wordt verleend tijdens zijn verhoor door de politie indien hij zich in een bijzonder kwetsbare positie bevindt, wat onder meer het geval is wanneer hij van zijn vrijheid is beroofd; het is daarbij zonder belang of die vrijheidsberoving een gevolg is van de feiten waarover hij wordt verhoord dan wel van andere feiten aangezien het de vrijheidsberoving als dusdanig is die een bijzonder kwetsbare positie impliceert, zodat de omstandigheid dat een raadsman bijstand heeft verleend betreffende feiten waarvoor een verdachte van zijn vrijheid was beroofd, niet tot gevolg heeft dat hij ook bijstand heeft verleend voor de feiten waarvoor de betrokkene niet van zijn vrijheid was beroofd
(1)Cass. 30 april 2013, AR P.12.1133.N ECLI:BE:CASS:2013:ARR.20130430.2, AC 2013, nr. 269; Cass. 26 maart 2013, AR P.12.0145.N ECLI:BE:CASS:2013:ARR.20130326.3, AC 2013, nr. 210; C. VAN DE HEYNING, "Het verhoor van kwetsbare personen na de Salduz-Bis-Wet: context, controverse en uitsluiting van het bewijs", T. Strafr.2018/2, 71-91; Y. LIÉGEOIS, "De 'Salduz+' wet van 21 november 2016: een nieuw hoogtepunt in het recht van toegang tot een advocaat onder dictaat van Europa", NC 2017/2, 105-129; B. DE SMET, "De Salduz bis-wet. Een nieuwe waaier van procedurele rechten", RW 2016-17, 722; M. COLETTE, "Legitieme horizontale strafvordering en het verhoor als dwangcommunicatie. Over het strafprocesrechtelijke vrijheidsbegrip en participatie in het licht van de Salduzrechtspraak", NC 2019/3, 211-233; P. TERSAGO, "Beuze's unfortunate legacy? De nieuwe wending in de Salduz-rechtspraak kritisch besproken vanuit juridisch en empirisch perspectief", NC 2020/2, 103-
- Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Artikel 6 - Artikel 6.1 Vrije woorden: Recht op een eerlijk proces - Bijstand van een advocaat - Verhoor door de politie - Verdachte die van zijn vrijheid is beroofd - Verhoor over andere feiten dan die waarvoor hij van zijn vrijheid is beroofd - Draagwijdte - Gevolg Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Artikel 6 - Artikel 6.3 Vrije woorden: Artikel 6.3.c - Recht op een eerlijk proces - Bijstand van een advocaat - Verhoor door de politie - Verdachte die van zijn vrijheid is beroofd - Verhoor over andere feiten dan die waarvoor hij van zijn vrijheid is beroofd - Draagwijdte - Gevolg Annotaties Publicaties: Politie & Recht [P&R] - 2021, nr. 2, p. 108-
- - MERGAERTS, Lore; Noot'De loutere vrijheidsberoving van een verdachte als grond voor kwetsbaarheid' Tekst van de beslissing Nr. P.18.0978.N S. P., beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Joris Van Cauter, advocaat bij de balie Gent, met kantoor te 9000 Gent, Gustaaf Callierlaan 175, waar de eiser woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank Oost-Vlaanderen, afdeling Gent, van 4 september
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, drie middelen aan. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Alain Winants heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel Eerste onderdeel
- Het onderdeel voert schending aan van artikel 6.1 en 6.3.c EVRM, artikel 14.1 en 14.3.d IVBPR en artikel 47bis, § 6, Wetboek van Strafvordering, zoals van toepassing op 14 juli 2016, alsmede miskenning van de algemene rechtsbeginselen van het recht op een eerlijk proces en het recht van verdediging: het bestreden vonnis oordeelt ten onrechte dat de eiser zich op het ogenblik van zijn verhoor door de politie op 14 juli 2016 ondanks zijn vrijheidsberoving niet in een kwetsbare positie bevond omdat de vrijheidsberoving gebeurde voor andere feiten dan die waarover hij werd verhoord; het recht op bijstand van een advocaat en het recht op een eerlijk proces zoals gewaarborgd door artikel 6.1 en 6.3.c EVRM, zoals uitgelegd door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, vereisen dat aan een verdachte steeds bijstand wordt verleend indien deze persoon zich in een bijzonder kwetsbare positie bevindt; een verdachte die van zijn vrijheid is beroofd, bevindt zich in een bijzonder kwetsbare positie; dat is ook zo indien hij wordt verhoord over andere feiten dan die welke aanleiding hebben gegeven tot de vrijheidsberoving.
- Het recht op een eerlijk proces zoals gewaarborgd door artikel 6.1 en 6.3.c EVRM vereist dat aan een verdachte bijstand van een advocaat wordt verleend tijdens zijn verhoor door de politie indien hij zich in een bijzonder kwetsbare positie bevindt, wat onder meer het geval is wanneer hij van zijn vrijheid is beroofd. Het is daarbij zonder belang of die vrijheidsberoving een gevolg is van de feiten waarover hij wordt verhoord dan wel van andere feiten. Het is immers de vrijheidsberoving als dusdanig die een bijzonder kwetsbare positie impliceert. De omstandigheid dat een raadsman bijstand heeft verleend betreffende feiten waarvoor een verdachte van zijn vrijheid was beroofd, heeft niet tot gevolg dat hij ook bijstand heeft verleend voor de feiten waarvoor de betrokkene niet van zijn vrijheid was beroofd. Het onderdeel is in zoverre gegrond. Overige grieven
- De grieven die niet kunnen leiden tot cassatie zonder verwijzing, behoeven geen antwoord. Omvang van de cassatie
- De vernietiging van de beslissing over de gevolgen van het niet-kunnen genieten van bijstand door een raadsman leidt tot de vernietiging van de overige beslissingen van het bestreden vonnis die er een gevolg van zijn. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde vonnis. Houdt de beslissing over de kosten aan en laat die over aan de rechter op verwijzing. Verwijst de zaak naar de correctionele rechtbank Antwerpen, rechtszitting houdend in hoger beroep. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Antoine Lievens, Erwin Francis, Sidney Berneman en Eric Van Dooren, en op de openbare rechtszitting van 5 mei 2020 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Alain Winants, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200505.2N.6 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20181212.3 precedenten: ECLI:BE:CASS:2013:ARR.20130326.3 ECLI:BE:CASS:2013:ARR.20130430.2 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190619.1 ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230628.2F.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div