id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 27 oktober 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20201027.2N.13 Rolnummer: P.20.0996.N Zaak: L. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2022-06-16 Raadplegingen: 770 - laatst gezien 2026-06-20 17:39 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 De afwijzing van een ontvankelijk verzoek tot het verkrijgen van de strafuitvoeringsmodaliteit van de voorlopige invrijheidstelling met het oog op verwijdering van het grondgebied of met het oog op overlevering is slechts regelmatig met redenen omkleed indien de strafuitvoeringsrechtbank duidelijk vaststelt dat er tegenaanwijzingen bestaan die betrekking hebben op één of meerdere van de in artikel 47, § 2, Wet Strafuitvoering vermelde gronden en zij de van toepassing zijnde gronden bovendien ook uitdrukkelijk vermeldt
(1); bij het oordeel of er tegenaanwijzingen bestaan die betrekking hebben op het risico van het plegen van nieuwe ernstige feiten als bedoeld door artikel 47, § 2, 2°, Wet Strafuitvoering kan de strafuitvoeringsrechtbank wel degelijk de aard van de feiten betrekken waarvoor een veroordeelde zijn straf uitvoert.
(1)Cass. 29 september 2020, AR P.20.0918.N ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200929.2N.10, AC 2020, nr.
- Thesaurus CAS: STRAFUITVOERING Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechtbank - Strafuitvoeringsmodaliteiten - Tegenaanwijzingen - Motivering - Redenen Wettelijke bepalingen: Wet 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten - 17-05-2006 - Art. 47, § 2 - 35 ELI link Pub nr 2006009456 Fiche 2 Noch artikel 149 Grondwet noch enige bepaling van de Wet Strafuitvoering verplichten de strafuitvoeringsrechtbank die het bestaan aanneemt van tegenaanwijzingen als bedoeld in artikel 47, § 2, Wet Strafuitvoering, bovendien vast te stellen dat daaraan niet kan worden tegemoet gekomen door het opleggen van bijzondere voorwaarden, behoudens daartoe strekkende conclusie. Thesaurus CAS: STRAFUITVOERING Vrije woorden: Strafuitvoeringsmodaliteiten - Tegenaanwijzingen - Beoordeling - Draagwijdte - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wet 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten - 17-05-2006 - Art. 47, § 2 - 35 ELI link Pub nr 2006009456 De gecoördineerde Grondwet 1994 - 17-02-1994 - Art. 149 - 30 ELI link Pub nr 1994021048 Tekst van de beslissing Nr. P.20.0996.N K. L., veroordeelde tot vrijheidsstraf, gedetineerd, eiser, met als raadsman mr. Emily De Ceuninck, advocaat bij de balie Gent. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis van de strafuitvoeringsrechtbank Antwerpen van 28 september
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Schoeters heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel Eerste onderdeel
- Het onderdeel voert schending aan van artikel 149 Grondwet, artikel 195 Wetboek van Strafvordering en de artikelen 26, § 2, a), en 47, § 2, Wet Strafuitvoering: het vonnis stelt enkel vast dat er tegenaanwijzingen bestaan in verband met het risico op het plegen van nieuwe ernstige strafbare feiten, zonder evenwel die tegenaanwijzingen te preciseren, zoals nochtans vereist; een verwijzing naar de aard van de feiten voldoet daar niet aan; uit de stukken van het dossier en de door de eiser neergelegde stukken blijkt dat de eiser bij een verwijdering opnieuw zijn intrek kan nemen in Londen en dat hij er voltijds aan de slag kan als chef-kok.
- Artikel 195 Wetboek van Strafvordering is niet van toepassing op de strafuitvoeringsrechtbanken, die immers geen veroordelende vonnissen uitspreken zoals bedoeld door deze bepaling. In zoverre het onderdeel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het naar recht.
- In zoverre het onderdeel verplicht tot een onderzoek van feiten, waartoe het Hof geen bevoegdheid heeft, is het niet ontvankelijk.
- De afwijzing van een ontvankelijk verzoek tot het verkrijgen van de strafuitvoeringsmodaliteit van de voorlopige invrijheidstelling met het oog op verwijdering van het grondgebied of met het oog op overlevering is slechts regelmatig met redenen omkleed indien de strafuitvoeringsrechtbank duidelijk vaststelt dat er tegenaanwijzingen bestaan die betrekking hebben op één of meerdere van de in artikel 47, § 2, Wet Strafuitvoering vermelde gronden en zij de van toepassing zijnde gronden bovendien ook uitdrukkelijk vermeldt.
- Het vonnis stelt vast dat de bedoelde strafuitvoeringsmodaliteit stuit op tegenindicaties in verband met het risico van het plegen van nieuwe ernstige strafbare feiten. Aldus stelt het wel degelijk vast dat er tegenaanwijzingen bestaan die betrekking hebben op de door artikel 47, § 2, 2°, Wet Strafuitvoering bedoelde grond. In zoverre berust het onderdeel op een onjuiste lezing van het vonnis en mist het feitelijke grondslag.
- Bij het oordeel of er tegenaanwijzingen bestaan die betrekking hebben op het risico van het plegen van nieuwe ernstige feiten als bedoeld door artikel 47, § 2, 2°, Wet Strafuitvoering kan de strafuitvoeringsrechtbank wel degelijk de aard van de feiten betrekken waarvoor een veroordeelde zijn straf uitvoert. In zoverre het onderdeel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het naar recht.
- Het vonnis oordeelt dat gelet op de aard van de feiten, die nader worden beschreven, het recidiverisico hoog wordt ingeschat en dat op die grond de bedoelde strafuitvoeringsmodaliteit stuit op de tegenindicatie in verband met het risico op het plegen van nieuwe ernstige strafbare feiten. Aldus is de beslissing regelmatig met redenen omkleed en naar recht verantwoord. In zoverre kan het onderdeel niet worden aangenomen. Tweede onderdeel
- Het onderdeel voert schending aan van artikel 149 Grondwet, artikel 195 Wetboek van Strafvordering en de artikelen 26, § 2, a), en 47, § 2, Wet Strafuitvoering: het vonnis laat na, hoewel dit expliciet in de wet wordt bepaald, aan te geven dat ook door het opleggen van bijzondere voorwaarden niet aan de tegenaanwijzingen kan worden tegemoet gekomen.
- Artikel 195 Wetboek van Strafvordering is niet van toepassing op de strafuitvoeringsrechtbanken, die immers geen veroordelende vonnissen uitspreken zoals bedoeld door deze bepaling. In zoverre het onderdeel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het naar recht.
- Noch artikel 149 Grondwet noch enige bepaling van de Wet Strafuitvoering verplichten de strafuitvoeringsrechtbank die het bestaan aanneemt van tegenaanwijzingen als bedoeld in artikel 47, § 2, Wet Strafuitvoering, bovendien vast te stellen dat daaraan niet kan worden tegemoet gekomen door het opleggen van bijzondere voorwaarden, behoudens daartoe strekkende conclusie. In zoverre het onderdeel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het naar recht. Ambtshalve onderzoek
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 0 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Antoine Lievens, Erwin Francis, Ilse Couwenberg en Eric Van Dooren, en in openbare rechtszitting van 27 oktober 2020 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Schoeters, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20201027.2N.13 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200929.2N.10 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20211019.2N.20 ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230117.2N.7 ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231121.2N.9 ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240206.2N.4 ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240507.2N.11 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div