id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 22 september 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200922.2N.4 Rolnummer: P.20.0452.N Zaak: BERNAERTS LBV contra V. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2022-05-10 Raadplegingen: 600 - laatst gezien 2026-06-19 19:54 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 De omstandigheid dat een cassatieberoep deels niet ontvankelijk zou zijn omdat de beslissing de vordering van een eiser deels inwilligt, kan geen afstand zonder berusting van het cassatieberoep verantwoorden; dergelijke afstand beoogt immers het veiligstellen van de mogelijkheid voor de eiser om tegen die beslissing alsnog cassatieberoep in te stellen. Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - STRAFZAKEN - Afstand - Burgerlijke rechtsvordering Vrije woorden: Afstand zonder berusting - Grenzen Fiche 2 Een burgerlijke partij die cassatieberoep wil aantekenen tegen een ten aanzien van een beklaagde bij verstek en ten aanzien van een tussengekomen verzekeraar op tegenspraak gewezen beslissing dient overeenkomstig artikel 424 Wetboek van Strafvordering het verstrijken van de gewone termijn van verzet af te wachten; het lot van de tussengekomen verzekeraar is immers wat betreft de burgerlijke rechtsvordering van de burgerlijke partij ondeelbaar verbonden met dat van de beklaagde. Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - STRAFZAKEN - Termijnen voor cassatieberoep en betekening - Burgerlijke rechtsvordering - Duur, begin en einde Vrije woorden: Uitspraak bij verstek ten aanzien van beklaagde en op tegenspraak ten aanzien van een tussengekomen partij - Gevolgen Tekst van de beslissing Nr. P.20.0452.N BERNAERTS lv, met zetel te 2990 Wuustwezel, Kalmthoutsesteenweg 251, burgerlijke partij, eiseres, met als raadsman mr. Robby Loos, advocaat bij de balie Limburg, tegen
- F J M V M, beklaagde,
- AG INSURANCE nv, met zetel te 1000 Brussel, Emile Jacqmainlaan 53, vrijwillig tussengekomen partij, verweerders. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen, van 9 maart
- De eiseres doet afstand van haar cassatieberoep zonder berusting in zoverre ge-richt tegen de beslissing waarbij haar een schadevergoeding werd toegekend van 1,00 euro voor de schade op korte termijn en die afstand is ingegeven door het niet ontvankelijk zijn van dit cassatieberoep bij gebrek aan belang. Raadsheer Antoine Lievens heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Schoeters heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Afstand
- De omstandigheid dat een cassatieberoep deels niet ontvankelijk zou zijn omdat de beslissing de vordering van een eiser deels inwilligt, kan geen afstand zonder berusting van het cassatieberoep verantwoorden. Dergelijke afstand beoogt immers het veiligstellen van de mogelijkheid voor de eiser om tegen die beslissing alsnog cassatieberoep in te stellen. De afstand wordt niet verleend. Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
- Een burgerlijke partij die cassatieberoep wil aantekenen tegen een ten aan-zien van een beklaagde bij verstek en ten aanzien van een tussengekomen verzeke-raar op tegenspraak gewezen beslissing dient overeenkomstig artikel 424 Wetboek van Strafvordering het verstrijken van de gewone termijn van verzet af te wach-ten. Het lot van de tussengekomen verzekeraar is immers wat betreft de burgerlij-ke rechtsvordering van de burgerlijke partij ondeelbaar verbonden met dat van de beklaagde.
- Het bestreden vonnis veroordeelt de verweerders in solidum tot betaling aan de eiseres van een provisionele schadevergoeding van 1,00 euro voor de schade op korte termijn voor hulp van familieleden en vrienden en van een som van 4.377,17 euro, hetzij de helft van de expertisekosten. Die beslissing werd wat betreft de beklaagde bij verstek en wat betreft de tussengekomen verzekeraar op tegenspraak gewezen. Het door de eiseres tijdens de gewone termijn van verzet ingestelde cassatieberoep is in zijn geheel niet ontvankelijk. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres tot de kosten. Bepaalt de kosten op 74,60 euro, waarvan 39,60 euro is verschuldigd. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Antoine Lievens, Erwin Francis en Eric Van Dooren, en in openbare rechtszitting van 22 september 2020 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Schoeters, met bijstand van afgevaardigd griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200922.2N.4 Gerelateerde publicatie(s) zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210420.2N.12 ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240206.2N.5 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div