id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 30 juni 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2020:
Art. 2
, eerste lid - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Thesaurus CAS: GRONDWET - GRONDWET 1994 (ART. 1 TOT 99) - Artikel 14 Vrije woorden: Legaliteitsbeginsel - Strafbare gedraging - Toepassing van de strafwet in de tijd - Grenzen Wettelijke bepalingen: De gecoördineerde Grondwet 1994 - 17-02-1994 - Artt. 12, tweede lid, en 14 - 30 ELI link Pub nr 1994021048
Art. 2
, eerste lid - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Thesaurus CAS: RECHTSBEGINSELEN (ALGEMENE) Vrije woorden: Legaliteitsbeginsel - Strafzaken - Strafbare gedraging - Toepassing van de strafwet in de tijd - Grenzen Wettelijke bepalingen: De gecoördineerde Grondwet 1994 - 17-02-1994 - Artt. 12, tweede lid, en 14 - 30 ELI link Pub nr 1994021048
Art. 2, eerste lid - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Thesaurus CAS: MISDRIJF - ALGEMEEN.
BEGRIP. MATERIEEL EN MOREEL BESTANDDEEL. EENHEID VAN OPZET Vrije woorden: Legaliteitsbeginsel - Strafbare gedraging - Toepassing van de strafwet in de tijd - Grenzen Wettelijke bepalingen: De gecoördineerde Grondwet 1994 - 17-02-1994 - Artt. 12, tweede lid, en 14 - 30 ELI link Pub nr 1994021048
Art. 2
, eerste lid - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Fiches 5 - 6 Uit artikel 3, § 1, KB Technische Controle Bedrijfsvoertuigen, zoals van toepassing voor de wijziging bij Besluit van de Vlaamse Regering van 2 maart 2018, kan niet worden afgeleid dat een bedrijfsvoertuig dat aan technische keuring onderworpen is steeds moet voorzien zijn van het vereiste recente rapport van de technische controle langs de weg of van de vereiste documenten waaruit overeenstemming blijkt met de technische voorschriften welke op het voertuig van toepassing zijn
(1).
(1)Art. 3, § 1, KB Technische Controle Bedrijfsvoertuigen, zoals van toepassing voor de wijziging bij art. 9, § 1, 1° B.Vl.Reg. 2 maart
- Thesaurus CAS: WEGVERKEER - INSCHRIJVING VAN VOERTUIGEN Vrije woorden: Bedrijfsvoertuig - Technische controle langs de weg - Keuringsbewijs - Draagwijdte Wettelijke bepalingen: Wet 21 juni 1985 betreffende de technische eisen waaraan elk voertuig voor vervoer te land, de onderdelen ervan, evenals het veiligheidstoebehoren moeten voldoen - 21-06-1985 - Art. 4, § 1 - 36 ELI link Pub nr 1985014311 KB houdende invoering van de technische controle langs de weg van bedrijfsvoertuigen die ingeschreven zijn in België of in het buitenland - 01-09-2006 - Art. 3, § 1 - 34 ELI link Pub nr 2006014187 Thesaurus CAS: WEGVERKEER - ALLERLEI Vrije woorden: Technische eisen voertuigen - Bedrijfsvoertuig - Keuringsbewijs - Controle langs de weg - Bewaarplicht - Draagwijdte Wettelijke bepalingen: Wet 21 juni 1985 betreffende de technische eisen waaraan elk voertuig voor vervoer te land, de onderdelen ervan, evenals het veiligheidstoebehoren moeten voldoen - 21-06-1985 - Art. 4, § 1 - 36 ELI link Pub nr 1985014311 KB houdende invoering van de technische controle langs de weg van bedrijfsvoertuigen die ingeschreven zijn in België of in het buitenland - 01-09-2006 - Art. 3, § 1 - 34 ELI link Pub nr 2006014187 Tekst van de beslissing Nr. P.20.0355.N D. C., beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Mathias Dendievel, advocaat bij de balie West-Vlaanderen, met kantoor te 8800 Roeselare, Kolenkaai 4, waar de eiser woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank Limburg, afdeling Hasselt, van 13 februari 2020, gewezen op verwijzing na arrest van het Hof van 19 maart
- De eiser voert in een memorie grieven aan. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Bart De Smet heeft geconcludeerd. II. VOORGAANDEN
- De eiser werd vervolgd om zich te Antwerpen op 22 september 2014 te hebben schuldig gemaakt aan een overtreding op de artikelen 24, § 1, 26 en 28 KB Technische Eisen Voertuigen en artikel 4 Wet Technische Eisen Voertuigen, door onder dekking van een Roemeense inschrijvingsplaat een volgens het KB Technische Eisen Voertuigen aan autokeuring onderworpen voertuig op de openbare weg te hebben laten bevinden dat niet voorzien was van een geldig keuringsbewijs, het overeenkomstig keuringsvignet en een met zijn gebruik overeenstemmend identificatieverslag, technische fiche of een document Visuele keuring van het voertuig, voor zover deze documenten zijn vereist.
- De politierechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen, heeft de eiser bij vonnis van 17 februari 2016 schuldig verklaard aan het aldus omschreven feit en heeft hem veroordeeld tot straf. Dit vonnis werd bij vonnis van de correctionele rechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen, van 5 september 2016 bevestigd.
- Bij arrest P.16.1008.N van het Hof van 19 maart 2019 werd het vonnis van de correctionele rechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen, van 5 september 2016 vernietigd in zoverre het de eiser schuldig verklaarde aan en een straf oplegde voor de telastlegging A en hem tot kosten veroordeelde en werd de aldus beperkte zaak verwezen naar de correctionele rechtbank Limburg, rechtszitting houdend in hoger beroep.
- Het Hof oordeelde met dit arrest dat aangezien volgens artikel 2, § 1, KB Technische Eisen Voertuigen de bepalingen van het algemeen reglement toepasselijk zijn op voertuigen die rijden onder dekking van een Belgische inschrijvingsplaat en de erdoor getrokken Belgische aanhangwagens, de schuldigverklaring van de eiser die werd vervolgd om onder dekking van een Roemeense kentekenplaat een voertuig op de openbare weg te hebben laten bevinden dat niet was voorzien van een geldig keuringsbewijs wegens overtreding van de voormelde bepalingen van het KB Technische Eisen Voertuigen en de Wet Technische Eisen Voertuigen onwettig was.
- De correctionele rechtbank Limburg, afdeling Hasselt, heeft bij vonnis van 13 februari 2020 de eiser opnieuw schuldig verklaard aan het feit van de heromschreven telastlegging A en heeft hem tot straf veroordeeld. De telastlegging A werd als volgt heromschreven "te Antwerpen op 22 september 2014 Een in een E.E.R-land ingeschreven motorvoertuig, aanhangwagen, oplegger met een M.T.M. van meer dan 3,5 ton bestemd voor goederenvervoer of een motorvoertuig met meer dan 8 zitplaatsen (exclusief bestuurder) bestemd voor personenvervoer, in het verkeer te hebben gebracht zonder dat het voorzien was van een geldig rapport van de technische controle langs de weg of een document waaruit blijkt dat het bedrijfsvoertuig de verplichte controle van Richtlijn 96/96/EG van de Raad van 20 december 1996 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake de technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens heeft ondergaan of dat een of meerdere van de onderhoudsgebreken vertoont vermeld in bijlage 1, punt 10 van de bijlage bij K.B. 01.09.2006 houdende invoering van de technische controle langs de weg van bedrijfsvoertuigen die ingeschreven zijn in België of het buitenland (art. 3 § 1.2°-3° K.B. 01.09.2006 houdende invoering van de technische controle langs de weg van bedrijfsvoertuigen die ingeschreven zijn in België of in het buitenland, art. 3.1 Richtlijn 2009/40/EG van het Europees parlement en de Raad van 6 mei 2009 betreffende de technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens, art. 4 § 1 Wet 21.06.1985 betreffende de technische eisen waaraan elk voertuig voor vervoer te land, de onderdelen ervan, evenals het veiligheidstoebehoren moeten voldoen) Thans strafbaar gesteld als volgt: Een in een E.E.R-land ingeschreven bedrijfsvoertuig van de categorie M2, M3, N2, N3, O3, O4 of T (waaraan de door het ontwerp bepaalde maximumsnelheid meer dan 40 kilometer per uur bedraagt), zoals gedefinieerd in artikel 1 K.B. 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen, in het verkeer te hebben gebracht zonder dat het voorzien was van een geldig rapport van de technische controle langs de weg of een document waaruit blijkt dat het bedrijfsvoertuig de verplichte technische controle van Richtlijn 2014/45/EU heeft ondergaan of dat een of meerdere van de onderhoudsgebreken vertoont vermeld in bijlage 1, punt 3 van de bijlage bij het Besluit van de Vlaamse Regering van 2 maart 2018 betreffende de technische controle langs de weg van bedrijfsvoertuigen (Art. 8.1 Richtlijn 2014/45/EU, artikel 10.1 Richtlijn 2014/47/EU, art. 4, § 1, Wet 21 juni 1985 en art. 2, 13°;4 en 9, § 1, 1° Besl. Vl. Reg. 2 maart 2018)". Dit is het thans bestreden vonnis. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van de memorie
- Volgens artikel 429, tweede lid, Wetboek van Strafvordering mag de eiser na verloop van twee maanden die volgen op zijn verklaring van cassatieberoep geen memories of stukken meer indienen, met uitsluiting van akten van afstand of hervatting van het geding, akten waaruit blijkt dat het cassatieberoep doelloos is geworden en de noten bedoeld in artikel 1107 Gerechtelijk Wetboek. Volgens artikel 429, vijfde lid, Wetboek van Strafvordering stelt de griffier de ontvangst vast van de memories en de stukken met de vermelding van de datum ervan.
- De memorie van de eiser werd blijkens de door de griffie aangebrachte vermelding ontvangen op het Hof op woensdag 29 april 2020, dit is meer dan twee maanden na zijn verklaring van cassatieberoep van 25 februari
- De memorie is wegens laattijdigheid niet ontvankelijk. Ambtshalve middel Geschonden wettelijke bepalingen en miskend algemeen rechtsbeginsel - artikelen 12, tweede lid, en 14 Grondwet; - artikel 2, eerste lid, Strafwetboek; - het algemeen rechtsbeginsel van de legaliteit in strafzaken; - artikel 4, § 1, eerste lid, Wet Technische Eisen Voertuigen; - artikel 3, § 1, van het besluit van 1 september 2006 houdende invoering van de technische controle langs de weg van bedrijfsvoertuigen die ingeschreven zijn in België of in het buitenland, zoals van toepassing op het ogenblik van de feiten (hierna KB Technische Controle Bedrijfsvoertuigen).
- Uit de artikelen 12, tweede lid, en 14 Grondwet, artikel 2, eerste lid, Strafwetboek en het algemeen rechtsbeginsel van de legaliteit in strafzaken volgt dat de rechter een beklaagde slechts kan schuldig verklaren aan een misdrijf en daarvoor bestraffen als er een wettelijke bepaling voorhanden is die op het ogenblik van de gedraging die gedraging strafbaar stelde.
- Artikel 4, § 1, eerste lid, Wet Technische Eisen Voertuigen bestraft de overtreding van de bepalingen van deze wet en van de besluiten die betrekking hebben op de technische eisen betreffende de voertuigen voor vervoer te land, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren.
- De niet-naleving van bepalingen van een Europese richtlijn waarvan de inhoud niet is overgenomen in de Wet Technische Eisen Voertuigen of in een uitvoeringsbesluit van die wet kan niet worden bestraft op grond van artikel 4, § 1, eerste lid, Wet Technische Eisen Voertuigen.
- Artikel 3, § 1, KB Technische Controle Bedrijfsvoertuigen, zoals van toepassing op het ogenblik van de feiten, bepaalt: "§
- De technische controle bestaat uit één of meerdere van de volgende elementen: 1° de visuele inspectie van de staat van onderhoud van het bedrijfsvoertuig in stilstand; 2° de controle, hetzij van het rapport van de technische controle langs de weg, zoals bedoeld in artikel 4 van dit besluit en opgesteld in de loop van de drie voorafgaande maanden, hetzij van de documenten waaruit overeenstemming blijkt met de technische voorschriften welke op het voertuig van toepassing zijn, en meer bepaald, voor in een lidstaat ingeschreven of in het verkeer gebrachte voertuigen, de controle van het document waaruit blijkt dat het bedrijfsvoertuig de verplichte technische controle van Richtlijn 96/96/EG van de Raad van 20 december 1996 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake de technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens heeft ondergaan; 3° de inspectie om onderhoudsgebreken op te sporen. Deze inspectie heeft betrekking op één of meerdere van de in bijlage 1, punt 10, van dit besluit, vermelde punten. De inspectie van de remmen en van de uitlaatemissies wordt uitgevoerd overeenkomstig bijlage 2 van dit besluit."
- Uit de tekst van deze bepaling kan niet wordt afgeleid dat een voertuig dat overeenkomstig artikel 2, b), en c), KB Technische Controle Bedrijfsvoertuigen onder het toepassingsgebied van dit besluit valt, steeds moet voorzien zijn van een "rapport van de technische controle langs de weg, zoals bedoeld in artikel 4 van dit besluit en opgesteld in de loop van de drie voorafgaande maanden, hetzij van de documenten waaruit overeenstemming blijkt met de technische voorschriften welke op het voertuig van toepassing zijn, en meer bepaald, voor in een lidstaat ingeschreven of in het verkeer gebrachte voertuigen, de controle van het document waaruit blijkt dat het bedrijfsvoertuig de verplichte technische controle van Richtlijn 96/96/EG van de Raad van 20 december 1996 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake de technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens heeft ondergaan." Die bepaling kan dan ook niet als grondslag dienen om de eiser te veroordelen voor de feiten zoals door het bestreden vonnis heromschreven.
- Noch de verwijzing naar de Europese richtlijnen waaraan het KB Technische Controle Bedrijfsvoertuigen uitvoering geeft noch de verwijzing naar het Besluit van de Vlaamse Regering van 2 maart 2018 betreffende de technische controle langs de weg van bedrijfsvoertuigen, dat het KB Technische Controle Bedrijfsvoertuigen met ingang van 20 mei 2018 heeft vervangen en waarvan artikel 9, § 1, eerste lid, 1°, bepaalt dat voor bedrijfsvoertuigen die onder het toepassingsgebied van dit besluit vallen het meest recente keuringsbewijs of controleverslag moeten worden bewaard in het voertuig, laten toe anders te oordelen. Het bestreden vonnis dat de eiser schuldig verklaart aan de heromschreven telastlegging en hem daarvoor veroordeelt tot straf is niet naar recht verantwoord. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde vonnis. Houdt de beslissing over de kosten aan en laat die over aan de rechter op verwijzing. Verwijst de aldus beperkte zaak naar de correctionele rechtbank Oost-Vlaanderen, rechtszitting houdend in hoger beroep. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Sidney Berneman, Ilse Couwenberg en Steven Van Overbeke, en op de openbare rechtszitting van 30 juni 2020 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200630.2N.16 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2023:CONC.20230210.1N.8 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div