id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 23 juni 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200623.2N.14 Rolnummer: P.20.0585.N Zaak: S. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Internationaal publiekrecht Invoerdatum: 2020-07-01 Raadplegingen: 578 - laatst gezien 2026-06-20 18:09 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 De door artikel 74 Wet Strafuitvoering bepaalde procedure met het oog op het verkrijgen van een voorlopige invrijheidstelling om medische redenen is een schriftelijke procedure waarin de strafuitvoeringsrechter onderzoekt of het verzoek voldoet aan de in de artikelen 72 en 73 Wet Strafuitvoering bepaalde voorwaarden op basis van het schriftelijk verzoek van de veroordeelde of zijn vertegenwoordiger en van de in artikel 74 Wet Strafuitvoering vermelde adviezen; uit de enkele omstandigheid dat de veroordeelde in de door artikel 74 Wet Strafuitvoering bedoelde procedure niet wordt gehoord en aldus geen mondeling verweer kan voeren over de overgemaakte adviezen, kan geen miskenning van het recht op een eerlijk proces worden afgeleid
(1).
(1)Cass. 23 juni 2015, AR P.15.0788.N ECLI:BE:CASS:2015:ARR.20150623.4, AC 2015, nr.
- Thesaurus CAS: STRAFUITVOERING Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechter - Wet Strafuitvoering - Artikel 74 - Voorlopige invrijheidstelling om medische redenen - Schriftelijke procedure - Gevolg Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Artikel 6 - Artikel 6.1 Vrije woorden: Recht op een eerlijk proces - Strafuitvoering - Artikel 74 Wet Strafuitvoering - Voorlopige invrijheidstelling om medische redenen - Schriftelijke procedure - Gevolg Tekst van de beslissing Nr. P.20.0585.N H. S'B. A., veroordeelde tot een vrijheidsstraf, gedetineerd, eiser, met als raadsman mr. Jürgen Millen, advocaat bij de balie Limburg. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis van de strafuitvoeringsrechter Antwerpen van 19 mei
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Ilse Couwenberg heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Alain Winants heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
- Het middel voert miskenning aan van de algemene rechtsbeginselen van het recht op een eerlijk proces, de wapengelijkheid en het recht op bijstand van een advocaat: het vonnis wijst eisers verzoek tot voorlopige invrijheidstelling om medische redenen af zonder de eiser te horen, hoewel deze hierom heeft verzocht en zonder rekening te houden met eisers conclusie; hierdoor ontneemt de strafuitvoeringsrechter de eiser het recht om zich mondeling dan wel schriftelijk te verdedigen op de adviezen van de gevangenisdirectie en het openbaar ministerie.
- Er bestaat geen algemeen rechtsbeginsel houdende het recht op bijstand van een advocaat. Er bestaat evenmin een algemeen rechtsbeginsel houdende het recht op wapengelijkheid dat te onderscheiden is van het recht op een eerlijk proces. In zoverre het middel miskenning van die algemene rechtsbeginselen aanvoert, faalt het naar recht.
- De door artikel 74 Wet Strafuitvoering bepaalde procedure met het oog op het verkrijgen van een voorlopige invrijheidstelling om medische redenen is een schriftelijke procedure. De strafuitvoeringsrechter onderzoekt of het verzoek voldoet aan de in de artikelen 72 en 73 Wet Strafuitvoering bepaalde voorwaarden op basis van het schriftelijk verzoek van de veroordeelde of zijn vertegenwoordiger en van de in artikel 74 Wet Strafuitvoering vermelde adviezen.
- Uit de enkele omstandigheid dat de veroordeelde in de door artikel 74 Wet Strafuitvoering bedoelde procedure niet wordt gehoord en aldus geen mondeling verweer kan voeren over de overgemaakte adviezen, kan geen miskenning van het recht op een eerlijk proces worden afgeleid. In zoverre het middel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het evenzeer naar recht.
- Het vonnis verwijst uitdrukkelijk naar de "besluiten van [eisers] raadsman", waarin melding wordt gemaakt van de adviezen van de gevangenisdirectie en het openbaar ministerie en houdt aldus wel degelijk rekening met eisers schriftelijk verweer op deze adviezen. In zoverre mist het middel feitelijke grondslag. Ambtshalve onderzoek
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 5,55 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Erwin Francis, Sidney Berneman, Ilse Couwenberg en Steven Van Overbeke, en op de openbare rechtszitting van 23 juni 2020 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Alain Winants, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200623.2N.14 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2023:CONC.20231122.2F.10 precedenten: ECLI:BE:CASS:2015:ARR.20150623.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div