id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 13 oktober 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20201013.2N.9 Rolnummer: P.20.0483.N Zaak: D. contra B. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2020-10-20 Raadplegingen: 845 - laatst gezien 2026-06-19 19:54 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 Rechtstreekse vermogensvoordelen als bedoeld in artikel 42, 3°, Strafwetboek omvatten zowel goederen en waarden als elk economisch voordeel uit een misdrijf, zij het een belastingmisdrijf, ook als ze niet in een vermogen kunnen worden geïdentificeerd en opdat de rechter de verbeurdverklaring van die vermogensvoordelen kan bevelen, is vereist dat er een causaal verband bestaat tussen het misdrijf en de vermogensvoordelen; wanneer een btw-plichtige persoon door het plegen van misdrijven van btw-valsheid en btw-fraude zoals bepaald in de artikelen 73 en 73bis Btw-wetboek minder dan de wettelijk verschuldigde btw ontvangt en doorstort aan de Staat omdat hij die btw niet aanrekent aan zijn particuliere klant, leveren die misdrijven hem geen btw-voordeel op in de zin van artikel 42, 3°, Strafwetboek
(1).
(1)Cass. 26 februari 2019, AR P.18.1041.N ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190226.3, AC 2019, nr.118. Thesaurus CAS: STRAF - ANDERE STRAFFEN - Verbeurdverklaring Vrije woorden: Witwassen - Vermogensvoordelen - Btw-wetboek - BTW-valsheid en BTW-fraude - Misbruik van de margeregeling bepaald in artikel 58, § 4, BTW-wetboek - Draagwijdte - Gevolg Wettelijke bepalingen: Strafwetboek 1867 - 08-06-1867 - Art. 42, 3° - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Wet 3 juli 1969 tot invoering van de belasting over de toegevoegde waarde - 03-07-1969 - Artt. 73 en 73bis - 32 Link Justel databank 19690703-32 Fiches 2 - 3 Indien een tussenarrest een hoger beroep ontvankelijk verklaart en een partij enkel cassatieberoep instelt tegen het eindarrest, dan kan zij in het kader van het cassatieberoep tegen dat eindarrest niet meer op ontvankelijke wijze een middel aanvoeren dat de wettigheid bekritiseert van de in het tussenarrest vervatte beslissing van ontvankelijkverklaring van het hoger beroep, waartegen zij een cassatieberoep had kunnen instellen en de omstandigheid dat de in het tussenarrest vervatte beslissing de verdere rechtsmacht bepaalt van de appelrechter, doet daaraan niets af
(1).
(1)Contra Cass. 30 maart 2010, AR P.09.1592.N ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100330.7, AC 2010, nr. 229 met concl. van advocaat-generaal P. DUINSLAEGER. Thesaurus CAS: CASSATIE - BEVOEGDHEID VAN HET HOF - Algemeen Vrije woorden: Cassatieberoep enkel gericht tegen eindarrest - Tussenarrest dat een hoger beroep ontvankelijk verklaart - Bevoegdheid en opdracht van het Hof - Draagwijdte - Gevolg Thesaurus CAS: CASSATIEMIDDELEN - STRAFZAKEN - Verband met bestreden beslissing Vrije woorden: Cassatieberoep enkel gericht tegen eindarrest - Tussenarrest dat een hoger beroep ontvankelijk verklaart - Ontvankelijkheid - Draagwijdte - Gevolg Annotaties Publicaties: Tijdschrift voor strafrecht [T.Strafr.] - 2021, nr. 2, p. 91-
- - VANDEUREN, Jacques; Noot'Niet elk (btw-) voordeel levert een vermogensvoordeel op in de zin van artikel 42, 3°, Sw' Tekst van de beslissing Nr. P.20.0483.N M. J. D., beklaagde, eiser, met als raadslieden mr. Hans Van Bavel en mr. Elisabeth Baeyens, advocaten bij de balie Brussel, tegen BELGISCHE STAAT, fod Financiën, voor wie optreedt de gewestelijk directeur van de btw, registratie en domeinen, met zetel te 9300 Aalst, Dr. André Sierensstraat 16 bus 1, burgerlijke partij, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent, correctionele kamer, van 25 maart
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Raadsheer Erwin Francis heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Alain Winants heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
- Het middel voert schending aan van de artikelen 42, 3°, en 43bis Strafwetboek en de artikelen 58, § 4, en 73 Btw-wetboek: het arrest beveelt ten laste van de eiser onder meer de bijzondere verbeurdverklaring van “een onrechtmatig btw-voordeel” van 36.660,41 euro, voortspruitend uit de telastlegging E; het oordeelt dat de telastlegging E immers inherent is aan de telastleggingen A.VI, A.X, A.XI en A.XIV; dergelijke inbreuk op de artikelen 58, § 4, en 73 Btw-wetboek resulteert echter niet in een vermogensvoordeel in de zin van artikel 42, 3°, Strafwetboek; bij gebrek aan aangerekende en dus ontvangen btw kan er immers geen sprake zijn van enig economisch voordeel bestaande in het niet doorstorten van de btw; aldus miskent het arrest het begrip vermogensvoordeel.
- Rechtstreekse vermogensvoordelen als bedoeld in artikel 42, 3°, Strafwetboek omvatten zowel goederen en waarden als elk economisch voordeel uit een misdrijf, zij het een belastingmisdrijf, ook als ze niet in een vermogen kunnen worden geïdentificeerd. Opdat de rechter de verbeurdverklaring van die vermogensvoordelen kan bevelen, is vereist is dat er een causaal verband bestaat tussen het misdrijf en de vermogensvoordelen.
- De margeregeling bepaald in artikel 58, § 4, Btw-wetboek houdt een bijzondere belastingheffing in voor belastingplichtige wederverkopers van tweedehandse goederen, waarbij de btw niet wordt aangerekend op de totale verkoopprijs van die goederen, maar enkel op de gerealiseerde winstmarge.
- Onder de telastleggingen A.VI, A.X, A.XI en A.XIV is de eiser vervolgd voor valsheid in geschriften en gebruik van valse stukken in de zin van artikel 73bis Btw-wetboek wegens het opstellen van fictieve facturen die ten onrechte toepassing maken van de margeregeling inzake btw, met het bedrieglijk oogmerk om voor Car Dealer Belgium bvba geen Belgische btw aan de particuliere afnemers te moeten aanrekenen en doorstorten aan de Belgische Schatkist. Onder de telastlegging E is de eiser vervolgd voor fraude in de zin van artikel 73 Btw-wetboek wegens het ten onrechte gebruik maken van de margeregeling omschreven in artikel 58, § 4, Btw-wetboek met betrekking tot de aankopen en verkopen door Car Dealer Belgium bvba, omschreven onder de telastleggingen A.VI, A.X, A.XI en A.XIV, waarbij een onrechtmatig btw-voordeel ten bedrage van 36.660,41 euro werd gerealiseerd. Het arrest verklaart de eiser schuldig aan die telastleggingen en beveelt te zijnen laste de verbeurdverklaring van het vermelde bedrag van 36.660,41 euro als een vermogensvoordeel verkregen uit de telastlegging E.
- Wanneer een btw-plichtige persoon door het plegen van misdrijven van btw-valsheid en btw-fraude minder dan de wettelijk verschuldigde btw ontvangt en doorstort aan de Staat omdat hij die btw niet aanrekent aan zijn particuliere klant, leveren die misdrijven hem geen btw-voordeel op in de zin van artikel 42, 3°, Strafwetboek. Het arrest dat anders oordeelt en lastens de eiser de verbeurdverklaring beveelt van de niet-aangerekende btw, verantwoordt die beslissing niet naar recht. Het middel is gegrond. Tweede middel
- Het middel voert schending aan van artikel 203 Wetboek van Strafvordering: in het tussenarrest van 20 maart 2019 verklaren de appelrechters het hoger beroep van de verweerder van 9 juni 2016 tegen het beroepen vonnis van 9 mei 2016 ontvankelijk, hoewel dat hoger beroep niet is ingesteld binnen de dertig dagen na het beroepen vonnis.
- Indien een tussenarrest een hoger beroep ontvankelijk verklaart en een partij enkel cassatieberoep instelt tegen het eindarrest, dan kan zij in het kader van het cassatieberoep tegen dat eindearrest niet meer op ontvankelijke wijze een middel aanvoeren dat de wettigheid bekritiseert van de in het tussenarrest vervatte beslissing van ontvankelijkverklaring van het hoger beroep, waartegen zij een cassatieberoep had kunnen instellen. De omstandigheid dat de in het tussenarrest vervatte beslissing de verdere rechtsmacht bepaalt van de appelrechter, doet daaraan niets af. Het middel is niet ontvankelijk. Ambtshalve onderzoek voor het overige
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Omvang van de cassatie
- De vernietiging van het arrest voor wat betreft de onwettig bevonden verbeurdverklaring laat de overige beslissingen van het arrest onaangetast. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest in zoverre dat lastens de eiser de bijzondere verbeurdverklaring beveelt van vermogensvoordelen voor een bedrag van 36.660,41 euro, verkregen uit de telastlegging E. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest. Verwerpt het cassatieberoep voor het overige. Veroordeelt de eiser tot vijf zesden van de kosten van zijn cassatieberoep. Houdt de beslissing over de overige kosten aan en laat die over aan de rechter op verwijzing. Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Antwerpen. Bepaalt de kosten op 430,81 euro waarvan 286,00 euro is verschuldigd. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Erwin Francis, Sidney Berneman en Steven Van Overbeke, en in openbare rechtszitting van 13 oktober 2020 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Alain Winants, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20201013.2N.9 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2025:CONC.20250527.2N.31 precedenten: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100330.7 ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190226.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div