id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Conclusie van het Openbaar Ministerie van 11 mei 2020 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2020:CONC.20200511.3N.1 Vervangt nummer: ECLI:BE:CASS:2020:CONC.20200511.3 Rolnummer: S.19.0025.N Kamer: 3N - derde kamer Rechtsgebied: Arbeidsrecht Invoerdatum: 2020-06-04 Raadplegingen: 391 - laatst gezien 2026-06-28 12:18 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200511.3N.1 Fiches 1 - 2 Het ressort van een paritair comité wordt in de regel bepaald door de hoofdactiviteit van de betrokken onderneming, tenzij het oprichtingsbesluit een ander criterium bepaalt; op grond van de redenen waaruit blijkt dat de werkgever het opgehaalde organisch materiaal niet alleen vermaalt, cuttert en eventueel vermengt, maar het bovendien invriest vooraleer het te leveren aan de producenten van huisdierenvoeding, kon het arrest niet wettig oordelen dat de verweerster de door haar verhandelde producten geen bewerking doet ondergaan die meer arbeid vereist dan die welke noodzakelijk is voor de verpakking ervan
(1).
(1)Zie andersluidende concl. OM. Thesaurus CAS: PARITAIR COMITE Vrije woorden: Ressort - Wijze van bepaling Wettelijke bepalingen: KB 6 augustus 1973 tot oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid - 06-08-1973 - Art. 1 - 02 ELI link Pub nr 1973080603 KB 21 april 1975 tot oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de bedienden uit de voedingsnijverheid en tot vaststelling van het aantal leden ervan - 21-04-1975 - Art. 1 - 02 ELI link Pub nr 1975042108 Vrije woorden: Ressort - Paritair comité voor de voedingsnijverheid - Bevoegdheid - Draagwijdte Wettelijke bepalingen: KB 6 augustus 1973 tot oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid - 06-08-1973 - Art. 1 - 02 ELI link Pub nr 1973080603 KB 21 april 1975 tot oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de bedienden uit de voedingsnijverheid en tot vaststelling van het aantal leden ervan - 21-04-1975 - Art. 1 - 02 ELI link Pub nr 1975042108 Tekst van de conclusie S.19.0025.N Conclusie van advocaat-generaal Vanderlinden: 1. Eiser tot cassatie komt op tegen een arrest gewezen door het Arbeidshof Antwerpen, afdeling Hasselt op 26 oktober 2018. Door eiser wordt er één middel aangevoerd. 2. Wat betreft eerste onderdeel. a. Probleemstelling Het probleem dat aan de orde is in het eerste onderdeel betreft de vraag onder welk paritair comité de werknemers van verweerster dienen te worden ondergebracht. De appelrechters oordeelden dat voor wat betreft de arbeiders het PC 119 van toepassing is, terwijl voor de bedienden, bij gebrek aan een specifiek PC voor bedienden en hun werkgevers in de sectoren van het PC 119
(1), het aanvullend PC 200
(2)van toepassing is. Eiser meent evenwel dat, respectievelijk, de PC's 118
(3)en 220
(4)van toepassing zijn. b. Beoordeling. Het onderdeel kan niet worden aangenomen. Ingevolge artikel 35 van de CAO-wet kan de Koning op eigen initiatief of op verzoek van een of meer organisaties, paritaire comités van werkgevers en werknemers oprichten, en bepaalt Hij welke personen, welke bedrijfstak of ondernemingen en welk gebied tot het ressort van elk comité behoren. Uit uw rechtspraak komt naar voor dat het ressort van een paritair comité, in de regel, wordt bepaald door de hoofdactiviteit van de betrokken onderneming, tenzij het oprichtingsbesluit een ander criterium bepaalt.
(5)Dus bij veelvuldige activiteiten geldt derhalve, in beginsel de hoofdactiviteit behalve indien de regelgeving een ander criterium vaststelt, bijvoorbeeld de gebruikelijke activiteit. De hoofdactiviteit is diegene die het bestaan van de onderneming verrechtvaardigt, dus de ondernemingsactiviteit. Deze onderscheidt zich van de "bedrijfsfunctie", dit zijn de verschillende deelactiviteiten waarvan de samensmelting leidt tot de ondernemingsactiviteit
(6)-
(7). Eiser tot cassatie stelt dat de appelrechter ten onrechte overging tot het, voor de arbeiders, toepasbaar verklaren van PC
- Volgens eiser kan het standpunt van het bestreden arrest dat het PC 119 een ruimer toepassingsgebied heeft dan PC 118, in zoverre dat dit laatste "o.m. focust op de productie van voerder, hetgeen [verweerster] niet doe", niet gevolgd worden. Eiser stelt dat het gegeven dat verweerster zelf geen voeder produceert niet naar recht kan verantwoorden dat het PC 118 niet van toepassing is omdat het bevoegdheidsressort van dit PC ruimer is dan het louter produceren van voeder doch ook activiteiten omvat die voorafgaan aan het productieproces als zodanig. Zo verwijst eiser naar de omschrijving, in PC 118, naar de activiteit van de bedrijfssector veevoeders. In het bijzonder naar het onderdeel betreffende "het schoonmaken van allerlei afval voor veevoeder". Eiser wijst erop dat dit voorbereidende handelingen/bewerkingen betreft die de grondstof voor veevoeder moet ondergaan voordat het veevoeder kan geproduceerd worden. Eiser voert vervolgens aan dat de activiteiten van verweerster (vermalen en cutten en eventueel vermengen/mix maken, met toevoeging van water, en vervolgens invriezen) handelingen zijn die het slachtafval dient te ondergaan alvorens het gebruikt kan worden als grondstof voor de productie van voeder voor huisdieren. Zodat verweerster handelingen of bewerkingen uitvoert die noodzakelijk voorafgaan aan de productie van voeder voor huisdieren zodat haar activiteiten aanleunen bij ondernemingen die actief zijn in de sector van "voeder voor huisdieren (petfoods)", waardoor ze onder het toepassingsgebied van het PC 118 ressorteert. De visie van eiser tot cassatie kan niet bijgetreden worden. In de bestreden beslissing, op de bladzijden 9 en 10, onder het hoofding "4.2 Toetsing in concreto", oordelen en stellen de appelrechters vast dat: - Verweerster geen voeder voor huisdieren produceert, maar enkel als tussenpersoon organisch materiaal aankoopt, het ophaalt, invriest, verpakt en doorverkoopt aan petfoodfabrikanten die er dierenvoeder mee maken. Hierdoor leunt zij aan bij de onderneming wiens uitgeoefende activiteiten betrekking hebben op "..." 15°) de handel in veevoeder, haver, oliekoeken en andere producten voor dierenvoeding (het paritair comité 119 dat een ruimer toepassingsgebied heeft dan PC 118 dat onder meer focust op de productie van voeder, hetgeen de verweerster niet doet); - opdat het paritair comité 119 van toepassing zou zijn, vereist is dat het te verhandelen product geen bewerking ondergaat die meer arbeid vereist dan die welke noodzakelijk is voor de verpakking ervan; - blijkens de fotoreportage over de ondernemingsactiviteit en de daarbij horende uitleg, die niet wordt weerlegd door de eiser, er niet altijd verhakkeld of gecut wordt. Dit gebeurt alleen maar wanneer het organisch materiaal (longstrotten kop en kalkoen) te groot is om het te verpakken; - het soms noodzakelijk verhakkelen of cutten dan ook alleen maar gebeurt met het oog op de verpakking van het te verhandelen product. Het oordeel van de eerste rechters dat het verpakken zonder bewerking/handeling niet mogelijk is, moet dan ook in die zin worden geïnterpreteerd; - er soms ook water toegevoegd wordt, weliswaar niet als ingrediënt om het product te bewerken maar wel als technisch hulpmiddel om te vermijden dat de machines zouden blokkeren bij te droog slachtafval; - er ten overvloede dient op gewezen dat "de bewerking van een product" niet automatisch wordt uitgesloten van het paritair comité 119, maar enkel die bewerking die meer arbeid vereist dan die welke noodzakelijk is voor de verpakking ervan; - het opgehaalde organisch materiaal (...) dat te groot is om als geheel verpakt en verhandeld te worden, een (verkleinings)proces (vermalen, cutten) moet ondergaan opdat het zou kunnen verpakt worden en vervolgens verkocht worden aan de petfoodfabrikanten om er petfood mee te maken. Bijgevolg is deze bewerking noodzakelijk voor de verpakking ervan en wordt deze niet uitgesloten uit het paritair comité 119; - het onbewerkt mengen en mixen van kip en kalkoen ook geen reële bewerking is of vergt van dat dierlijk bijproduct maar eveneens aanzien wordt als een (gezamenlijke) verpakkingsmanier die, weliswaar in veel mindere mate, op verzoek van het cliënteel geschiedt, zodat ook dat kadert binnen de omschrijving van het paritair comité 119; Met voormelde overwegingen oordelen de appelrechters naar recht dat de ondernemingsactiviteit van de verweerster, die bestaat uit het ophalen, invriezen en doorverkopen van slachtafval aan petfoodfabrikanten, strookt met de omschrijving van het paritair comité 119, zodat de verweerster, voor wat haar arbeiders betreft, ressorteert onder dat paritair comité. Uit de hoger aangehaalde standpunten en vaststellingen die ingenomen werden door de appelrechters blijkt duidelijk dat de activiteiten die door eiser, in de grief, worden aangehaald kaderen in de bedrijfsfunctie, dus slechts deelactiviteiten zijn van de ondernemingsactiviteit. Gelet op het voorgaande, oordelen de appelrechters dan ook terecht dat het paritair comité bedienden het aanvullend PC 200 is.
- Wat betreft het tweede onderdeel. In het tweede onderdeel betoogt eiser dat het rechtsbegrip "bewerking ... die (niet) meer arbeid vereist dan noodzakelijk is voor de verpakking" strikt dient geïnterpreteerd te worden in die zin dat de "bewerking" een noodzakelijke verpakkingsactiviteit dient uit te maken. Ik meen dat het standpunt van eiser faalt naar recht. De omschrijving die voorkomt in artikel 1, §1, eerste lid, 1° van het KB van 14 maart 1973, te weten "zonder deze producten en bewerking te doen ondergaan die meer arbeid vereist dan noodzakelijk is voor de verpakking ervan" beperkt zich niet tot het verpakken zelf. Deze bepaling dient in die zin geïnterpreteerd te worden dat de handelingen die de verpakking vooraf gaan, meer in het bijzonder, zoals bij voorbeeld het qua omvang door een verkleiningsproces geschikt maken voor verpakking hieronder begrepen is. Het standpunt van eiser zou ertoe leiden dat de voormelde specificering overbodig is. Het is echter slechts indien het zich onderscheid van het "verpakken" dat de betrokken zinsnede in het aangehaalde artikel zinvol is.
- Wat betreft het derde onderdeel. Het derde onderdeel is afgeleid en dienvolgens niet ontvankelijk. Conclusie: verwerping. _________________________
(1)KB 14 maart 1973 tot oprichting en vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de handel in voedingswaren.
(2)KB 4 november 1974 tot oprichting en vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden.
(3)KB 6 augustus 1973 tot oprichting en vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid.
(4)KB 21 april 1975 tot oprichting en vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de bedienden uit de voedingsnijverheid en tot vaststelling van het aantal leden ervan.
(5)Cass. 16 maart 2015, AR S.13.0088.F ECLI:BE:CASS:2015:ARR.20150316.4, AC 2015, nr. 200; Cass 18 januari 2010, AR S.08.0150.N ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100118.2, AC 2010, nr. 44; Cass. 22 december 2003, AR S.03.0060.F ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20031222.6, AC 2003, nr. 666.
(6)Ph. BRAEKMANS, Wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités - Overzicht van wetgeving, rechtspraak en rechtsleer 2002-2009, Or. 2010, nr. 1, p. 29; V. VANNES, Identification de la commission paritaire compétente envers les entreprises concerées, Ors, 2010, nr. 4, p. 6 en H. BOCKSTEINS en H. BUYSENS, De afbakening van de bevoegdheden van de paritaire comités, in Actuele problemen van het arbeidsrecht 3, Kluwer, Antwerpen, 1990, p. 148.
(7)Onderscheid dat de appelrechters tevens onder de aandacht brengen (pagina 8 van de bestreden beslissing, in fine). PDF document ECLI:BE:CASS:2020:CONC.20200511.3N.1 Gerelateerde publicatie(s) Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200511.3N.1 citeert: ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20031222.6 ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100118.2 ECLI:BE:CASS:2015:ARR.20150316.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div