← België

D. contra M.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 21 september 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200921.3N.5 Rolnummer: C.19.0629.N Zaak: D. contra M. Kamer: 3N - derde kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht Invoerdatum: 2021-12-22 Raadplegingen: 721 - laatst gezien 2026-06-17 11:39 Versie(s): Vertaling FR Fiche Bij de verdeling, moet de waarde van de goederen die aanvankelijk behoorden tot het gemeenschappelijk vermogen van de echtgenoten en op het ogenblik van de verdeling, ingevolge de ontbinding van het huwelijksvermogensstelsel, afhangen van de tussen hen ontstane post-communautaire onverdeeldheid, in de regel worden bepaald op het ogenblik van de verdeling; ingeval een post-communautair onverdeelde handelszaak of vennootschapsaandelen tussen de datum van ontbinding van het huwelijksvermogensstelsel en het ogenblik van de verdeling in waarde vermeerderen of verminderen door persoonlijk professioneel toedoen van een echtgenoot, kan de meer- of minderwaarde voor rekening van die echtgenoot blijven als compensatie voor een verrekening in het kader van de beheersrekening met betrekking tot de post-communautaire onverdeeldheid. Thesaurus CAS: HUWELIJKSVERMOGENSSTELSELS - ALGEMEEN Vrije woorden: Huwelijksvermogensstelsels met gemeenschap van goederen - Ontbinding - Verdeling - Waardebepaling - Tijdstip - Meer- of minderwaarde door toedoen van een echtgenoot - Gevolg Annotaties Publicaties: Tijdschrfift voor Familierecht [T.Fam.] - 2021, nr. 4/5, p. 106-

  1. - VAN THIENEN, Annette; Noot'Verdelen en waarderen van gemeenschapsgoederen in het wettelijk stelsel. Impera et divide' Rechtspraak Antwerpen Brussel Gent [RABG] - 2021, nr. 5, p. 435-
  2. - RENIERS, Aileen; Noot''Betalen voor eigen zweet': of toch niet?' Tekst van de beslissing Nr. C.19.0629.N J.D.S., eiser, vertegenwoordigd door mr. Beatrix Vanlerberghe, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiser woonplaats kiest, tegen M.L.M., verweerster, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1170 Brussel, Terhulpensesteenweg 177/7, waar de verweerster woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 20 juni
  3. De zaak is bij beschikking van de eerste voorzitter van 12 mei 2020 verwezen naar de derde kamer. Raadsheer Sven Mosselmans heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Henri Vanderlinden heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
  4. Krachtens artikel 1427 Burgerlijk Wetboek wordt het wettelijk stelsel ontbonden door het overlijden van een van de echtgenoten, de echtscheiding of de scheiding van tafel en bed, de gerechtelijke scheiding van goederen of de overgang naar een ander huwelijksvermogensstelsel. Krachtens artikel 1278, tweede lid, Gerechtelijk Wetboek werkt het vonnis of arrest waarbij de echtscheiding wordt uitgesproken, ten aanzien van de echtgenoten, wat hun goederen betreft, terug tot op de dag waarop de vordering is ingesteld en, wanneer er meer dan één vordering is, tot op de dag waarop de eerste is ingesteld, ongeacht of zij werd toegewezen of niet. Door de ontbinding van een huwelijksvermogensstelsel met een gemeenschap van goederen, ontstaat tussen de gewezen echtgenoten een onverdeeldheid, die in de regel beheerst wordt door het gemeen recht. De in artikel 1278, tweede lid, Gerechtelijk Wetboek bedoelde retroactiviteit betreft de samenstelling van het huwelijksvermogen.
  5. Krachtens artikel 577, § 2 en § 8, Burgerlijk Wetboek worden de onverdeelde aandelen vermoed gelijk te zijn en is de verdeling van het gemeenschappelijke vermogen onderworpen aan de regels die bepaald zijn in de titel Erfenissen van dit wetboek. Krachtens artikel 890 Burgerlijk Wetboek worden, om te beoordelen of er benadeling is geweest, de onverdeelde goederen geschat op hun waarde ten tijde van de verdeling.
  6. Hieruit volgt dat, bij de verdeling, de waarde van de goederen die aanvankelijk behoorden tot het gemeenschappelijk vermogen van de echtgenoten en op het ogenblik van de verdeling, ingevolge de ontbinding van het huwelijksvermogensstelsel, afhangen van de tussen hen ontstane post-communautaire onverdeeldheid, in de regel moet worden bepaald op het ogenblik van de verdeling. Ingeval een post-communautair onverdeelde handelszaak of vennootschapsaandelen tussen de datum van ontbinding van het huwelijksvermogensstelsel en het ogenblik van de verdeling in waarde vermeerderen of verminderen door persoonlijk professioneel toedoen van een echtgenoot, kan de meer- of minderwaarde voor rekening van die echtgenoot blijven als compensatie voor een verrekening in het kader van de beheersrekening met betrekking tot de post-communautaire onverdeeldheid.
  7. De appelrechter stelt vast dat: - de eiser en de verweerster hun professionele activiteiten en inkomsten na de refertedatum en meer precies de datum van ontbinding van het huwelijksvermogensstelsel strikt gescheiden hebben gehouden in die zin dat de eiser zich exclusief heeft ingelaten met Desma Cleaning nv en Desma Industry nv en de verweerster met het Argenta-kantoor; - zowel de vennootschapsaandelen van Desma Cleaning nv en Desma Industry nv als het Argenta-kantoor behoorden tot het gemeenschappelijk vermogen van de echtgenoten en na de refertedatum een aanzienlijke meerwaarde hebben verkregen; - de meerwaarde van de vennootschapsaandelen van Desma Cleaning nv en Desma Industry nv is verkregen door persoonlijk professioneel toedoen van de eiser terwijl de meerwaarde van het Argenta-kantoor is verkregen door persoonlijk professioneel toedoen van de verweerster; - noch de eiser noch de verweerster aanspraak maken op enige verrekening omwille van beroepsactiviteiten en -inkomsten in het kader van de beheers-rekening met betrekking tot de post-communautaire onverdeeldheid. De appelrechter die oordeelt dat in de gegeven specifieke omstandigheden de meerwaarde die de vennootschapsaandelen van Desma Cleaning nv en Desma Industry nv en het Argenta-kantoor na de refertedatum hebben verkregen, respectievelijk voor rekening van de eiser en de verweerster worden gelaten, zodat met de meerwaarden geen rekening moet worden gehouden bij de verdeling, verantwoordt zijn beslissing naar recht. Het middel kan niet worden aangenomen. Dictum Het Hof, eenparig beslissend, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiser op 358,76 euro en op de som van 650 euro rolrecht verschuldigd aan de Belgische Staat. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, derde kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Geert Jocqué, als voorzitter, en de raadsheren Koenraad Moens en Sven Mosselmans, en in openbare rechtszitting van 21 september 2020 uitgesproken door sectievoorzitter Geert Jocqué, in aanwezigheid van advocaat-generaal Henri Vanderlinden, met bijstand van griffier Mike Van Beneden. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200921.3N.5 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.