← België

NV De Notelaer

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 16 juni 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200616.2N.3 Rolnummer: P.19.1344.N Zaak: NV De Notelaer Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2022-04-29 Raadplegingen: 691 - laatst gezien 2026-06-19 19:44 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Door het strafbaar stellen van het zich op de openbare weg laten bevinden van een voertuig dat niet voorzien is van de door artikel 24, § 1, KB Technische Eisen Voertuigen vereiste documenten, wenste de regelgever diegene te treffen die heeft nagelaten, alhoewel daartoe gehouden, de nodige maatregelen te nemen teneinde de naleving van dit wettelijk voorschrift te verzekeren; het staat aan de rechter te oordelen of in het licht van de omstandigheden van de zaak de eigenaar van een voertuig zich schuldig heeft gemaakt aan het zich op de openbare weg laten bevinden van het voertuig zonder dat het voorzien was van de vereiste documenten; ook zij die niet de economische gebruiker zijn van het voertuig of niet de feitelijke macht over en het nut van het voertuig hebben, kunnen zich aan dit misdrijf schuldig maken. Thesaurus CAS: WEGVERKEER - ALLERLEI Vrije woorden: Reglement op de technische eisen voor voertuigen - Voertuig - Bevinden op de openbare weg - Keuringsdocumenten - Verplichting - Toerekenbaarheid Thesaurus CAS: MISDRIJF - TOEREKENBAARHEID - Algemeen Vrije woorden: Reglement op de technische eisen voor voertuigen - Voertuig - Bevinden op de openbare weg - Keuringsdocumenten - Verplichting Tekst van de beslissing Nr. P.19.1344.N DE NOTELAER nv, met zetel te 2620 Hemiksem, Heuvelstraat 146, beklaagde, eiseres, met als raadsman mr. Rudy Van Turnhout, advocaat bij de balie Antwerpen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen, van 8 november

  1. De eiseres voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Raadsheer Sidney Berneman heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Henri Vanderlinden heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
  2. Het middel voert schending aan van de artikelen 24, § 1, 26 en 81 KB Technische Eisen Voertuigen: het bestreden vonnis oordeelt ten onrechte dat de economische eigenares van een voertuig ook de economische gebruiker is die strafrechtelijk verantwoordelijk is; minstens belet de motivering van het bestreden vonnis het Hof de wettigheid van de beslissing na te gaan (eerste onderdeel); de eiseres is bovendien niet de economische gebruiker van het voertuig; enkel hij die het voertuig in het verkeer brengt met als doel het ontwikkelen van haar economische activiteiten heeft die hoedanigheid; de eiseres heeft die hoedanigheid niet (tweede onderdeel); enkel de economische gebruiker die de feitelijke macht over en het nut heeft van het voertuig is strafrechtelijk aansprakelijk; de appelrechters laten na te onderzoeken of de eiseres zowel de feitelijke macht over als het nut van de wagen had (derde onderdeel); de eiseres heeft als verhuurder van de wagen niet de feitelijke macht om de wettelijke voorschriften inzake keuring effectief na te leven (vierde onderdeel).
  3. De eiseres wordt met de telastlegging C vervolgd om onder dekking van een Belgische inschrijvingsplaat een volgens dit besluit aan de autokeuring onderworpen voertuig zich op de openbare weg te hebben laten bevinden, dat niet voorzien was van een geldig keuringsbewijs, het overeenkomstig keuringsvignet en met een zijn gebruik overeenstemmend identificatieverslag of een document "Visuele keuring van het voertuig", voor zover deze documenten zijn vereist. Deze gedraging is strafbaar gesteld door de artikelen 24, § 1, en 81 KB Technische Eisen Voertuigen en artikel 4 Wet Technische Eisen Voertuigen.
  4. Hoewel in de telastlegging C melding wordt gemaakt van artikel 26 KB Technische Eisen Voertuigen, dat bepaalt dat geen voertuig op de openbare weg mag worden gebruikt indien het inzake onderhoud en werking in een staat verkeert waarbij de verkeersveiligheid in het gedrang komt of wanneer het niet voldoet aan de bepalingen van het KB Technische Eisen Voertuigen, en dit ongeacht de keuringen uitgevoerd door de erkende instellingen, wordt de eiseres niet vervolgd voor de niet-naleving van deze bepaling van het KB Technische Eisen Voertuigen. In zoverre mist het middel feitelijke grondslag.
  5. Artikel 24, § 1, eerste lid, KB Technische Eisen Voertuigen bepaalt dat geen enkel volgens dit besluit aan de autokeuring onderworpen voertuig zich op de openbare weg mag bevinden, tenzij het voorzien is van een geldig keuringsbewijs, het overeenkomstig keuringsvignet en een met zijn gebruik overeenstemmend identificatieverslag of technische fiche en een document "Visuele keuring van het voertuig", voor zover deze documenten vereist zijn. Artikel 81 KB Technische Eisen Voertuigen bepaalt dat elke overtreding van dit besluit wordt bestraft met de straffen vastgelegd in de Wet Technische Eisen Voertuigen.
  6. Door het strafbaar stellen van het zich op de openbare weg laten bevinden van een voertuig dat niet voorzien is van de door artikel 24, § 1, KB Technische Eisen Voertuigen vereiste documenten, wenste de regelgever diegene te treffen die heeft nagelaten, alhoewel daartoe gehouden, de nodige maatregelen te nemen teneinde de naleving van dit wettelijk voorschrift te verzekeren.
  7. Het staat aan de rechter te oordelen of in het licht van de omstandigheden van de zaak de eigenaar van een voertuig zich schuldig heeft gemaakt aan het zich op de openbare weg laten bevinden van het voertuig zonder dat het voorzien was van de vereiste documenten.
  8. Ook zij die niet de economische gebruiker zijn van het voertuig of niet de feitelijke macht over en het nut van het voertuig hebben, kunnen zich aan dit misdrijf schuldig maken.
  9. In zoverre het middel uitgaat van andere rechtsopvattingen, faalt het naar recht.
  10. De appelrechters oordelen dat: - de eiseres, niettegenstaande de langdurige verhuring, de juridische en economische eigenares van het voertuig blijft; - zij dan ook strafrechtelijk verantwoordelijk is als haar voertuig zich op de openbare weg bevond zonder dat het tijdig aan de autokeuring werd onderworpen; - de omstandigheid dat er contractueel werd gestipuleerd dat de huurder dient in te staan voor deze keuring, de uitnodiging van de technische controle en het proces-verbaal werden overgemaakt aan de huurder en de werknemer van de huurder door ziekte niet tijdig naar de periodieke keuring kon, geen afbreuk doet aan het voorgaande; - niettegenstaande het de eiseres vrij staat contractueel te bepalen dat haar huurder naar de autokeuring dient te gaan, zij strafrechtelijk verantwoordelijk blijft als dit niet gebeurde en haar voertuig zich alsdan zonder geldig keuringsbewijs op de openbare weg bevond. Met deze redenen, welke het Hof niet beletten zijn wettigheidstoezicht uit te oefenen, geeft het bestreden vonnis te kennen dat de eiseres als eigenaar, alhoewel daartoe gehouden, heeft nagelaten de nodige maatregelen te nemen teneinde de naleving van het wettelijk voorschrift van artikel 24, § 1, KB Technische Eisen Voertuigen te verzekeren en verantwoordt het naar recht de schuldigverklaring van de eiseres aan het ten laste gelegde feit. In zoverre kan het middel niet worden aangenomen. Tweede middel
  11. Het middel voert schending aan van artikel 149 Grondwet: de motivering van het bestreden vonnis is onduidelijk en niet toereikend; het preciseert niet waarom de eiseres, niettegenstaande de langdurige verhuring, de economische eigenares zou zijn van het voertuig (eerste onderdeel); de appelrechters beantwoorden niet eiseres verweer dat zij niet de economische gebruiker was die de feitelijke macht over en het nut van de wagen had (tweede onderdeel).
  12. In zoverre het middel dezelfde strekking heeft als het eerste middel, is het te verwerpen om de in het antwoord op het eerste middel vermelde redenen.
  13. De motiveringsplicht van artikel 149 Grondwet houdt niet in dat de rechter moet antwoorden op elk argument van een partij dat tot staving van een middel is aangevoerd, maar geen afzonderlijk middel vormt.
  14. Met de in het antwoord op het eerste middel vermelde redenen, beantwoorden de appelrechters het door het middel bedoelde verweer, zonder dat zij dienden te antwoorden op ieder argument dat tot staving van dit verweer werd aangevoerd, zonder evenwel zelf een zelfstandig verweer te vormen. In zoverre kan het middel niet worden aangenomen. Ambtshalve onderzoek
  15. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres tot de kosten. Bepaalt de kosten op 58,55 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Sidney Berneman, Eric Van Dooren en Steven Van Overbeke, en op de openbare rechtszitting van 16 juni 2020 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Henri Vanderlinden, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200616.2N.3 Gerelateerde publicatie(s) zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200929.2N.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.