id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 19 mei 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200519.2N.5 Rolnummer: P.19.1236.N Zaak: C. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-09-30 Raadplegingen: 881 - laatst gezien 2026-06-19 13:32 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Strafbaarheid wegens het niet opslagen van een wapen bij een erkend persoon of het niet overdragen van een wapen aan een erkend persoon of een persoon die is gemachtigd het wapen voorhanden te hebben vereist een wettige intrekkingsbeslissing van de gouverneur dan wel in hoger beroep van de minister van Justitie of zijn gemachtigde. Thesaurus CAS: WAPENS Vrije woorden: Vuurwapens - Vergunning - Intrekking van de vergunning - Beslissing tot intrekking - Draagwijdte Wettelijke bepalingen: Wet 8 juni 2006 houdende regeling van economische en individuele activiteiten met wapens - 08-06-2006 - Artt. 18 en 23 - 30 ELI link Pub nr 2006009449 Thesaurus CAS: MISDRIJF - ALGEMEEN. BEGRIP. MATERIEEL EN MOREEL BESTANDDEEL. EENHEID VAN OPZET Vrije woorden: Materieel bestanddeel - Wapens - Vuurwapens - Vergunning - Intrekking van de vergunning - Beslissing tot intrekking - Draagwijdte Wettelijke bepalingen: Wet 8 juni 2006 houdende regeling van economische en individuele activiteiten met wapens - 08-06-2006 - Artt. 18 en 23 - 30 ELI link Pub nr 2006009449 Fiches 3 - 5 Het arrest van de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat een administratieve akte vernietigt, heeft tot gevolg dat die akte geacht wordt niet te hebben bestaan
(1); in geval de Raad van State de in hoger beroep gewezen ministeriële beslissing tot intrekking van een wapenvergunning vernietigt ontbreekt een voor strafbaarheid vereist misdrijfbestanddeel.
(1)Cass. 2 februari 2017, AR C.14.0421.F ECLI:BE:CASS:2017:ARR.20170202.1F.1, AC 2017 nr. 79; Cass. 18 oktober 2013, AR C.12.0011.N ECLI:BE:CASS:2013:ARR.20131018.3, AC 2013, nr. 534; Cass. 6 februari 2009, AR C.08.0296.N ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090206.10, AC 2009, nr.
- Thesaurus CAS: WAPENS Vrije woorden: Vuurwapens - Vergunning - Intrekking van de vergunning - Raad van State - Vernietiging van de beslissing tot intrekking - Strafbaarheid - Gevolgen Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE Vrije woorden: Arrest - Administratieve handeling - Intrekking van wapenvergunning - Vernietiging van de beslissing tot intrekking - Strafbaarheid - Gevolgen Thesaurus CAS: MISDRIJF - ALGEMEEN. BEGRIP. MATERIEEL EN MOREEL BESTANDDEEL. EENHEID VAN OPZET Vrije woorden: Materieel bestanddeel - Wapens - Vuurwapens - Vergunning - Intrekking van de vergunning - Raad van State - Vernietiging van de beslissing tot intrekking - Strafbaarheid - Gevolgen Annotaties Publicaties: RW-Rechtskundig weekblad - 2023/24, nr. 22, p. 860-
- - DE WOLF, D.; Noot'Over de onwettigheid van een intrekkingsbeslissing van een wapenvergunning en de gevolgen hiervan voor het strafrecht' Tekst van de beslissing Nr. P.19.1236.N F. A. L. C., beklaagde, eiseres, met als raadsman mr. Chris Vandebroeck, advocaat bij de balie Leuven. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen, correctionele kamer, van 13 november
- De eiseres voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, drie middelen aan. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Bart De Smet heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
- Het middel voert miskenning aan van het algemeen rechtsbeginsel van het gezag van gewijsde erga omnes van een vernietigingsarrest van de Raad van State: het arrest veroordeelt de eiseres ten onrechte voor een inbreuk op artikel 18 Wapenwet 2006 wegens het niet-inleveren of -overdragen van wapens aan een erkend of gemachtigd persoon binnen de in een intrekkingsbeslissing bepaalde termijn; uit het arrest van de Raad van State dat de beslissing tot intrekking van de vergunning heeft vernietigd, volgt dat die beslissing moet worden geacht nooit te hebben bestaan; bijgevolg kan de eiseres artikel 18 Wapenwet 2006 niet hebben overtreden.
- Uit de artikelen 11, § 1, tweede lid, en § 2, derde lid, 13, eerste lid, en 32 Wapenwet 2006 volgt dat de gouverneur mits voldaan is aan de in die artikelen vermelde voorwaarden de vergunning of het recht betreffende een wapen kan intrekken.
- Tegen de beslissing van de gouverneur tot intrekking van een vergunning of een recht staat overeenkomstig artikel 30 Wapenwet 2006 een georganiseerd administratief beroep open bij de minister van Justitie of zijn gemachtigde. Dit beroep heeft geen schorsende werking. Ingevolge de devolutieve werking van het hoger beroep verwerft de beroepsinstantie de beslissingsmacht over de zaak zelf, op dezelfde wijze als de gouverneur. Indien het beroep ontvankelijk is, komt de beslissing van de minister van Justitie of zijn gemachtigde over de intrekking dan ook in plaats van de beslissing van de gouverneur.
- Artikel 18 Wapenwet 2006 bepaalt dat wanneer de vergunning of het recht van het voorhanden hebben van een wapen overeenkomstig artikel 11, § 1, tweede lid, of § 2, derde lid, of artikel 13, eerste lid, Wapenwet 2006 wordt ingetrokken, het wapen moet worden opgeslagen bij een erkend persoon of worden overgedragen aan een erkend persoon dan wel aan een persoon die gemachtigd is het wapen voorhanden te hebben en dit binnen de in de intrekkingsbeslissing bepaalde termijn.
- De niet-naleving van de door artikel 18 Wapenwet 2006 voorgeschreven verplichting is strafbaar met de in artikel 23 Wapenwet 2006 bepaalde straffen.
- Strafbaarheid op grond van de artikelen 18 en 23 Wapenwet 2006 vereist een wettige intrekkingsbeslissing van de gouverneur dan wel in hoger beroep van de minister van Justitie of zijn gemachtigde.
- Het arrest van de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat een administratieve akte vernietigt, heeft tot gevolg dat die akte geacht wordt niet te hebben bestaan. Daaruit volgt dan ook dat ingeval de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State de in hoger beroep gewezen ministeriële beslissing tot intrekking vernietigt, een voor strafbaarheid vereist misdrijfbestanddeel ontbreekt.
- De appelrechters oordelen als volgt: - de gouverneur heeft ingevolge een overeenkomstig artikel 32 Wapenwet 2006 uitgevoerd onderzoek bij besluit van 16 september 2014 de vergunning voor de in de telastlegging vermelde vuurwapens ingetrokken; - artikel 2 van dit besluit bepaalt dat de eiseres de vuurwapens uiterlijk binnen één maand in bewaring diende te geven bij een erkende wapenhandelaar of over te dragen aan een erkende wapenhandelaar of een persoon die houder is van een vergunning tot het voorhanden hebben van deze vuurwapens; - de eiseres heeft op 14 oktober 2014 beroep aangetekend tegen dit besluit; - de eiseres heeft de vuurwapens niet binnen de in het besluit van de gouverneur bepaalde termijn in bewaring gegeven bij een erkende wapenhandelaar of over gedragen aan een erkende wapenhandelaar of een persoon die houder is van een vergunning tot het voorhanden hebben van deze vuurwapens; - op 8 april 2015 heeft de gemachtigde van de minister van Justitie in beroep beslist tot de intrekking van de aan de eiseres verleende vergunning voor de bedoelde wapens; - op 20 december 2016 heeft de Raad van State de beslissing van 8 april 2015 vernietigd. De appelrechters die oordelen dat dit vernietigingsarrest van de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zonder invloed is op de strafbaarheid van de aan de eiseres ten laste gelegde feiten, verantwoorden die beslissing niet naar recht. Het middel is gegrond. Overige grieven
- De grieven behoeven geen antwoord. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest. Laat de kosten ten laste van de Staat. Zegt dat er geen grond is tot verwijzing. Bepaalt de kosten op 84,70 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Antoine Lievens, Erwin Francis, Ilse Couwenberg en Eric Van Dooren, en op de openbare rechtszitting van 19 mei 2020 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200519.2N.5 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090206.10 ECLI:BE:CASS:2013:ARR.20131018.3 ECLI:BE:CASS:2017:ARR.20170202.1F.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div