← België

VPLANT contra R.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 07 mei 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200507.1N.7 Rolnummer: C.19.0423.N Zaak: VPLANT contra R. Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht Invoerdatum: 2020-05-11 Raadplegingen: 1563 - laatst gezien 2026-06-29 06:58 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 De oorzaak van een overeenkomst bestaat uit de determinerende beweegredenen die elke partij ertoe hebben bewogen om de overeenkomst te sluiten en die gekend waren of behoorden te zijn aan de andere partij. Thesaurus CAS: OVEREENKOMST - BESTANDDELEN - Oorzaak Vrije woorden: Definitie Wettelijke bepalingen: oud Burgerlijk Wetboek - 21-03-1804 - Art. 1108 - 30 ELI link Pub nr 1804032150 Fiche 2 De oorzaak van een overeenkomst is ongeoorloofd wanneer zij strijdig is met de openbare orde of met dwingende wetsbepalingen, waardoor de overeenkomst nietig is en geen gevolg kan hebben. Thesaurus CAS: OVEREENKOMST - BESTANDDELEN - Oorzaak Vrije woorden: Ongeoorloofde oorzaak - Gevolg Wettelijke bepalingen: oud Burgerlijk Wetboek - 21-03-1804 - Artt. 1131 en 1133 - 30 ELI link Pub nr 1804032150 Fiche 3 De wederzijdse toegevingen die partijen bij een dading doen om een geschil te beëindigen of te voorkomen, en die een verbintenis inhouden om iets te geven, te doen of niet te doen, moeten niet noodzakelijk betrekking hebben op het geschil dat men wenst te beëindigen of te voorkomen

(1).
(1)Zie Cass. 31 oktober 2005, AR S.05.0007.F ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20051031.4, AC 2005, nr. 554; Cass. 18 mei 1995, AR C.93.0270.N ECLI:BE:CASS:1995:ARR.19950518.8, AC 1995, nr.
  1. Thesaurus CAS: DADING Vrije woorden: Wederzijdse toegevingen - Draagwijdte Wettelijke bepalingen: oud Burgerlijk Wetboek - 21-03-1804 - Art. 2044 - 30 ELI link Pub nr 1804032150 Annotaties Publicaties: T.Not.-Tijdschrift voor notarissen - 2022, nr. 6, p. 597-
  2. - DEPREZ, Bryce; VAN LOMMEL, Jo; Noot'Contracteren over bouwmisdrijven, de ene ongeoorloofde overeenkomst is de andere niet' Tekst van de beslissing Nr. C.19.0423.N VPLANT bvba, met zetel te 8531 Harelbeke, Brugsesteenweg 26A, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0829.055.733, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, tegen A. R., verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 4 januari
  3. Sectievoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Eerste advocaat-generaal Ria Mortier heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
  4. De oorzaak van een overeenkomst bestaat uit de determinerende beweegredenen die elke partij ertoe hebben bewogen om de overeenkomst te sluiten en die gekend waren of behoorden te zijn aan de andere partij. Zij is ongeoorloofd, wanneer zij strijdig is met de openbare orde of met dwingende wetsbepalingen. Een overeenkomst met een ongeoorloofde oorzaak is nietig en kan geen gevolg hebben.
  5. Een dading is een wederkerige overeenkomst tussen partijen die wederzijds toegevingen doen om een geschil te beëindigen of te voorkomen. De toegeving die een verbintenis inhoudt iets te geven, te doen of niet te doen, moet niet noodzakelijk betrekking hebben op het geschil dat men wenst te beëindigen of te voorkomen.
  6. Uit de vaststellingen van het arrest blijkt dat: - de partijen een dadingovereenkomst sloten waarbij de verweerder afstand deed van een procedure voor de raad voor vergunningsbetwistingen en de eiseres, van haar kant, de bouwovertredingen van de verweerder zou gedogen; - in deze overeenkomst ook werd voorzien in de verplichting voor de verweerder om de werf van de eiseres te voorzien van water en elektriciteit; - aan de verbintenissen van de partijen strafbedingen waren verbonden; - de verweerder volgens de eiseres in gebreke is gebleven te voldoen aan de leveringsplicht van water en elektriciteit.
  7. De appelrechter die vaststelt en oordeelt dat de partijen met het sluiten van de dadingsovereenkomst “het oogmerk hadden om een met de openbare orde strijdige toestand in stand te houden”, zodat de overeenkomst absoluut nietig is wegens een ongeoorloofde oorzaak, geeft aldus te kennen dat de overeenkomst in haar geheel behept is door een ongeoorloofde oorzaak en verantwoordt aldus naar recht zijn beslissing om de vordering tot schadevergoeding wegens de niet-nakoming door de verweerder van zijn leveringsverbintenis als ongegrond af te wijzen. Het middel kan niet worden aangenomen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiseres op 610,63 euro en op de som van 650 euro rolrecht verschuldigd aan de Belgische Staat. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, sectievoorzitter Koen Mestdagh, en de raadsheren Bart Wylleman, Ilse Couwenberg en Sven Mosselmans, en in openbare rechtszitting van 7 mei 2020 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van eerste advocaat-generaal Ria Mortier, met bijstand van griffier Vanity Vanden Hende. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200507.1N.7 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:1995:ARR.19950518.8 ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20051031.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.